| Anoniem communiceren
is een grondrecht. Zo langzamerhand lijkt anonimiteit
echter synoniem aan misbruik. Het debat is gereduceerd
tot de antithese privacy versus veiligheid. Het internet
verdient het dat anonimiteit een nette wettelijke
regeling krijgt. Consumenten, internet providers en
vooral het publieke debat zijn daarbij gebaat.
Vorige week rekende
de Utrechtse politie met hulp van de FBI een 45-jarige
man in die Campina afperste door toetjes te vergiftigen.
De toetjesterrorist wist de politie lang te ontlopen
door gebruik te maken van een 'anonymizer'. Dat is een
computerprogramma dat internetsporen uitwist.
Deze brute afperser
lijkt de vrees te bevestigen dat het internet
uitsluitend bevolkt wordt door pedofielen, fraudeurs en
terroristen. Al sinds de doorbraak als massamedium wordt
het internet te pas en te onpas geassocieerd met
ernstige misdrijven en het verval van normen en waarden.
De regels van het strafrecht lijken in de digitale
omgeving minder makkelijk te handhaven.
De negatieve
associaties zijn begrijpelijk en verklaarbaar. Het
internet biedt meer dan traditionele
communicatietechnologieën de mogelijkheid om met
anderen te communiceren zonder dat men de eigen
identiteit hoeft prijs te geven. De nadelen van
anonimiteit liggen voor de hand. De anonymus kan
straffeloos allerlei onzin uitkramen of zich schuldig
maken aan bedreiging en belediging. De slachtoffers van
dergelijke uitingen kunnen nergens verhaal halen. Zij
kunnen niemand ter verantwoording roepen. Dat is een
volstrekt onbevredigende uitkomst in een rechtsstaat.
Doordat een ernstig
misdrijf zoals de Campinazaak veel media-aandacht
krijgt, dreigt het probleem van de onvindbare dader al
gauw de reputatie van het medium te besmetten. Hierdoor
belandt het internet, en dan vooral de anonieme
communicatie die dit medium mogelijk maakt, zelf in de
beklaagdenbank.
Ten onrechte! De
voordelen van anonimiteit blijven vaak onderbelicht. Het
internet kan als vrij communicatiemedium alleen blijven
bestaan wanneer de onschuldige internetgebruiker het
enorme potentieel van waardevolle informatie en
communicatie kan benutten zonder gehinderd te worden
door het idee dat de overheid en andere pottenkijkers
continu over zijn schouder meegluren. Anonimiteit stelt
de gebruiker in staat zijn eigen privacy te beschermen
en verstoken te blijven van spam en allerlei andere
ongewenste informatie.
Bovendien heeft
anonimiteit een onmiskenbaar maatschappelijk nut. Het
openbare debat is gebaat bij een vrije uitwisseling van
ideeën en informatie. Allerlei kritische geluiden
zouden niet gehoord worden wanneer de afzender te allen
tijde verplicht zou zijn om zich met naam en toenaam
bekend te maken. De anonymus zal in sommige gevallen
alleen eerlijk en ongegeneerd voor zijn mening durven
uitkomen als hij niet hoeft te vrezen voor represailles
van kwaadwillende overheidsinstanties, zijn werkgever,
of de buren.
Anonimiteit is een
belangrijke waarborg voor de anonieme klokkenluider die
maatschappelijke misstanden aan de kaak stelt, voor de
vertolker van de niet politiek correcte mening en voor
de criticus van een totalitair regime in China, Birma of
Iran. Een volwassen democratische samenleving moet zo
stevig zijn dat zij anonieme uitingen niet alleen
tolereert maar ze zelfs waardeert en beschermt als
onderdeel van de meningsvorming.
Het dilemma tussen
enerzijds de roep om law and order en anderzijds
de bescherming van privacy en communicatievrijheid wordt
door de Nederlandse wetgever onvoldoende onderkend. Er
bestaat vooral een groot wettelijk vacuüm waar het de
handhaving van private belangen betreft. Dit terwijl
juist daar allerlei lastige afwegingen moeten worden
gemaakt.
Illustratief is het
offensief van de muziekindustrie, die de verspreiding
van digitale muziekbestanden probeert tegen te gaan door
internetgebruikers te ontmaskeren en te beboeten. In de
toekomst zullen zich meer van dit soort problemen voor
gaan doen. Kan iemand die zich door een uitlating op het
Internet beledigd voelt een provider via de rechter
dwingen om de identiteit van de afzender te onthullen?
En een bedrijf dat te kampen heeft met dalende
beurskoersen als gevolg van misleidende financiële tips
van een sluwe speculant? In de rechtspraak bestaat geen
duidelijkheid.
Zolang dat gat in de
regelgeving niet wordt gevuld blijven de
Internetproviders in een onaangename spagaat steken. Zij
zijn wettelijk en contractueel verplicht om de privacy
van hun klanten te beschermen maar moeten tegelijkertijd
meewerken aan de handhaving van het strafrecht en
gerechtvaardigde private belangen. Wanneer moeten zij
identificerende gegevens afgeven? Kunnen ze door hun
klanten voor de rechter worden gesleept wanneer achteraf
blijkt dat die gegevens ten onrechte werden verstrekt?
Het is tijd dat de
wetgever het belang van anonimiteit eindelijk expliciet
aanvaardt en duidelijk vastlegt. Tegelijkertijd moet
worden vastgesteld onder welke voorwaarden anonimiteit
kan worden opgeheven. Zo'n regeling moet er voor zorgen
dat anonimiteit snel kan worden opgeheven bij een
verdenking van een ernstig strafbaar feit. Maar er moet
ook een garantie bestaan dat de provider niet bij het
minste of geringste de identiteit van de surfer onthult.
Dat betekent dat als het gaat om schending van
auteursrechten eerst maar moet worden aangetoond dat het
echt noodzakelijk is de identiteit van een gebruiker te
kennen. De rechter moet dan de grondrechten van de
anonieme gebruiker afwegen tegen de mogelijke rechten
van bijvoorbeeld de muziekindustrie.
Bij gebreke van een
wettelijke regeling blijft het beeld bestaan van
cyberspace als een duistere, wetteloze plek waar de
griezels anoniem op de loer liggen. Dat beeld is net zo
symplistisch en stompzinnig als de fictie van een
utopische heilstaat waar geen overheid meer nodig is.
Verdedigers van privacy en anonimiteit verworden in de
beeldvorming al gauw tot handlangers van boeven of tot
naïeve activisten. Gewone internetgebruikers ,
providers en uiteindelijk het debat zelf zijn de
belangrijkste slachtoffers van een luie wetgever. Een
heldere anonimiteitswet moet voorkomen dat naast toetjes
ook het imago van het Internet verder vergiftigd wordt. |