Publicaties
Top Keywords
- Annotaties (57)
- Art. 10 EVRM (25)
- Auteursrecht (518)
- Bescherming van communicatie (20)
- Consumentenrecht (22)
- Content moderation (22)
- Databankenrecht (25)
- Digital Services Act (DSA) (31)
- EU (19)
- EU law (25)
- Freedom of expression (49)
- Fundamental rights (18)
- GDPR (22)
- Grondrechten (421)
- Industriële eigendom (38)
- Informatierecht (37)
- Intellectual property (30)
- Intellectuele eigendom (425)
- Internet (24)
- Journalistiek (33)
- Kluwer Information Law Series (43)
- Kronieken (18)
- Media law (29)
- Mediarecht (378)
- Mensenrechten (18)
- Merkenrecht (21)
- Naburige rechten (20)
- Omroeprecht (28)
- Online platforms (20)
- Overheidsinformatie (53)
- Personal data (35)
- Persrecht (41)
- Platforms (24)
- Privacy (327)
- Regulering (20)
- Technologie en recht (75)
- Telecommunicatierecht (127)
- Text and Data Mining (TDM) (21)
- Transparency (19)
- Vrijheid van meningsuiting (198)
De regulering van media in internationaal perspectief external link
Annotatie bij Hof Amsterdam 30 september 2004 ((T-Mobile / ID&T Mobile)) external link
Abstract
Bij de beoordeling van verwarringsgevaar dient niet beslissend te zijn de door de inbreukmaker zelf gebezigde uitingen, maar komt het aan op het normale gebruik van het teken. Het hof kan dan ook voorbijgaan aan marktonderzoek dat uitsluitend gebaseerd is op de website en op commercials van de inbreukmaker.
Industriële eigendom, Merkenrecht
RIS
Bibtex
Annotatie bij Rb. ‘s-Gravenhage 15 september 2004 ((Caris / EON)) external link
Abstract
Aantasting in de zin van art. 25 lid 1 sub d Aw. Toewijzing van de vordering tot herstel van het werk betreft een discretionaire bevoegdheid van de rechter en kan niet los worden gezien van de context waarbinnen bedoelde schade is opgetreden. Gelet op de discrepantie tussen het gevorderde herstel en het recht van de eigenaar van een stoffelijk exemplaar van een werk om onder bepaalde voorwaarden tot sloop over te gaan, zolang dat niet onrechtmatig is te achten, acht de rechtbank herstel geen passende vorm van redres.
Auteursrecht, Intellectuele eigendom
RIS
Bibtex
Annotatie bij Vzngr. Rb. ‘s-Gravenhage 12 november 2004 ((Pretium Telecom / Yiggers Nederland)) external link
Abstract
Gebruik van merk en handelsnaam van een ander als zoekwoord niet op zichzelf onrechtmatig, maar wel indien aan zoekwoord advertentie van die gebruiker wordt gekoppeld. Het niet onder eigen naam doen van mededelingen over de concurrent is onrechtmatig. Waarschuwingen met betrekking tot aanbod van concurrent niet onrechtmatig indien de gemaakte vergelijking verder inhoudelijk juist is.
Industriële eigendom, Merkenrecht
RIS
Bibtex
Annotatie bij Reclame Code Commissie 21 december 2004 (STIVA / STAP) external link
Abstract
Klacht van de Stichting Verantwoord Alcoholgebruik tegen posters van de Stichting Alcoholpreventie. De posters, bedoeld om kinderen af te houden van alcoholgebruik, vertonen beelden van alcohol drinkende kinderen. Gelet op de context is terecht geoordeeld dat er geen sprake is van een aanmoediging om alcohol te drinken en is het niet nodig om nog eens afzonderlijk te beoordelen of er sprake is van strijd met artikel 13 lid 1 NRC (misleiding in reclame gericht op kinderen).
RIS
Bibtex
‘Kroniek Reclamerecht en Oneerlijke Mededinging 2004’ external link
Annotatie bij Arr. Rb. Amsterdam 20 oktober 2004 ((Tuijnman / Stichting Het Woningbedrijf Amsterdam)) external link
Abstract
Verzet van architect tegen aantasting van zijn werk. Beoordeling op contractuele gronden (art. 6:2 en 6:248 BW), op rechtsverwerking en op artikel 25 lid 1 sub d Aw. Vordering tot herstel in de oude toestand onder toekenning van nieuwe opdracht aan architect afgewezen. Schadevergoeding als gevolg van aantasting van persoonlijkheidsrechten op € 10.000 vastgesteld.
Auteursrecht, Intellectuele eigendom
RIS
Bibtex
Annotatie bij Vzngr. Rb. Amsterdam 13 januari 2005 ((McDonald’s / Burger King)) external link
Abstract
Art. 13A lid 1 sub d BMW en art. 6:194 lid 2 sub e BW. Vergelijkende reclame waarin een Advertising Property (de clown van McDonald's) van de concurrent wordt gebruikt. Deze vertoont te weinig verwantschap met het merk zoals gedeponeerd om inbreuk op het merkrecht van de concurrent aan te nemen. Het stiekeme optreden van de clown in de winkel van de adverteerder maakt de concurrent belachelijk en is onrechtmatig als een vorm van kleinerende reclame. De prijsvergelijking zelf is rechtmatig.