|
De aanslagen van 11 september hebben een
vloedgolf aan maatregelen teweeggebracht ter voorkoming van nieuwe aanslagen.
Maar deze maatregelen kunnen de privacy en het communicatiegeheim aantasten. In
een klimaat van brandende moskeeën, oorlogsretoriek en een jihad wordt praten
over grondrechten echter al gauw bestempeld als `gemekker van de zijlijn'.
De juridische maatregelen die in de Verenigde
Staten zijn genomen in de dagen na de ramp lijken op het eerste gezicht
draconisch. Het voorstel uit de Provide Appropriate Tools Required to Intercept
and Obstruct Terrorism Act om verdachte vreemdelingen (aliens) voor onbepaalde
tijd vast te mogen houden, haalde het niet. Wel wordt het onderscheppen van
voicemails makkelijker. De afluistermogelijkheden worden uitgebreid en een
rechter krijgt minder mogelijkheden een tapverzoek te weigeren.
De Combatting Terrorism Act 2001 van 13
september is een andere nieuwe wet. De FBI mag eerder en langer aftappen. Voor
het opvragen van verkeersgegevens is geen rechterlijke toestemming nodig. Deze
gegevens omvatten mede de ingetoetste webadressen, en de routerings- en
adresseringsgevens van e-mail. Ook het onderwerp van de e-mails in de zogenaamde
subject line zou onder de nieuwe bevoegdheid kunnen vallen. Zo kan in een
oogwenk een profiel worden gemaakt van alles wat iemand online doet. Is dat
overdreven of moet Nederland volgen?
De realiteit is dat deze bevoegdheden - en meer
- in Nederland nu al aan de BVD zijn toegekend in de nieuwe Wet op de
Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (WIV). De BVD krijgt onder meer de
bevoegdheid `niet-kabelgebonden communicatie' op te vangen en te analyseren.
Voor een telefoontap is nog maar toestemming van één minister nodig in plaats
van drie onder de oude wet. Zelfs de post is niet meer heilig. Voor het eerst in
de geschiedenis krijgt de BVD het recht brieven te openen. Het is echter de
vraag of de WIV voldoet aan de eisen van het Europees Verdrag voor de Rechten
van de Mens.
Het bestaan van onvoldoende gecontroleerde
spionagediensten is in strijd met de grondrechten. Artikel 8 Europees Verdrag
voor de Rechten van de Mens beschermt van een ieder het recht op respect voor
zijn privé-leven en zijn correspondentie. Dit artikel heeft grote betekenis
verworven voor de bescherming van privacy in de lidstaten van de Raad van
Europa. Inbreuken op dat recht zijn alleen toegestaan onder strikte voorwaarden.
Het Europese Hof van de Rechten van de Mens sprak zich al eens uit over de
manier waarop de Duitse veiligheidsdiensten gecontroleerd werden. Daarbij werd
bepaald dat controle door een onafhankelijk orgaan vereist is. Het
Mensenrechtenhof waarschuwt heel duidelijk: Only in a police state is the
unrestricted interception of communications permitted by government authorities.
Dit voorjaar liet het Europees Parlement een onderzoek uitvoeren naar het
aftapnetwerk Echelon. Dit spionageverbond tussen Engeland, de Verenigde Staten
en een aantal andere Engelstalige landen is een overblijfsel uit de Koude
Oorlog. Het Europees Parlement achtte het bestaan van Echelon bewezen en
waarschuwde voor het gebrek aan democratische controle.
De gebeurtenissen van 11 september hebben het
falen van de inlichtingendiensten overduidelijk aangetoond. Er is echter geen
bewijs dat meer afluistermogelijkheden de aanslagen hadden kunnen voorkomen.
Alle commentaren wijzen juist in de richting van klassieke spionage. Wellicht
heeft de westerse wereld te veel vertrouwd op elektronische opsporing. De roep
om law and order dreigt echter de vraag te overstemmen naar de effectiviteit én
noodzakelijkheid van nieuwe aftapbevoegdheden.
Op 5 oktober presenteerde premier Kok het
`Actieplan Terrorismebestrijding'. Het gaat om een lijstje actiepunten dat mikt
op versterking van de inlichtingendiensten. Zo wordt gepleit voor uitbreiding
van de satellietinterceptiecapaciteit. Onderzoek wordt aangekondigd naar de
knelpunten die de geheime diensten ondervinden bij het analyseren van
verkeersgegevens. Ook het gebruik van cryptografie, software om geheimtaal te
maken van je communicatie zoals e-mails en telefoongesprekken, komt aan de orde.
Het kabinet wil dat alleen software gebruikt wordt waarbij de geheime dienst via
een achterdeur mee kan lezen.
In dit kader is de voorgenomen wijziging van de
Grondwet in het digitale tijdperk actueel. Daarin gaat het onder meer om een
aanpassing van het oude briefgeheim aan de moderniteit van e-mail en fax. Het
eerder (in 1997) mislukte voorstel een recht op `vertrouwelijke communicatie' in
te voeren, is weer ingediend. In de voorstellen van het kabinet vallen de
verkeersgegevens ten onrechte niet onder het communicatiegeheim. Deze gegevens
zeggen zoveel over de inhoud en de deelnemers van communicatie dat bescherming
niet losgekoppeld kan worden van het geheim van de inhoud. Het kabinet wil het
recht op het gebruik van cryptografie evenmin in de Grondwet opnemen.
De parlementaire behandeling van de
grondwetswijziging en het Actieplan Terrorismebestrijding moet nog plaatsvinden.
Het kabinet zal daarbij haast willen maken. Het is te hopen dat de
volksvertegenwoordiging zich noch door de haast van het kabinet, noch door
oorlogspsychose laat leiden. De strijd tegen het terrorisme moet gevoerd worden
binnen de grenzen die de Grondwet stelt, en met de bevoegdheden die de BVD thans
heeft. Volmaakte veiligheid is een mythe. Een te sterke reactie, ten koste van
de privacy, vormt een bedreiging van de democratische rechtsstaat. |