|
|
|
|
|
Publicaties
Oud-Medewerkers
|
| Martin Senftleben,
Copyright, limitations
and the three-step test. An analysis of the Three-Step test in
International and EC Copyright Law. Information Law Series
13, Den Haag: Kluwer Law International 2004. ISBN 9041122672.
(Dissertatie Amsterdam UvA, promotores:
Prof. Dr. Thomas Dreier en
prof. mr. P.B.
Hugenholtz
03.03.2004
|
Reinier
Bakels, ‘Software:
werkwijze of voortbrengsel?’, Bijblad bij de
Industriële Eigendom 2003-10, p. 428-434.
Het onderscheid tussen
werkwijze- en voortbrengseloctrooien lijkt een
juridisch-technische kwestie van ondergeschikt belang.
In dit artikel wordt betoogd, dat het zowel om
praktische als om theoretische redenen wel degelijk van
belang is software-uitvindingen weloverwogen in het
octrooisysteem te positioneren.
03.03.2004
|
Reinier
Bakels, Van software to
erger: op zoek naar de grenzen van het octrooirecht,
Intellectuele Eigendom & Reclamerecht (IER),
2003-4, p. 213-221
03.03.2004
|
| Reinier Bakels, ‘EU
kan zonder slechte softwarepatentregeling’, geplaatst
in de rubriek Forum van de Volkskrant van 29
september 2003, p. 7
03.03.2004
|
Reinier
Bakels ‘Softwareoctrooien:
een vanzelfsprekendheid of een gevaarlijke ontaarding?’,
Computerrecht 2002-6, p. 347-352.
03.03.2004
|
Reinier Bakels,
(met L.M.C.R.
Guibault &
P.B. Hugenholtz),
‘European
Parliament Hearing on Software Patentability (Contribution
IViR)’.
03.03.2004
|
Reinier Bakels, (met
P.B. Hugenholtz),
‘The
patentability of computer programs’, studie in
opdracht van het Europees Parlement (april 2002).
Dit rapport is het
resultaat van een korte-termijn studie in opdracht van
het Europees Parlement over de vraag of het wenselijk is
om te komen tot wetgeving op Europees niveau op het
gebied van software-octrooien. Het rapport omvat
een vergelijkende analyse van het geldend recht, en van
de voor- en nadelen van software-octrooien zoals die
naar voren komen uit de huidige praktijk in de lidstaten
van de EU, de Verenigde Staten en Japan. Behalve aan
octrooien op software wordt ook aandacht besteed aan
octrooien op het nauw verwante gebied van "business
methods".
03.03.2004
|
| Reinier Bakels, ‘De
vermogensrechtelijke status van de domeinnaam bestaat niet’,
NJB 2002-9, p. 399-402.
03.04.2004
|
| Reinier Bakels, ‘Zelfregulering
of 'domeinnaamruimtelijke ordening'?’, Mediaforum
2002-2, p. 39.
03.03.2004
|
Christiaan
Alberdingk Thijm, ‘Brief
naar het front: nieuws en fair use’,
Informatierecht/AMI 1999-9, p. 143-147.
De Nederlandse regering
heeft in een brief aan de Tweede Kamer haar
auteursrechtbeleid voor de komende jaren gepresenteerd. De
regering volgt in grote lijnen het advies van de door haar
benoemde commissie auteursrecht. Zoals bekend, heeft de
commissie auteursrecht scherpe kritiek geuit op het
richtlijnvoorstel van de Europese Commissie. Het grootste
bezwaar is dat op basis van het voorstel een groot aantal
beperkingen op het auteursrecht moet worden geschrapt. In
dit artikel wordt ingegaan op één van de met doorhaling
bedreigde beperkingen, de nieuwsexceptie van artikel 15 Aw,
en op het belangrijkste punt waarop de regering afwijkt van
de commissie auteursrecht. De regering wenst het Amerikaanse
fair use beginsel in de Auteurswet in tevoeren.
30.11.1999
|
Christiaan
Alberdingk Thijm, ‘Fair
use: in weiter Ferne, so nah’, Informatierecht/AMI
1998-10, p. 176. (
ook als
pdf-bestand beschikbaar).
Prof. mr. H. Cohen Jehoram
heeft zich in reactie op het artikel ‘Fair use: het
auteursrechtelijk evenwicht hersteld’ kritisch uitgelaten
over het fair use beginsel. Alberdingk Thijm dient Cohen
Jehoram in dit naschrift van repliek.
30.11.1999
|
Christiaan
Alberdingk Thijm, ‘Fair
use: het auteursrechtelijk evenwicht hersteld’,
Informatierecht/AMI 1998-9, p. 145-154 (
ook als
pdf-bestand beschikbaar).
Het auteursrechtelijk
evenwicht is verstoord. In dit artikel wordt betoogd dat de
introductie van een flexibele open norm in de Auteurswet
1912 naar model van het Amerikaanse fair use beginsel de
rechter beter in staat stelt met zowel de belangen van
rechthebbenden als met de belangen van gebruikers rekening
te houden. Opdat het auteursrecht op harmonieuze wijze het
volgende millennium tegemoet kan treden.
30.11.1999
|
Christiaan
Alberdingk Thijm, ‘Handel
in dode auteurs leidt tot vragen’, in
Informatierecht/AMI 1997-6, p. 115-123 (
ook als
pdf-bestand beschikbaar).
Richtlijn 93/98/EEG van de
Raad betreffende de harmonisatie van de beschermingstermijn
van het auteursrecht en van bepaalde naburige rechten
(hierna: Duurrichtlijn) laat eindelijk van zich horen. Het
dilemma waarmee uitgevers van ‘herlevende auteurs’
geconfronteerd worden - betalen of niet - wordt veroorzaakt
door onduidelijk overgangsrecht. De vraag hoe moet worden
gereageerd op de grootschalige herleving van rechten wordt
niet beantwoord door de Duurrichtlijn, maar is aan de
Lid-Staten zelf overgelaten. Het onvermijdelijke gevolg
hiervan is vage interpretaties van een onduidelijke
richtlijn, die per Lid-Staat aanzienlijk uiteenlopen. Het
doel van dit artikel is meer duidelijkheid te creëren over
de praktische betekenis van het Nederlandse overgangsrecht.
30.11.1999
|
Willy Alexander, ‘Intellectual
Property and the Free Movement of Goods. The 1996 case-law of
the Court of Justice’, IIC (1998).
10.03.1998
|
Willy Alexander, ‘EG-Verordening
nr 240/96: de nieuwe groepsvrijstelling voor overeenkomsten
betreffende technologieoverdracht’, 44 SEW 304
(1996).
10.03.1998
|
Willy Alexander, ‘Toetsing
van SACEM's disco-tarieven aan artikel 86 EEG-Verdrag: een
lijdensweg’.
19.03.1998
|
Cees de Blaaij, 'Op
zoek naar…. IT en Recht, een selectie van relevante
Internetbronnen'.
Dit artikel beoogt de lezer
een helpende hand te bieden met het vinden van relevante
juridische informatiebronnen op het Internet voor wat
betreft het terrein van Informatietechnologie en Recht. De
vermelde hyperlinks zijn bij het afsluiten van het artikel
op 15 maart 1999 gecontroleerd.
25.03.1999
|
Madeleine de Cock Buning, ‘Recente
auteursrechtverdragen met onderhandelingsruimte’,
Informatie Professional 1997-2, p. 20-22.
Het WIPO
auteursrechtverdrag dat in Genève op 20 decem-ber 1996
werden aangenomen beperkt de mogelijkheden die de
digitalisering van informatie biedt minder dan aanvankelijk
verwacht. Browsen op Internet is niet zonder meer
afhankelijk van toestemming van de rechthebbende uitgever
zoals aanvankelijk voorgesteld. De positie van uitgevers aan
de ene kant en van gebruikersgroepen, zoals bibliotheken,
aan de andere kant, zal nog wel nader moeten worden
ingevuld. Daarbij zal veel afhangen van het rechterlijk
oordeel, maar ook van de onderhandelingen tussen
belanghebbenden.
06.04.1998
|
Herman
Cohen Jehoram, ‘International
exhaustion versus importation right: a murky area of
intellectual property law’, GRUR International
1996-4, p. 280-284.
Beschouwing over het
beginsel van de zgn.
(nationale/internationale/communautaire) uitputting van
intellectuele eigendomsrechten.
31.03.1998
|
Herman
Cohen Jehoram, ‘Cumulation
of Protection in the EC Design Proposals’, Herchel Smith
Lecture, held at Queen Mary and Westfield College, University
of London, at 27 April 1994.
31.03.1998
|
Marcel
Dellebeke, ‘Actualiteiten
tv-reclame en sponsoring’, IER 1995-5, p. 153-161.
11.03.1998
|
Jaap F.
Haeck, Samenvatting
van Idee en programmaformule in het auteursrecht,
Deventer: Kluwer 1998, 279 p.
31.03.1998
|
Judica I.
Krikke, ‘Het
bibliotheekprivilege in de digitale omgeving’, ITeR
deel 29 (2000). (Ook verkrijgbaar
in
zip-formaat).
Deel 29 van de ITeR
reeks gaat over het bibliotheekprivilege in de digitale
omgeving. In dit rapport evalueert Judica Krikke, in 1999
verbonden aan het Instituut voor Informatierecht van de
Universiteit van Amsterdam en daarnaast advocaat bij De
Brauw, Linklaters & Alliance, in hoeverre de
bibliotheekpraktijk wordt geraakt en in de toekomst zal
worden geraakt door het auteursrecht, de naburige rechten en
het databankenrecht. In het bijzonder wordt beschouwd welke
veranderingen de overschakeling naar een gecomputeriseerde,
on-line omgeving en daarmee verband houdende ontwikkelingen
in (internationale) regelgeving met zich meebrengen voor het
bibliotheekwezen. Behalve naar de situatie in Nederland,
wordt kort stilgestaan bij de situatie in Duitsland, Groot-
Britannië en de Verenigde Staten.
16.05.2000
|
Judica I.
Krikke, ‘Auteursrecht in de
maat, Informatierecht/AMI 1995-6, p. 103-110.
Het rigide stelsel van de
Auteurswet dreigt de ondergang van het auteursrecht te
worden. Daarom wordt wel reikhalzend uitgekeken naar het
Amerikaanse ‘fair
use’-beginsel, en door sommigen een drastische herziening
van de Auteurswet naar Amerikaans model voorgestaan. Voor we
daaraan beginnen is het echter nuttig eens te bezien of ons
eigen rechtsstelsel nog correctiemogelijkheden biedt. Het
auteursrecht is afgedwaald van het privaatrecht, waardoor
privaatrechtelijke correctiemechanismen zijn verwaarloosd.
Als we daaraan meer aandacht besteden, kan meer ruimte
worden geschapen voor gerechtvaardigde belangen van anderen,
zoals de informatievrijheid. Een flexibeler systeem zal
misschien ook kunnen voorkomen dat het auteursrecht uit zijn
voegen barst.
12.01.1999
|
W.A.M.
Steenbruggen,
Voorkomen of genezen? De zorgplicht van de ISP met betrekking
tot virussen in e-mail, afstudeerscriptie.
31.01.2001
|
Maartje L.
Verberne, ‘Veiling
perikelen’, Mediaforum 1998-2, p. 38-40.
In Nederland werd in 1998
voor het eerst de veilingprocedure voor frequenties
doorlopen en wel ten behoeve van frequenties voor
mobiele-telecommunicatienetten. In december 1997 vond de
oriënterende fase plaats en in in januari de inschrijving en
selectie van bieders, en de veiling zelf heeft in februari
1998 plaatsgevonden. In dit artikel wordt de
veilingprocedure op hoofdpunten besproken en van enkele
kritische kanttekeningen voorzien.
07.09.1999
|
|
Bijgewerkt
05.01.2006
|
|
|
|