1. Niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers
gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders
verantwoordelijkheid volgens de wet.
2. De wet stelt regels
omtrent radio en televisie. Er is geen voorafgaand toezicht op
de inhoud van een radio- of televisieuitzending.
3. Voor het openbaren van
gedachten of gevoelens door andere dan in de voorgaande leden
genoemde middelen heeft niemand voorafgaand verlof nodig
wegens de inhoud daarvan, behoudens ieders
verantwoordelijkheid volgens de wet. De wet kan het geven van
vertoningen toegankelijk voor personen jonger dan zestien jaar
regelen ter bescherming van de goede zeden.
4. De voorgaande leden zijn
niet van toepassing op het maken van handelsreclame.
|