|
|
|
|
|
Intellectuele Eigendom
Auteursrecht / Naburige
Rechten / Databankenrecht
|
|
Dossier
richtlijn Auteursrecht in de informatiemaatschappij
Op 22 mei 2001 heeft
het Europees Parlement de richtlijn
van het Europees Parlement en de Raad betreffende de
harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht
en de naburige rechten in de informatiemaatschappij
aanvaard. Op deze
pagina is een aantal links opgenomen naar
relevante (officiële) documenten, alsmede een aantal
links naar publicaties van IViR-medewerkers over de
richtlijn.
|
|
P.B. Hugenholtz, Toegang tot de bron: het auteursrecht en het internet, Ars Aequi, 2008-07/08, p. 581-588.
15.09.2008
|
L. Guibault, Halleluja: Buma's aansluitvoorwaarden krijgen zegen van NMa!, AMI, 2008-4, p. 85-93.
15.09.2008
|
N. Helberger, N. Dufft, S.J. van Gompel & P.B. Hugenholtz Never Forever: Why Extending the Term of Protection for Sound Recordings is a Bad Idea, E.I.P.R., 2008-5, p. 174-181.
This article critically examines the arguments put forward in favour of a term extension of related rights of phonogram producers. The authors conclude that there are no convincing reasons to extend the existing term of protection. The article also explains why the popular argument that a term extension would improve the situation of performers is probably a fallacy.
04.06.2008 |
|
S.J. van Gompel,
Unlocking the Potential of Pre-Existing Content: How to Address the Issue of Orphan Works in Europe?, IIC, 2007-6, p. 669-702. 04.06.2008
|
|
J.J.C.
Kabel, Annotatie
bij Rb. 's-Hertogenbosch 19 december 2007 (Verkade /
Taminiau), AMI, 2008-2, p. 50-54.
Opdrachtgever die het
risico draagt dat zij het in een serie geïnvesteerd
bedrag niet kan terugverdienen door middel van
exploitatie van de serie en die de makers heeft
geëngageerd, kan worden aangemerkt als producent in de
zin van art. 45d Aw.
15.05.2008
|
|
L.
Guibault & G.J.H.M.
Mom
Evaluatie
van de artikelen 29a en 29b van de Auteurswet 1912,
Onderzoek in opdracht van het WODC (Ministerie van
Justitie), oktober 2007.
De komst van de
digitale netwerkomgeving als een commercieel
levensvatbaar platform voor het verspreiden van
auteursrechtelijk beschermd materiaal, heeft het
noodzakelijk gemaakt de bescherming van de
rechthebbenden op dit materiaal (de 'content') te
versterken en uit te breiden. Deze studie beoogt de
achtergrond en werking van de Nederlandse bepalingen
betreffende de rechtsbescherming van technische
voorzieningen en van informatie over het beheer van
rechten (artikelen 29a en 29b Auteurswet) beknopt te
inventariseren en analyseren.
26.03.2008
|
|
P.B.
Hugenholtz & R.L.
Okediji
Conceiving
an International Instrument on Limitations and Exceptions
to Copyright, Studie ondersteund door het Open Society
Institute (OSI), 6 maart 2008.
The task of developing
a global approach to limitations and exceptions is one
of the major challenges facing the international
copyright system today. This paper examines policy
options and modalities for framing an international
instrument on limitations and exceptions to copyright
within the treaty obligations of the current
international copyright system. We consider this
international copyright acquis as our general
starting point, and evaluate options for the design of
such an instrument, including questions of political
sustainability and institutional home.
25.03.2008
|
|
P.B.
Hugenholtz, D.J.G. Visser en A.W.
Hins
Geschillenbeslechting
en collectief rechtenbeheer: Over tarieven, transparantie
en tribunalen in het auteursrecht, Onderzoek door
Universiteit van Amsterdam (IViR) en Universiteit Leiden
in opdracht van het WODC (Ministerie van Justitie),
oktober 2007.
Het collectieve
rechtenbeheer in Nederland wordt gekenmerkt door
wettelijke monopolies of feitelijke machtsposities met
betrekking tot het licentiëren van auteursrechtelijk
beschermde werken. Door dit gebrek aan marktwerking
ontstaan problemen bij de tarifering. In dit onderzoek
staat de vraag centraal of deze problemen door de
invoering van een bijzondere geschillenregeling en
eventuele flankerende maatregelen verlicht kunnen
worden. Na een analyse van in Duitsland en Canada
bestaande oplossingen én van de constitutionele
(on)mogelijkheden in Nederland, wordt een oplossing 'op
maat' geformuleerd, die evenredig is met de geschatte
omvang van het probleem en aansluit bij de bestaande
Nederlandse verhoudingen en de gegroeide praktijk. Deze
oplossing bestaat uit een drietal componenten:
1. een transparantieplicht (verplichte openbaarmaking
van tarieven);
2. wettelijke normering van tarieven en
3. een geschillenregeling.
26.02.2008
|
|
N.
Helberger & P.B.
Hugenholtz,
No
Place Like Home for Making a Copy: Private Copying in
European Copyright Law and Consumer Law, Berkeley
Technology Law Journal, 2007-3, p. 1061-1098.
This article examines
the intersection between copyright law and consumer law
relating to private copying in Europe. In doing so, we
will query the effectiveness of copyright law and
consumer law as legal instruments to protect consumers
in their dealings with information suppliers. Our goal
is to demonstrate that while copyright law in Europe
does offer a measure of comfort to consumers, the legal
instruments of European consumer law are potentially
more effective in achieving the freedom to make private
copies that European consumers generally expect.
24.01.2008
|
|
M.M.M.
van Eechoud,
Het Communautair Acquis
voor auteursrecht en naburige rechten: Zeven zonden of
zestien gelukkige jaren?, AMI, 2007-4, p.
109-117.
In opdracht van de
Europese Commissie zette een team IViR-onderzoekers
onder leiding van P.B.
Hugenholtz zich aan een kritische en integrale
analyse van de zeven verschillende Europese richtlijnen
die sinds 1991 het licht zagen op het gebied van het
auteursrecht en de naburige rechten. Dit artikel vat de
belangrijkste bevindingen nog eens samen. Na een korte
uiteenzetting over de aanleiding voor de review, volgen
enkele observaties over de doelstellingen van de
richtlijnen in relatie tot de bevoegdheden van de
Europese wetgever. Dan volgt een samengevatte analyse
van het acquis op hoofdpunten, geordend naar het object
van bescherming, de exclusieve rechten die
geharmoniseerd zijn, en de daarbij behorende
beperkingen. De voor- en nadelen van het
harmonisatieproces zoals dat tot nu toe verlopen is,
komen apart aan de orde, vooruitlopend op een doorkijk
naar een werkelijk geünificeerd Europees auteursrecht.
17.08.2007
|
P.B.
Hugenholtz,
Memento,
in: D.J.G. Visser & D.W.F. Verkade (red.), Een
eigen, oorspronkelijk karakter: opstellen aangeboden aan
prof. mr. Jaap H. Spoor, (Spoorbundel), Amsterdam:
Uitgeverij DeLex 2007, p. 395-405.
Een kort
science-fictionverhaal over de thuiskopieheffing.
06.02.2008
|
J.J.C.
Kabel,
De
onnavolgbare nagevolgd: Over Charles Dickens en het
auteursrecht, in D.J.G. Visser & D.W.F. Verkade
(red.), Een
eigen, oorspronkelijk karakter: opstellen aangeboden aan
prof. mr. Jaap H. Spoor, (Spoorbundel), Amsterdam:
Uitgeverij DeLex 2007, p. 171-186.
10.07.2007
|
E.J.
Dommering,
Auteursrecht
op parfum: De definitieve verdamping van het werkbegrip,
in: D.J.G. Visser & D.W.F. Verkade (red.), Een
eigen, oorspronkelijk karakter: opstellen aangeboden aan
prof. mr. Jaap H. Spoor, (Spoorbundel), Amsterdam:
Uitgeverij DeLex 2007, p. 65-79.
In dit artikel wordt
naar aanleiding van het Hoge Raad arrest over het
auteursrecht op parfum, het werkbegrip in het
auteursrecht bekritiseerd, omdat het geen duidelijke
afbakening (meer) geeft ten opzichte van technische
vindingen en toepassingen.
05.07.2007
|
S.J.
van Gompel,
Audiovisual
Archives and the Inability to Clear Rights in Orphan Works,
IRIS plus (Supplement to IRIS - Legal Observations of
the European Audiovisual Observatory), 2007-4.
Dit artikel behandelt
het vraagstuk van de zogenaamde 'verweesde werken'
(orphan works). Verweesde werken zijn werken waarvan de
rechthebbenden niet geïdentificeerd of gelokaliseerd
kunnen worden. Het feit dat een rechthebbende onvindbaar
is, maakt het onmogelijk om toestemming te verkrijgen en
het werk op een legale manier te hergebruiken. Om het
potentieel te kunnen ontsluiten van de vele bestaande
werken die zijn opgeslagen in audiovisuele archieven is
het noodzakelijk dat juridische oplossingen worden
gevonden die dit probleem op een adequate manier
aanpakken. In dit artikel worden een aantal oplossingen
beschreven die mogelijkerwijs geïntroduceerd zouden
kunnen worden op Europees of nationaal niveau.
20.04.2007
|
CLIP
Comments on the European Commission's Proposal for a
Regulation on the Law Applicable to Contractual
Obligations ("Rome I") of December 15, 2005 and
the European Parliament Committee on Legal Affairs' Draft
Report on the Proposal of August 22, 2006.
The European Max-Planck
Group for Conflict of Laws in Intellectual Property
(CLIP) analyses in these comments the effects on
intellectual property contracts of the proposed Rome I
regulation on the law applicable to contractual
obligations. CLIP argues that the European legislator
should not introduce a rule on the law applicable tot
contracts relating to intellectual property rights in
Art. 4 of the future Rome I-Regulation, or introduce at
least a more flexible one.
19.04.2007
|
CLIP
Suggestions for amendment of the Brussels I regulation
with respect to Exclusive jurisdiction and cross border
intellectual property (patent) infringement.
In consequence of ECJ
judgments C-4/03 - GAT v. LuK and C-539/03 - Roche
Nederland v. Primus, handed down on 13 July 2005, it
appears no longer feasible for a national court to allow
for consolidation of claims against a person infringing
parallel intellectual property rights registered in
different Member States, and/or to accept a joinder of
claims against multiple defendants engaged in concerted
actions. It is feared that this will entail considerable
impediments for an efficient enforcement of intellectual
property rights, in particular of patents. In these
comments, the European Max-Planck Group for Conflict of
Laws in Intellectual Property (CLIP) suggests the
adverse affects of the ECJ's rulings should be cured.
This can be done by revising the drafting of article
22(4) and article 6 of the Brussels Regulation on
Jurisdiction and Enforcement of Foreign Judgments in
Civil and Commercial Matters (44/2001).
19.04.2007
|
L.
Guibault, G. Westkamp, T. Rieber-Mohn, P.B.
Hugenholtz, et al.
Study
on the Implementation and Effect in Member States' Laws of
Directive 2001/29/EC on the Harmonisation of Certain
Aspects of Copyright and Related Rights in the Information
Society, rapport aan de Europese Commissie, DG Interne
Markt, februari 2007.
22.03.2007
|
|
P.B.
Hugenholtz, M.M.M.
van Eechoud, S.J.
van Gompel, et al.
The
Recasting of Copyright & Related Rights for the
Knowledge Economy, rapport aan de Europese Commissie,
DG Interne Markt, november 2006, 308 p.
Zie ook de executive
summary.
Study carried out by
the Institute for Information Law for the European
Commission (DG Internal Market). Chapters 1 and 2
describe and examine the existing 'acquis communautaire'
in the field of copyright and related (neighbouring)
rights, with special focus on inconsistencies and
unclarities. Chapters 3-6 deal with distinct issues that
were identified a priori by the European Commission as
meriting special attention: possible extension of the
term of protection of phonograms (Chapter 3), possible
alignment of the term of protection of co-written
musical works (Chapter 4), the problems connected to
multiple copyright ownership, including the issue of
'orphan works' (Chapter 5), and copyright awareness
among consumers (Chapter 6). Chapter 7 provides an
overall assessment of the benefits and drawbacks of the
fifteen years of harmonisation of copyright and related
rights in the EU and dwells on regulatory alternatives.
10.01.2007
|
| P.B.
Hugenholtz, Annotatie
bij HvJEG
6 februari 2003, C-245/00 (SENA/NOS), HR
28 mei 2004 (SENA/NOS) en HR
28 november 2003 (SENA/NKP), NJ, 2006-30, nr.
374-376, p. 3617-3619.
13.09.2006
|
S.
van Gompel,
De vaststelling van de
thuiskopievergoeding, AMI, 2006-2, p. 52-62.
In dit artikel wordt
beschreven hoe in Nederland de thuiskopievergoedingen
worden vastgesteld. Een sleutelrol is daarbij weggelegd
voor de SONT, waarbinnen rechthebbenden en
betalingsplichtigen onderhandelen over de vast te
stellen vergoeding. Gekeken wordt in hoeverre bij de
vaststelling rekening gehouden wordt met de voorwaarden
uit de Auteurswet en de Auteursrechtrichtlijn. Daarnaast
wordt aan de orde gesteld of de zelfregulering tussen de
marktpartijen werkt. Geconcludeerd wordt dat beide
aspecten te wensen over laten en dat het daarom
passelijk zou zijn als de wetgever aanvullend of
corrigerend op zou treden.
18.04.2006
|
A.
van Rooijen,
Liever misbruikt dan
misplaatst auteursrecht: Het doelcriterium ingezet tegen
oneigenlijk auteursrechtgebruik, AMI, 2006-2,
p. 45-51.
Het auteursrecht is met
enige regelmaat inzet van gedingen die daar weinig mee
van doen lijken te hebben. Dit artikel bespreekt aan de
hand van enkele voorbeelden uit de rechtspraak de
mogelijkheid om dergelijke auteursrechtelijke claims te
verwerpen op grond van misbruik van recht.
18.04.2006
|
N.
Helberger, Christophe
R. vs Warner Music: French court bans private-copying
hostile DRM, INDICARE Monitor, 24 februari
2006.
France is one of the
European countries where a particularly vivid public
discussion about DRM and the private copying exception
took place. This is thanks to the efforts of French
consumer organisations taht initiated a number of court
cases dealing with complaints of consumers about CDs and
DVDs that could, among others, not be copied and ripped
because of technical protection measures in place. This
article discusses that latest DRM decision in France, a
decision that went one step further than its
predecessors when dealing with the difficult question of
the relationship between DRM and private copying.
07.03.2006
|
N.
Helberger, Vive
la Balance! Pleading for a French revolution of copyright,
INDICARE Monitor, 24 februari 2006.
This article reports
about the French implementation of the famed Article 6
(4) of the European Copyright Directive, the article
that orders member states to guarantee that consumers
can benefit from exceptions despite the application of
technological protection measures. Considering the fact
that France is the origin of a series of groundbreaking
decisions in favour of a balance between DRM use and
consumer interests, figuring prominently among them the
private copyying exception, and all the public
discussion those cases triggered, we have all reason to
be curious about what the French legislator will come up
with.
07.03.2006
|
N.
Helberger, The
Sony BMG rootkit scandal, INDICARE Monitor, 27
januari 2006.
The article will have a
closer look at the charges of the EFF and a Californian
lawyer against Sony BMG's latest DRM strategy. The Sony
BMG case adds a number of new dimensions to the DRM and
Consumer debate. The article will highlight some
aspects, also against the background of similar recent
case law in Europe.
14.02.2006
|
|
P.B.
Hugenholtz, ‘The
Implementation of Directive 2001/29/EC in The Netherlands’,
Revue Internationale du Droit d'Auteur (RIDA),
2005-206, p. 117-147.
Overview of the
transposition of the European Copyright (InfoSoc)
Directive into Dutch law. To say that the Dutch
legislature has enthusiastically embraced the Directive
would be overstating it. In respect of the economic
rights harmonized by the Directive, the Dutch lawmaker
has acted conservatively, and transposed the norm of the
Directive only insofar as amendment of existing national
provisions was deemed inevitable. The legislature has
been more forthcoming in the area of exceptions. Six new
limitations, all rubberstamped by the Directive, have
been introduced, while the scope of several others has
been expanded.
15.12.2005
|
|
P.B.
Hugenholtz, ‘Copyright
without Frontiers: is there a Future for the Satellite and
Cable Directive?’ in: Die Zukunft der
Fernsehrichtlinie / The Future of the 'Television without
Frontiers' Directive, Proceedings of the conference
organised by the Institute of European Media Law (EMR) in
cooperation with the European Academy of Law Trier (ERA),
Schriftenreihe des Instituts für Europäisches
Medienrecht (EMR), Band 29, Baden-Baden: Nomos Verlag
2005, p. 65-73.
Critical evaluation of
the European Satellite and Cable Directive, guided by
the European Commission's review report. What has been
the impact of the Directive on the European market for
satellite and cable television services? What will the
future bring for the Directive in a world where wired
and wireless broadband media are rapidly converging?
15.12.2005
|
N.
Helberger,
Digital
Rights Management from a Consumer's perspective, IRIS
plus, 2005-8, p. 1-8.
The purpose of this
article is to consider the impact of DRM on people's use
of digital content and on its availability and
accessibility for consumers. It describes the area of
conflict between the economic interest of the media
industry to use DRM to protect rights to and marketing
of digital content, and consumers' desire to use digital
content in accordance with their own rights and
legitimate interests without suffering any unfavourable
consequences as they do so. The article explains why the
current approach, where DRM is considered to be
exclusively a copyright issue, is too narrow. It lists a
series of equally important individual or informational
interests which must be respected, linking DRM to the
protection of consumers and access to digital content.
The article makes some suggestions how this theme might
be usefully dealt with in the future.
Geplaatst 23.11.2005
|
N.
Helberger, ‘Not
so silly after all - new hope for private copying’, INDICARE
Monitor, 26 augustus 2005.
The decision of the
French court in Paris in the so-called Mulholland case
has left a sour after-taste since. Could it be true that
the privat copying exception, a long standing tradition
in many national copyright laws, was in fact not much
more than a toothless paper tiger? When we reported
about this case we expressed our disbelief that this
should have been the end of the private copying
exception. And indeed, as the Court of Appeals has
recently decided, the tiger may be made of paper, but it
still has its teeth.
Geplaatst 13.10.2005
|
J.J.C.
Kabel, Annotatie
bij Arr. Rb. Amsterdam 20 oktober 2004 (Tuijnman /
Stichting Het Woningbedrijf Amsterdam), AMI,
2005-3, p. 93-100.
Verzet van architect
tegen aantasting van zijn werk. Beoordeling op
contractuele gronden (art. 6:2 en 6:248 BW), op
rechtsverwerking en op artikel 25 lid 1 sub d Aw.
Vordering tot herstel in de oude toestand onder
toekenning van nieuwe opdracht aan architect afgewezen.
Schadevergoeding als gevolg van aantasting van
persoonlijkheidsrechten op € 10.000 vastgesteld.
Geplaatst 14.06.2005
|
J.J.C.
Kabel, Annotatie
bij Rb. 's-Gravenhage 15 september 2004 (Caris / EON), IER,
2005-1, p. 10-13.
Aantasting in de zin
van art. 25 lid 1 sub d Aw. Toewijzing van de vordering
tot herstel van het werk betreft een discretionaire
bevoegdheid van de rechter en kan niet los worden gezien
van de context waarbinnen bedoelde schade is opgetreden.
Gelet op de discrepantie tussen het gevorderde herstel
en het recht van de eigenaar van een stoffelijk
exemplaar van een werk om onder bepaalde voorwaarden tot
sloop over te gaan, zolang dat niet onrechtmatig is te
achten, acht de rechtbank herstel geen passende vorm van
redres.
Geplaatst 16.06.2005
|
L.
Guibault en N.
Helberger,
Copyright
Law and Consumer Protection, European Consumer Law
Group, februari 2005.
Policy conclusions of the European Consumer Law Group
(ECLG) based on a study carried out by L. Guibault and N.
Helberger.
The purpose of this
study is to provide an overview of certain key aspects
of the relationship between copyright law and consumer
protection. More particularly, the paper concentrates on
what would appear today as the most problematic issue,
from the perspective of the consumer, understood in the
narrow sense of the word, namely the implementation of
technological protection measures (TPM) and digital
rights management (DRM) systems and its implication for
the exercise of the private use exemption.
Geplaatst 20.05.2005
|
M.M.M.
van Eechoud,
‘Alternatives
to the Lex Protectionis as the Choice-of-Law Rule for
Initial Ownership of Copyright’, in: J. Drexl &
A. Kur (eds.), Intellectual Property and Private
International Law, IIC Studies, vol. 24, Oxford: Hart
Publishing 2005, p. 289-307.
Conventional wisdom in
international copyright doctrine has it that the law of
the country for whose territory protection is claimed
governs copyright issues - whether it concerns
existence, scope, duration, ownership, transfer or
infringement. The Berne Convention of 1886 and other
international copyright treaties do not lay down the lex
protectionis as conflict rule, contrary to what is often
assumed. This paper addresses the drawbacks of the lex
protectionis for the initial ownership issue. It
assesses alternative conflict rules that can increase
legal certainty, while giving due respect to the
diversity in national allocation regimes. There is a
case to be made for the development of creator-oriented
conflict rules for initial ownership issues,
particularly if they also serve legal certainty by
identifying a single governing law. Such rules may be
construed using the main allocation principles of modern
European private international law theory.
Geplaatst 04.05.2005
|
M.M.M.
van Eechoud,
Overleefde
territorialiteit: Grensoverschrijdende
auteursrechtinbreuken onder de 'Rome
II'-ontwerpverordening, AMI, 2005-2, p. 45-56.
Welk nationaal recht
beheerst de auteursrechtinbreuk met grensoverschrijdende
aspecten? Op het eerste gezicht lijkt dit een eenvoudig
te beantwoorden vraag. Vanuit het idee dat auteursrecht
territoriaal is, ligt het voor de hand inbreuken te
onderwerpen aan het nationale recht van de plaats(en)
van handeling. Toepassing van de normale regels van
Nederlands internationaal privaatrecht voor
onrechtmatige daden leidt echter tot andere resultaten.
De Europese wetgever staat de klassieke lex
protectionis voor, blijkens de 'Rome
II'-ontwerpverordening inzake het toepasselijk recht op
niet-contractuele verbintenissen. Vooral bij inbreuken
op internet werkt de Nederlandse oplossing beter.
Geplaatst 05.04.2005
|
P.B.
Hugenholtz & M.J.
Davison,
‘Football
fixtures, horseraces and spinoffs: the ECJ domesticates
the database right’, EIPR, 2005-3.
Geplaatst 23.03.2005
|
N.
Helberger, N. Dufft, S. van Gompel, K. Kerényi, B.
Krings, R. Lambers, C. Orwat en U. Riehm
‘Digital
Rights Management and Consumer Acceptability: A
Multi-Disciplinary Discussion of Consumer Concerns and
Expectations’, State-of-the-Art
Report, INDICARE, december 2004.
Geplaatst 14.12.2004
|
L.
Guibault en R. Melzer,
'The
Legal Protection of Broadcast Signals', IRIS plus,
2004-10.
Geplaatst 24.11.2004
|
L.
Guibault,
‘Vous
qui téléchargez des oeuvres de l'Internet, pourrait-on
savoir qui vous êtes?’, Revue du Droit des
Technologies de l'Information, 2004-18, p. 9-31.
Geplaatst 03.11.2004
|
L.
Guibault,
‘A
quand l'octroi de licences transfrontières pour
l'utilisation de droits d'auteur et de droits voisins en
Europe?’, Les Cahiers de Propriété
Intellectuelle, vol. 17, 2004-1.
Geplaatst 03.11.2004
|
| N.
Helberger, ‘It's
not a right, silly! The private copying exception in
practice’, INDICARE Monitor, 7 oktober 2004.
Geplaatst 22.10.2004
|
P.B.
Hugenholtz & L.
Guibault,
Auteurscontractenrecht:
naar een wettelijke regeling? Onderzoek in
opdracht van het WODC (Ministerie van Justitie), augustus
2004.
Deze studie, die is
verricht in opdracht van het WODC (Ministerie van
Justitie), strekt ertoe de behoefte aan specifieke
wettelijke maatregelen in Nederland te inventariseren.
In het onderzoek ligt het accent op de vanuit
auteursrechtelijk of nabuurrechtelijk oogpunt meest
wezenlijke aspecten van de exploitatieovereenkomst:
formele vereisten, de omvang en interpretatie van de
rechtenverlening, het recht op vergoeding, derdenwerking
van de rechtenverlening en de mogelijkheid van
herziening en beëindiging van de overeenkomst. Op basis
van de bevindingen worden de hoofdlijnen van een
mogelijke wettelijke regeling geschetst.
Zie ook de website
van het Ministerie van Justitie over dit onderwerp.
Geplaatst 21.07.2004
|
| M.M.M.
van Eechoud, Annotatie
bij Hof Den Haag 11 september 2003 (Raedecker /
NCC), AMI, 2004-2, p. 78-80.
Geplaatst 21.04.2004
|
O.L. van Daalen & H.W.J.
Lambers,
‘De
broadcast flag en fundamentele rechten: verplichte
kopieerbeveiliging in de Verenigde Staten’, JAVI,
2004-1, p. 2-8.
Vanaf 1 juli 2005
dienen technologieproducenten in de Verenigde Staten
ontvangers van digitale televisiesignalen uit te rusten
met een voorgeschereven technologie die een gesloten
distributiekanaal kan garanderen: de broadcast flag.
Dreiging van ongeautoriseerde distributie van digitale
informatie via het Internet zou dit rechtvaardigen. Dit
artikel behandelt de spanning tussen deze verplichte
kopieerbeveiliging en de informatievrijheid, innovatie
en vrije mededinging.
Geplaatst 16.03.2004
|
P.B.
Hugenholtz, Annotatie
bij Hoge
Raad 19 december 2003 (Buma / KaZaA), AMI,
2004-1, p. 9-25.
Zie ook: ‘Over KaZaA
is nog niets beslist’, NRC 22 december 2003.
Geplaatst 06.02.2004
|
W.A.M.
Steenbruggen & R.D. Chavannes,
Annotatie
bij BGH 17 juli 2003 I ZR 259/00 (Paperboy-arrest),
JAVI, 2003-6, p. 222-225
Geplaatst 08.01.2004
|
P.B.
Hugenholtz,
Auteursrecht
contra informatievrijheid in Europa, in: A.W.
Hins & A.J.
Nieuwenhuis (red.), Van ontvanger naar zender,
Opstellen aangeboden aan prof.mr. J.M. de Meij,
Amsterdam: Otto Cramwinckel (2003), p. 157-174
Geplaatst 07.01.2004
|
P.B.
Hugenholtz, Is
concurrentie tussen rechtenorganisaties wenselijk?, AMI,
2003-5, p. 203-206.
Het collectieve
rechtenbeheer staat in Nederland van oudsher in het
teken van het monopolie. Onder invloed van het Europese
mededingingsrecht krijgen de rechtenorganisaties echter
steeds meer te maken met (vooral buitenlandse)
concurrentie. Wordt het tijd de markt voor het
collectieve rechtenbeheer vrij te maken? Welke lessen
kunnen we trekken uit de liberalisatie van de
telecommunicatiemarkt?
Geplaatst 19.12.2003
|
L.M.C.R.
Guibault,
‘The
nature and scope of limitations and exceptions to
copyright and neighbouring rights with regard to general
interest missions for the transmission of knowledge:
prospects for their adaptation to the digital environment’,
Lucie Guibault rapport aan de UNESCO, juni 2003, te
verschijnen in Copyright Bulletin.
Geplaatst 28.11.2003
|
E.J.
Dommering, De
Thetanen van Scientology en de Übermenschen van Mein
Kampf, Netkwesties, 2003-71.
De koppeling van
mobiele telecommunicatiediensten met het 'vaste'
internet - kortweg 'het mobiele internet' - roept
boeiende auteursrechtelijke vragen op. Is de doorgifte
van pagina's afkomstig van het internet aan te merken
als openbaarmaking, waarvoor afzonderlijk toestemming
vereist is? Is het geschikt maken van webpagina's voor
mobiel gebruik ('conversie') ongeoorloofde
verveelvoudiging, of wellicht zelfs in strijd met morele
rechten? Hoe zit het met de aansprakelijkheid van
aanbieders van mobiele internetdiensten? Een verkennende
beschouwing.
Geplaatst 23.10.2003
|
S.K. Sukhram & P.B.
Hugenholtz, 'Het
mobiele internet', AMI 2003-5, p. 161-168
De koppeling van
mobiele telecommunicatiediensten met het 'vaste'
internet - kortweg 'het mobiele internet' - roept
boeiende auteursrechtelijke vragen op. Is de doorgifte
van pagina's afkomstig van het internet aan te merken
als openbaarmaking, waarvoor afzonderlijk toestemming
vereist is? Is het geschikt maken van webpagina's voor
mobiel gebruik ('conversie') ongeoorloofde
verveelvoudiging, of wellicht zelfs in strijd met morele
rechten? Hoe zit het met de aansprakelijkheid van
aanbieders van mobiele internetdiensten? Een verkennende
beschouwing.
Geplaatst 09.10.2003
|
| P.B.
Hugenholtz, Noot
bij Hof Leeuwarden 27 novemberl 2002 (Wegener e.a./Hunter
Select), AMI 2003-2, p. 59-63.
Geplaatst 17.06.2003
|
P.B.
Hugenholtz, 'Program
Schedules, Event Data and Telephone Subscriber Listings
under the Database Directive. The 'Spin-Off' Doctrine in
the Netherlands and elsewhere in Europe', paper
presented at Eleventh Annual Conference on
International IP Law & Policy, Fordham University
School of Law, New York, 14-25 April 2003.
Seven years after the
adoption of the EC Database Directive, the contours of
the new database right remain difficult to draw, and
shrouded in controversy. One of many crucial questions
soon to be addressed by the European Court of Justice
concerns the 'substantial investment' test. The
Directive requires that such investment be made in the
'obtaining, verification or presentation of the
contents' of the database. Does this mean that the
investment must be aimed at producing a database, or can
data compilations that are generated as mere 'spin-offs'
of other activities, such as program schedules and event
data listings, also benefit from sui generis
protection?.
Geplaatst 16.06.2003
|
| L.M.C.R.
Guibault, 'The
reprography levies across the European Union', March
2003
Geplaatst 29.04.2003
|
| P.B.
Hugenholtz, L.M.C.R.
Guibault & S.M.
van Geffen, ‘The
Future of Levies in a Digital Environment’, maart
2003.
Geplaatst 24.03.2003
|
| L.M.C.R.
Guibault, ‘Le
tir manqué de la Directive européenne sur le droit
d'auteur dans la société de l'information’, Cahiers
de propriété intellectuelle, 2002-3, p. 537-573.
Geplaatst 08.10.2002
|
P.B.
Hugenholtz, ‘De
spin-off theorie uitgesponnen’, AMI 2002-5,
p. 161-166.
De 'spin-off theorie',
die leert dat er geen databankenrecht rust op
feitenverzamelingen die als bijproduct tot stand komen,
is door mythes omgeven. Mythe 1: het zou hier gaan om
een uniek Nederlands hersenspinsel. Mythe 2: de
Databankrichtlijn biedt voor deze theorie geen enkel
aanknopingspunt. Mythe 3: de Hoge Raad zou er onlangs
mee hebben afgerekend. In dit artikel wordt de spin-off
theorie ontmythologiseerd, van onzuiverheden ontdaan, in
een nieuw jasje gestoken en een grote toekomst
voorspeld.
Geplaatst 17.09.2002
|
| P.B.
Hugenholtz, Noot
bij Rb. Maastricht 18 april 2002 (auteursrecht op parfum),
AMI 2002-5, p. 195.
Geplaatst 17.09.2002
|
| J.J.C.
Kabel, Annotatie
bij Rb. Zwolle 21 november 2001 (Jelles/Gemeente Zwolle),
IER 2002-3.
Geplaatst 25.07.2002
|
| L.M.C.R.
Guibault & P.B.
Hugenholtz (m.m.v. M.A.R.
Vermunt & M.
Berghuis), ‘Study
on the conditions applicable to contracts relating to
intellectual property in the European Union’,
eindrapport, studie in opdracht van de EG (mei 2002).
Geplaatst 27.06.2002
|
E.J.
Dommering, P.B.
Hugenholtz & J.J.C.
Kabel,
‘De overheid en het
publiek domein van informatie voor wetenschappelijk
onderzoek’, in: H. Dijstelbloem en C.J.M. Schuijt
(red.), De publieke dimensie van kennis, Voorstudies en
achtergronden (V110), Wetenschappelijke Raad voor het
regeringsbeleid, Den Haag: SDU Uitgevers, 2002, p.
249-308.
Geplaatst 07.05.2002
|
| K.J.
Koelman, noot bij
Hof Amsterdam 28 maart 2002 (Kazaa / Buma), Mediaforum
2002-5, p. 190-191.
Geplaatst 07.05.2002
|
| J.J.C.
Kabel, ‘De
billijke vergoeding in het filmrecht: eindelijk
gerechtigheid? Enkele opmerkingen bij de zaak Poppenk/NCF’,
AMI 2002-2, p. 29-33
Geplaatst 07.05.2002
|
| P.B.
Hugenholtz, Noot
bij Pres. Rb. Amsterdam 29 november 2001 (KAZAA/BUMA),
AMI 2002-1, p. 21-25
Geplaatst 11.02.2002
|
| P.B.
Hugenholtz, Noot
bij Hoge Raad 29 juni 2001, ELRO-nr. AB2391, zaaknr.
C99/218HR (Impag/Hasbro), AMI 2001-5, p.
111-121.
Geplaatst 11.02.2002
|
| P.B.
Hugenholtz, Noot
bij Pres. Rb. Amsterdam 9 augustus 2001, verschenen in
AMI 2001-6, p. 157.
Geplaatst 01.01.2002
|
| J.J.C.
Kabel, Chr.A.
Alberdingk Thijm & P.B.
Hugenholtz (m.m.v. D.J.B. Bosscher), Kennisinstellingen
en informatiebeleid. Lusten en lasten van de publieke taak
(niet-gecorrigeerde versie), de definitieve tekst is
verschenen bij Otto
Cramwinckel Uitgever (Amsterdam), 2001.
Geplaatst 21.11.2001
|
| Chr.A.
Alberdingk Thijm, Privacy
vs. auteursrecht in een digitale omgeving, ITeR-rapport.
Geplaatst 18.11.2001
|
S.M. Maurer, P.B.
Hugenholtz & H.J. Onsrud,
‘Europe’s
Database Experiment’, Science, vol. 294 (26
October 2001), p. 789-790.
Geplaatst 27.10.2001
|
J.J.C.
Kabel, ‘Plaatjes
vullen geen gaatjes’, IER 2001-5.
Annotatie bij de zaak Röling
/ Haarlem, over morele rechten in het auteursrecht.
Geplaatst 01.09.2001
|
Study
on the use of conditional access systems for reasons other
than the protection of remuneration, to examine the legal
and the economic implications within the Internal Market
and the need of introducing specific legal protection,
Report presented to the European Commission by N.
Helberger & N.A.N.M.
van Eijk.
The study offers an
analysis of the use of conditional access systems for
other reasons than the protection of remuneration
interests. The report also examines the need to provide
for additional legal protection by means of a Community
initiative, such as a possible extension of the
Conditional Access Directive. The report will give a
legal and economic analysis of the most important
non-remuneration reasons to use conditional access (CA),
examine whether services based on conditional access for
these reasons are endangered by piracy activities, to
what extent existing legislation in the Member States
provides for sufficient protection, and what the
possible impact of the use of conditional access is on
the Internal Market. Furthermore, the study analysis the
specific legislation outside the European Union, notably
in Australia, Canada, Japan and the US, as well as the
relevant international rules at the level of the EC,
WIPO and the Council of Europe.
Geplaatst 06.08.2001
|
| K.J.
Koelman, 'The protection
of technological measures vs. the copyright limitations',
paper presented at the ALAI
Congress Adjuncts and Alternatives for Copyright,
New York, 15 June 2001.
Geplaatst 16.07.2001
|
| K.J.
Koelman, ‘Bescherming
van technische voorzieningen’, AMI 2001-1, p.
16-27.
Geplaatst 05.07.2001
|
| P.B.
Hugenholtz, ‘Haalt de
Auteurswet 2012?’, essay, verschenen in: Jaarverslag
2000 van het Nederlands Uitgeversverbond (p. 56-61).
Geplaatst 10.05.2001
|
| E.J.
Dommering, 'Hoe lang laat
ik mij op internet verlinken?', ESB 3 mei 2001,
86e jaargang, nr. 4307 (Dossier Informatiegoederen
en marktwerking).
Geplaatst 02.07.2001
|
| E.J.
Dommering, 'Nieuw
auteursrecht voor de eenentwintigste eeuw?', Computerrecht
2001-3.
Geplaatst 10.05.2001
|
P.B.
Hugenholtz, 'Elektronische
handel en intellectuele eigendom', WPNR,
Themanummer E-commerce, nr. 6443, jrg. 132, 28 april 2001,
p. 399-406.
Overzicht van actuele
problemen op het raakvlak van e-commerce en
intellectuele eigendom. Centraal staat het auteursrecht,
dat dankzij de Europese Auteursrechtrichtlijn een
herzieningsoperatie te wachten staat. Tevens komt aan de
orde het databankenrecht, dat wij eveneens aan een
Europese richtlijn hebben te danken. Tenslotte wordt
aandacht besteed aan het octrooirecht, dat op het
terrein van de e-commerce een onverwachte (en door velen
ongewenste) hoofdrol dreigt te gaan vervullen.
Geplaatst 10.05.2001
|
P.B.
Hugenholtz, 'The
New Database Right: Early Case Law from Europe', paper
presented at Ninth Annual Conference on International
IP Law & Policy, Fordham University School of Law,
New York, 19-20 April 2001).
More than five years
have passed since the European Database Directive was
adopted on 11 March 1996. Implementation of the
Directive into national law was completed in the
1997-2000 period. Since implementation at least 25 court
decisions dealing with the new database right have been
reported, mostly from courts in Germany, the Netherlands
and France.
Geplaatst 01.05.2001
|
K.J.
Koelman, noot bij
Rb. Alkmaar 30 november 2000 (mod chip),
verschijnt in Computerrecht 2001-3.
Voor zover bekend de
eerste uitspraak m.b.t. artikel 32a Aw. Een dealer in
zogenaamde mod chips wordt veroordeeld. Maar is
dat wel juist naar Europees recht?
Geplaatst 05.03.2001
|
K.J.
Koelman, ‘De derde
laag: bescherming van technische voorzieningen’, Auteurs
& Media 2001-1 (april), p. 82-89.
De aanhangige
Auteursrechtrichtlijn verplicht de Europese lidstaten om
technische voorzieningen te beschermen die verhinderen om
handelingen te verrichten met door intellectuele
eigendomsrechten beschermde informatie. In deze bijdrage
worden de aanleiding voor, en de achtergronden van de
bescherming van technische voorzieningen geschetst. Verder
wordt een poging gedaan om te beschrijven welke gevolgen
deze regelgeving kan hebben voor de wijze waarop
informatieproducten worden geëxploiteerd en kunnen worden
gebruikt.
Geplaatst 30.01.2001
|
| M.M.M.
van Eechoud, noot
bij Hof Den
Haag 21 december 2000 (De Telegraaf / NVM)
(vervolg op de NVM-zaak bij rechtbank Den Haag), Mediaforum
2001-3, nr.11.
Geplaatst 26.01.2001
|
P.B.
Hugenholtz, ‘Brussels
broddelwerk. Recht en krom in de auteursrechtrichtlijn’,
AMI 2001/1.
Op 28 september 2000
heeft de Raad van de Europese Unie - na moeizaam verlopen
onderhandelingen tussen de lidstaten en de Europese
Commissie - het Gemeenschappelijk Standpunt inzake de
Auteursrechtrichtlijn formeel vastgesteld. Definitieve
aanvaarding is in het voorjaar van 2001 te verwachten,
zodra het Europese Parlement de richtlijn in tweede lezing
heeft goedgekeurd. De zware politieke strijd die aan het
Gemeenschappelijk Standpunt is vooraf gegaan, is van de
tekst van de richtlijn duidelijk af te zien. Politieke
compromissen zijn verstopt in een veelheid van
overwegingen en moeilijk te duiden wetsartikelen. De
lidstaten zullen aan de implementatie een flinke kluif
hebben. In dit artikel zal eerst de wordingsgeschiedenis
van de richtlijn worden geschetst en vervolgens worden
ingegaan op de door de richtlijn geharmoniseerde rechten.
(De wettelijke beperkingen en de bescherming van
technologische voorzieningen komen aan bod in de bijdragen
van Visser resp. Koelman elders in hetzelfde nummer.)
Geplaatst 03.01.2001
|
N.
Helberger,
Report
for the Council of Europe on the Neighbouring Rights
Protection of Broadcasting Organisations: Current Problems
and Possible Lines of Action.
This report analyses to
what extent the Rome Convention (1961) and relevant
instruments of the Council of Europe in the intellectual
property field provide for sufficient protection of
broadcasters in Europe. Background to the report is the
changing technological environment over the last 40 years,
particularly as regards convergence of the
telecommunications, media and information technologies,
piracy and the development of new services such as digital
broadcasting services. The situation will be compared to
current legal developments at EC and WIPO level.
The aim of the report was to examine eventual gaps in
protection where existing regulations are applied in
modern times and to investigate in further activities
which could be undertaken within the framework of the
Council of Europe to ensure the satisfactory protection of
the rights of broadcasting organisations.
The study was commissioned by the Council of Europe. Views
expressed in the report are not those of the Organisation.
Geplaatst 29.11.2000
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Chronicle
of The Netherlands. Dutch copyright law, 1995-2000’, RIDA
187, January 2001, p. 111-175.
Geplaatst 24.11.2000
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Copyright
and Freedom of Expression in Europe’, Rochelle Cooper
Dreyfuss, Diane Leenheer Zimmerman & Harry First (eds.),
Expanding the Boundaries of Intellectual Property.
Innovation Policy for the Knowledge Society, Oxford:
Oxford University Press (2001).
Can the rising tide of
copyright and related rights be stopped? Recent court
decisions from Europe seem to suggest that freedom of
expression and information, as guaranteed inter alia by
the European Convention on Human Rights (ECHR), may limit
overbroad protection. Contains description of
constitutional framework of copyright in Europe,
introduction to Article 10 ECHR, overview of copyright v.
free speech case law in Europe (focus on Germany,
Netherlands and France), analysis of relevant ECHR case
law, and conclusions.
Geplaatst 05.04.2000
|
J.J.C.
Kabel,‘Het scenario
van artikel 45d Auteurswet: Ongevraagd, ongebruikt en
onbegrepen’, Amsterdam: Netwerk Scenarioschrijvers
van de Vereniging van Schrijvers en Vertalers 2000, 61
p.
Scenarioschrijvers hebben
een beroerde positie, als het gaat om onderhandelingen
over hun honorarium met omroeproducenten en met
filmproducenten. Hoe komt dat? Heeft de wetswijziging van
1985 en de daaropvolgende wijzigingen van het hoofdstuk
over filmrechten in de Auteurswet hun niet het voordeel
van een zogenaamde billijke vergoeding opgeleverd? In de
rechtspraktijk blijkt de rechter niet goed om te kunnen
gaan met de filmrechtregeling. De organbisatorische
positie van scenariposchrijvers is ook niet al te best. In
andere landen gaat het anders. Kritische beschouwing van
de Nederlandse regelgeving en rechtspraak inzake artikel
45d Auteurswet; met een behandeling van de wijze waarop in
een aantal andere landen wordt omgegaan met de verhouding
tussen filmproducent en scenarioschrijver.
Geplaatst 01.09.2001
|
M.M.M.
van Eechoud, noot
bij Pres. Rb. Den Haag 12 september 2000 (NVM/De
Telegraaf), gepubliceerd in Mediaforum
2000-11/12, nr. 76.
Kritische bespreking van
het vonnis in kort geding d.d. 12.10.2000 van de rechtbank
Den Haag in de zaak NVM/De Telefgraaf.
Geplaatst 06.11.2000
|
| P.B.
Hugenholtz, Opinion,
‘Why the Copyright Directive is Unimportant, and Possibly
Invalid’, EIPR 2000-11, p. 499-505.
Geplaatst 11.10.2000
|
K.J.
Koelman, noot
bij Rb. Rotterdam
22 augustus 2000 (kranten.com), Informatierecht/AMI
2000-10, p. 207-210.
Kan een websitehouder
iets ondernemen tegen degene die een diepe link naar zijn
site aanbrengt?
Geplaatst 29.01.2001
|
P.B.
Hugenholtz,
‘De
wettelijke beperkingen beperkt. De WTO geeft de
driestappentoets tanden’, Informatierecht/AMI
2000-10.
Op 27 juli 2000 deed het
Dispute Settlement Body van de Wereldhandelsorganisatie
een baanbrekende uitspraak over de ‘driestappentoets’
van art. 13 van het TRIPs-verdrag. Wettelijke beperkingen
van het auteursrecht zijn slechts toegelaten in (1)
bijzondere gevallen, voorzover zij (2) niet in strijd zijn
met de normale exploitatie van het werk en (3) de
legitieme belangen van de rechthebbende niet op
onredelijke wijze schaden. Volgens het DSB voldoet een
Amerikaanse wetsbepaling die het ten gehore brengen van
muziek afkomstig van radio of televisie in
horecagelegenheden en winkels binnen zekere grenzen
vrijlaat, niet aan deze vereisten. De Verenigde Staten
dienen hun auteurswet aan te passen. Wie volgt?
Geplaatst 13.12.2000
|
P.B.
Hugenholtz, ‘Internet
is geen vrijplaats voor piraten’, De Journalist,
nr. 17, 22 september 2000.
Een bespreking van de spanning
tussen ‘eigendom’ van informatie en free flow of
information in de Napster- en Kranten.com-zaken.
Geplaatst 01.10.2000
|
K.J.
Koelman, ‘Terug naar
de bron: open source en copyleft’, Informatierecht/AMI
2000-8, p. 149-155.
De auteursrechthebbende
kan exclusief beschikken over gebruik van een werk. Zo
houdt het auteursrecht beschermde werken buiten het
publieke domein. Een in de software-industrie wijdverbreid
rakende praktijk past het auteursrecht echter juist toe om
te bewerkstelligen dat níemand exclusief kan beschikken
over computerprogramma's. Men voegt daartoe een zogenoemde
open source-licentie bij het programma, die stipuleert dat
de software door iedereen vrij en gratis mag worden
gebruikt, gekopieerd, verder ontwikkeld en gedistribueerd.
Verder mogen bewerkingen alleen worden gedistribueerd
onder dezelfde voorwaarden en als de broncode wordt
bijgevoegd. Dit maakt het mogelijk dat wie dat maar wil de
software kan doorontwikkelen en dat ook (de werking van)
een nieuwe versie voor iedereen toegankelijk is.
Voornamelijk in de van de vibes van de hippiebeweging nog
natrillende progressieve en idealistische Amerikaanse
academische wereld is de copyleft-beweging opgekomen. Maar
het concept van de vrije software heeft nu zijn weg
gevonden naar de commerciëlere geesten in Silicon Valley
en heeft de potentie om de wijze waarop software
ontwikkeld, gefinancierd en geëxploiteerd wordt
ingrijpend te veranderen.
Geplaatst 17.11.2000
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Over
cumulatie gesproken’. Bijdrage aan Symposium
Intellectuele Eigendom (Brinkhof-symposium), Den Haag, 9
mei 2000, verschenen in Bijblad bij De Industriële
Eigendom 2000-7, p. 240-242.
Geplaatst 15.01.2001
|
Kamiel
J. Koelman, ‘A Hard Nut
to Crack: The Protection of Technological Measures’
(Draft), European
Intellectual Property Review 2000, p. 272-288.
It is expected that in
the digital era information will be distributed in
technologically protected formats, which will make it
harder, or impossible, to infringe copyrights. Recently
drafted and enacted legislation intends to protect
technological measures which protect copyrighted works.
This article investigates in what ways the legal
protection of these technological measures may affect the
copyright owners’ and users’ relative positions. Will
the balance shift to the one or the other side? The
emphasis is on the upcoming E.U. Copyright Directive, but
legislation from other countries will also be discussed.
Geplaatst 10.05.2000
|
| P.
Bernt Hugenholtz & Annemique M.E. de Kroon, ‘The
Electronic Rights War. Who owns the rights to new digital
uses of existing works of authorship?’, IRIS –
Legal Observations of the European Audiovisual Observatory,
2000-4.
Geplaatst 15.12.2001
|
P.B.
Hugenholtz,
‘The
Great Copyright Robbery. Rights allocation in a digital
environment’, paper presented at conference A Free
Information Ecology in a Digital Environment Conference,
New York University School of Law, 2 April, 2000.
In the shadows of the ‘copyright
grab’ that is currently taking place at the European and
international political level, a massive confiscation of
author's rights, possibly much more destructive to
society, is taking place. Media concentration, media
convergence and the lure of multimedia product development
have inspired media companies all over the world to
redraft their standard publishing or production contracts
in such a way as to effectively strip the authors of their
pecuniary rights entirely. Authors have a simple choice
sign away their rights, or starve. This paper examines the
allocation of rights between independent authors and
producers from a mainly historical perspective, and
proposes several author-protective strategies, including
legislative measures.
Geplaatst 05.04.2000
|
Kamiel
J. Koelman & R
Julià-Barceló, ‘Intermediary
Liability in the E-commerce Directive: So Far, So Good, But
It’s Not Enough’ (draft), verschenen in Computer
Law & Security Report, 2000-4, p. 231-239.
The E-Commerce Directive
establishes a regime for on-line intermediary liability.
However, certain aspects of the Directive may force
intermediaries, in particular host service providers, to
indiscriminately take-down content even if it is extremely
doubtful that the material is in fact unlawful or illegal.
This piece investigates these flaws of the Directive's
liability limitations that may unduly hinder the freedom
of information and fair competition. Additionally,
possible solutions to these drawbacks are explored.
Geplaatst 15.05.2000
|
K.J.
Koelman, ‘Handjeklap
in Brussel’, I&I 2000-2, p. 2-4.
Commentaar op de
aanstaande Auteursrechtrichtlijn.
Geplaatst 06.06.2000
|
N.
Helberger, ‘Urheber-
und Nachbarrechtsschutz im audiovisuellen Sektor’ (Copyright
and related rights in the audiovisual sector), IRIS 2000-2,
p. 15.
The article gives an
overview on the existing international and regional
provisions, particular at the level of WIPO and the
European Community on the legal protection of copyrights
and related rights in the audiovisual sector. Secondly, it
introduces the most important pending proposals for an
update of those provisions and concludes with some
comparative remarks on the expected future state of
protection.
Geplaatst 27.03.2001
|
| K.J.
Koelman, ‘Hoe een
koe een haas vangt: de bescherming van technologische
voorzieningen’, Computerrecht 2000-1, p. 30-36.
Geplaatst 10.12.1999
|
G.A.I.
Schuijt,
'Le
droit d'auteur des journalistes', Les Cahiers des
Propriété Intellectuelle 2000-2, p. 495-505.
Geplaatst 14.02.2001
|
J.I.
Krikke, ‘Het
bibliotheekprivilege in de digitale omgeving’, ITeR
deel 29 (2000). (Ook verkrijgbaar
in
zip-formaat).
Deel 29 van de ITeR
reeks gaat over het bibliotheekprivilege in de digitale
omgeving. In dit rapport evalueert Judica Krikke, in 1999
verbonden aan het Instituut voor Informatierecht van de
Universiteit van Amsterdam en daarnaast advocaat bij De
Brauw, Linklaters & Alliance, in hoeverre de
bibliotheekpraktijk wordt geraakt en in de toekomst zal
worden geraakt door het auteursrecht, de naburige rechten
en het databankenrecht. In het bijzonder wordt beschouwd
welke veranderingen de overschakeling naar een
gecomputeriseerde, on-line omgeving en daarmee verband
houdende ontwikkelingen in (internationale) regelgeving
met zich meebrengen voor het bibliotheekwezen. Behalve
naar de situatie in Nederland, wordt kort stilgestaan bij
de situatie in Duitsland, Groot- Britannië en de
Verenigde Staten.
Geplaatst 16.05.2000
|
E.J.
Dommering (red.), met bijdragen van Lodewijk
Asscher, Egbert Dommering, Nico
van Eijk, Jan Kabel,
Aernout
Nieuwenhuis en Gerard
Schuijt, Nirmala
Sitompoel (eindredactie), Informatierecht.
Fundamentele rechten voor de informatiemaatschappij,
Amsterdam: Cramwinckel.
Hoofdstuk
1 van het boek is beschikbaar.
Wordt de
informatiesamenleving gecontroleerd door dominante
partijen of door onafhankelijke burgers? Dit boek
behandelt die vraag vanuit de drie kernrechten van
informatie: uitingsvrijheid, privacy en auteursrecht. Deze
worden voor het eerst in hun onderlinge en historische
samenhang vanaf de drukpers tot het Internet geanalyseerd.
De informatiebetrekkingen tussen de burgers kunnen niet
bestaan zonder elektronische en printmedia. Het boek gaat
daarom ook over de pers, de omroep, de post, de
telecommunicatie, het Internet en databanken. In een
afsluitend deel een analyse van de samenhang tussen deze
regels met de informatietechnologie, de cultuur en
economie.
Het boek laat zich niet alleen lezen als een spannend
historisch verhaal, maar het nodigt ook uit tot nadenken
over theoretische grondslagen. Het is daarom geschikt voor
onderwijs en wetenschap. Het bevat bondige inleidingen op
o.a. het Europees Verdrag voor de Rechen van de Mens, de
relevante delen van het EG recht, de Mediawet, de Wet
Bescherming Persoonsgegevens, de Postwet en de
Telecommunicatiewet, die nooit eerder in deze samenhang
werden getoond. Dat maakt dit boek ook zeer geschikt voor
de rechtspraktijk.
Geplaatst 24.01.2000
|
Christiaan
Alberdingk Thijm, ‘Brief
naar het front: nieuws en fair use’, Informatierecht/AMI
1999-9, p. 143-147.
De Nederlandse regering
heeft in een brief aan de Tweede Kamer haar
auteursrechtbeleid voor de komende jaren gepresenteerd. De
regering volgt in grote lijnen het advies van de door haar
benoemde commissie auteursrecht. Zoals bekend, heeft de
commissie auteursrecht scherpe kritiek geuit op het
richtlijnvoorstel van de Europese Commissie. Het grootste
bezwaar is dat op basis van het voorstel een groot aantal
beperkingen op het auteursrecht moet worden geschrapt. In
dit artikel wordt ingegaan op één van de met doorhaling
bedreigde beperkingen, de nieuwsexceptie van artikel 15
Aw, en op het belangrijkste punt waarop de regering
afwijkt van de commissie auteursrecht. De regering wenst
het Amerikaanse fair use beginsel in de Auteurswet in
tevoeren.
Geplaatst 30.11.1999
|
K.J.
Koelman & P.B.
Hugenholtz,
'Online
Intermediary Liability for Copyright Infringement',
rapport voor WIPO.
Geplaatst 22.11.1999
|
P.B.
Hugenholtz & K.J.
Koelman,
‘Copyright
Aspects of Caching’, DIPPER (Digital Intellectual
Property Practice Economic Report) Legal Report, 30
September 1999, ook beschikbaar
in
ZIP-formaat (41 kB).
Studie naar
auteursrechtelijke aspecten van (proxy- en client-)
caching, geschreven in opdracht van de Europese Commissie
in het kader van het Esprit-programma. De nadruk ligt op
huidig en toekomstig Europees en Amerikaans recht. Bevat
een afdeling over de aansprakelijkheid van Internet
(access) providers, en een bespreking van verschillende
mogelijke oplossingen.
Geplaatst 30.09.1999
|
P.B.
Hugenholtz, Commentaar
bij Scientology vs. XS4ALL - bodemprocedure (Rb
's-Gravenhage d.d. 9 juni 1999), Computerrecht
1999-4.
Naar dit vonnis
(ook beschikbaar in
Word6.0-formaat)
werd door liefhebbers van het (auteurs)recht en het
Internet reikhalzend uitgezien. Zou de Haagse rechtbank
zich aansluiten bij het spraakmakende vonnis in kort
geding, dat door de Haagse president in 1996 gewezen werd?
Of zouden de service providers als nog moeten boeten voor
de Scientology-pesterij waaraan een aantal van hun
abonnees zich destijds te buiten was gegaan? Het is van
beide een beetje geworden. Met commentaar
van prof. mr. P.B. Hugenholtz.
Geplaatst 01.07.1999
|
K.J.
Koelman, noot bij
het vonnis
(ook beschikbaar in
Word6.0-formaat)
in de zaak Scientology vs. XS4ALL - bodemprocedure
(Rb 's-Gravenhage d.d. 9 juni 1999), Informatierecht/AMI
1999-7.
Geplaatst 20.06.1999
|
G.A.I.
Schuijt,
'Nogmaals
artikel 7 Auteurswet en de wetenschappelijke werknemers',
Informatierecht/AMI 1999-7, p. 101-109.
Dit artikel in het
augustus/septembernummer van Informatierecht/AMI
heeft nogal de aandacht getrokken. Schuijt rakelt een oude
discussie op, houdt een aantal in die discussie gebruikte
argumenten tegen het licht en schrijft hij deze te licht
bevonden te hebben. Anders dan door velen tot nu toe is
gesteld, berust volgens Schuijt het auteursrecht op in het
kader van hun dienstverband gemaakte werken niet bij de
medewerkers maar bij de universiteiten. Toch hoeft dit
volgens hem geen gevaar op te leveren voor de academische
vrijheid. Mede vanwege omdat bij de overeengekomen cao
voor de universiteiten is afgesproken dat er over het
auteursrecht van de wetenschappelijke werknemers
afzonderlijk gesproken zal worden, heeft Schuijt enkele
uitgangspunten voor dat overleg neergezet.
Geplaatst 12.10.1999
|
| K.J.
Koelman, 'Art. 2B
UCC: dwingendrechtelijke beperkingen van het auteursrecht?',
Informatierecht/AMI juni 1999.
Geplaatst 28.05.1999
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Code
as code, or the end of intellectual property as we know it’,
Maastricht Journal of European and Comparative Law,
Volume 6 (1999), No. 3, p. 308-318.
In this article two
potential substitutes for the copyright regime will be
described: contract law and information technology. The
combination of both instruments poses a direct threat to
the copyright system, as we know it. Contract and ‘code’
combined have the capability of making copyright and its
set of statutory limitations largely redundant, and may
require an entire new body of information law to safeguard
the public domain.
Geplaatst 07.09.1999
|
M.M.M.
van Eechoud, noot bij
Pres. Rb. Dordrecht 8 september 1998 (KPN / Kapitol),
gepubliceerd in AMI/Informatierecht 1999-1, p. 10-12.
Commentaar op de
uitspraak van Pres. Rb. Dordrecht 8 september 1998 inzake
KPN/Kapitol, over het op internet beschikbaar maken van
telefoongidsen. Bevoegdheid van de Nederlandse rechter ten
aanzien van ‘buitenlandse’ website.
Geplaatst 27.03.2000
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Sleeping
with the Enemy. Over de verhouding tussen auteurs en
exploitanten in het auteursrecht’, Rede, in
verkorte vorm uitgesproken bij de aanvaarding van het ambt
van Hoogleraar in het Informatierecht, in het bijzonder
Auteursrecht, aan de Universiteit van Amsterdam op 24
november 1999. De
oratie is ook verschenen in de Oratiereeks (nr. 34)
bij Vossiuspers AUP, alwaar men deze kan bestellen.
De proliferatie van het
auteursrecht, waarmee de opkomst van de ‘informatiemaatschappij’
gepaard is gegaan, gaat ten koste van de auteur. Op
politiek niveau hebben de exploitanten het voor het
zeggen; naar de auteurs wordt niet meer geluisterd. Door
de voortgaande mediaconcentratie dreigt de positie van de
auteurs ten opzichte van de exploitanten verder ondermijnd
te worden. Auteurs worden steeds vaker gedwongen hun
auteursrechten over te dragen, zonder dat zij evenredig
van de nieuwe exploitatiemogelijkheden profiteren. In
omringende landen genieten auteurs sinds jaar en dag
wettelijke bescherming tegen het ‘weggeven’ van hun
rechten aan de exploitanten. Hoog tijd om ook in Nederland
de auteurs te hulp te schieten.
Geplaatst 30.11.1999 |
K.J.
Koelman,
Protection
of Technological Measures, rapport aan IMPRIMATUR,
november 1998.
Geplaatst 30.10.1998
|
| L.H.R.M.
Guibault (voor Raad van Europa), Discussion
paper on the question of Exceptions to and limitations on
copyright and neighbouring rights in the digital era,
Straatsburg, oktober 1998.
Geplaatst 18.02.2002
|
P.B.
Hugenholtz,
Noot
bij het besluit
van 10 september 1998 van de Nederlandse
Mededingingsautoriteit (NMa), Mediaforum 1998-10.
In dit besluit van de NMa
werd het zgn. omroepbladenmonopolie ongeoorloofd geacht.
De NMa stelde dat de NOS en HMG misbruik maken van hun
machtspositie door te weigeren de programmagegevens ter
beschikking te stellen aan derden.
Geplaatst 07.09.1999
|
Christiaan
Alberdingk Thijm, ‘Fair
use: in weiter Ferne, so nah’, Informatierecht/AMI
1998-10, p. 176. (
ook als pdf-bestand
beschikbaar).
Prof. mr. H. Cohen
Jehoram heeft zich in reactie op het artikel ‘Fair use:
het auteursrechtelijk evenwicht hersteld’ kritisch
uitgelaten over het fair use beginsel. Alberdingk Thijm
dient Cohen Jehoram in dit naschrift van repliek.
Geplaatst 30.11.1999
|
Christiaan
Alberdingk Thijm, ‘Fair
use: het auteursrechtelijk evenwicht hersteld’, Informatierecht/AMI
1998-9, p. 145-154 (
ook in pdf-formaat
beschikbaar).
Het auteursrechtelijk
evenwicht is verstoord. In dit artikel wordt betoogd dat
de introductie van een flexibele open norm in de
Auteurswet 1912 naar model van het Amerikaanse fair use
beginsel de rechter beter in staat stelt met zowel de
belangen van rechthebbenden als met de belangen van
gebruikers rekening te houden. Opdat het auteursrecht op
harmonieuze wijze het volgende millennium tegemoet kan
treden.
Geplaatst 30.11.1999
|
| K.J.
Koelman, 'Wat niet weet,
wat niet deert: civielrechtelijke aansprakelijkheid van de
provider', Mediaforum 1998-7/8.
Geplaatst 02.06.1998
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Het
wetsvoorstel implementatie databankrichtlijn’, IER
1998-6.
Op 20 juli 1998 is bij de
Tweede Kamer ingediend een wetsvoorstel tot aanpassing van
de Nederlandse wetgeving aan de Europese
Databankrichtlijn. Het voorstel strekt tot invoering van
een afzonderlijke wet (een nieuwe Wet bescherming
producent van databanken), waarin het sui generis
databankrecht zijn beslag zal krijgen. Daarnaast voorziet
het voorstel in aanpassing van de Auteurswet 1912. In dit
artikel worden de hoofdlijnen van het wetsvoorstel
besproken.
Geplaatst 07.09.1999
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Het
Internet: het auteursrecht voorbij?’, Preadvies
voor de Nederlandse Juristenvereniging 1998.
Een uitvoerige studie
over de toekomst van het auteursrecht. De schrijver
behandelt onder meer: het uitdijende reproductierecht, het
einde van de territorialiteit, aansprakelijkheid van
service providers en alternatieven voor het auteursrecht.
Geplaatst 07.09.1999
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Fear
and Greed in Copyright City’, keynote speech,
IMPRIMATUR Fourth Consensus Forum, "Contracts and
Copyright: The Legal Framework for Future Electronic
Copyright Management", Londen, 2-3 juli 1998.
Geplaatst 13.03.2000
|
K.J.
Koelman & L.A. Bygrave,
Privacy,
Data Protection and Copyright: Their Interaction in the
Context of Electronic Copyright Management Systems,
rapport aan IMPRIMATUR,
juni 1998.
Geplaatst 01.06.1998
|
| K.J.
Koelman, 'De overdracht
overdacht: artikel 2 Auteurswet en de elektronische rechten',
Informatierecht/AMI mei 1998.
Geplaatst 12.04.1998
|
| J.J.C.
Kabel, bewerkte versie met
noot van het vonnis in kort geding Koninklijke
Vermande BV vs. Bojkovski.
Geplaatst 13.11.1998
|
J.J.C.
Kabel, Presentatiedia's van de lezing Auteursrecht en
beeldende kunst die Jan Kabel gehouden heeft
tijdens de vergadering van de VVA op 13 februari 1998:
Auteursrecht
en beeldende kunst (ook verkijgbaar
in zip-formaat).
Geplaatst 14.02.1998
|
K.J.
Koelman,
Copyright
aspects of the preservation of electronic publications,
zie hierover NRC
29 maart 1998.
Geplaatst 05.03.1999
|
Willy Alexander, ‘Toetsing
van SACEM's disco-tarieven aan artikel 86 EEG-Verdrag: een
lijdensweg’.
Geplaatst 19.03.1998
|
Herman
Cohen Jehoram, ‘Cumulation
of Protection in the EC Design Proposals’.
Geplaatst 31.03.1998
|
K.J.
Koelman,
Liability
for Online Intermediaries, rapport aan IMPRIMATUR,
januari 1998.
Geplaatst 14.12.1998
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Recept,
Gerecht en Auteursrecht’, in: D.W.F. Verkade en D.J.G.
Visser, Intellectuele eigenaardigheden. Opstellen
aangeboden aan Mr. Theo R. Bremer, Deventer: Kluwer
1998, p. 175-179.
Geplaatst 14.03.2000
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Implementing
the Database Directive’, in: Jan J.C. Kabel and Gerard
J.H.M. Mom (eds.), Intellectual Property and Information
Law, Essays in Honour of Herman Cohen Jehoram, The
Hague/London/Boston: Kluwer Law International 1998, p.
183-200.
Geplaatst 13.03.2000
|
Jaap
F. Haeck, Samenvatting
van Idee en programmaformule in het auteursrecht,
Deventer: Kluwer 1998, 279 p.
Geplaatst 31.03.1998
|
Willy Alexander, ‘Intellectual
Property and the Free Movement of Goods. The 1996 case-law
of the Court of Justice’, IIC (1998).
Geplaatst 10.03.1998 |
| K.J.
Koelman, Multimedia
Licenses: Selected Topics (summary).
Geplaatst 30.09.1997
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Fierce
Creatures. Copyright Exemptions: Towards Extinction?’,
keynote speech, IFLA/IMPRIMATUR Conference,
"Rights, Limitations and Exceptions: Striking a Proper
Balance", Amsterdam, 30-31 oktober 1997.
Geplaatst 02.11.1997
|
Christiaan
Alberdingk Thijm, ‘Handel
in dode auteurs leidt tot vragen’, Informatierecht/AMI
1997-6, p. 115-123 (
ook als pdf-bestand
beschikbaar).
Richtlijn 93/98/EEG van
de Raad betreffende de harmonisatie van de
beschermingstermijn van het auteursrecht en van bepaalde
naburige rechten (hierna: Duurrichtlijn) laat eindelijk
van zich horen. Het dilemma waarmee uitgevers van ‘herlevende
auteurs’ geconfronteerd worden - betalen of niet - wordt
veroorzaakt door onduidelijk overgangsrecht. De vraag hoe
moet worden gereageerd op de grootschalige herleving van
rechten wordt niet beantwoord door de Duurrichtlijn, maar
is aan de Lid-Staten zelf overgelaten. Het onvermijdelijke
gevolg hiervan is vage interpretaties van een onduidelijke
richtlijn, die per Lid-Staat aanzienlijk uiteenlopen. Het
doel van dit artikel is meer duidelijkheid te creëren
over de praktische betekenis van het Nederlandse
overgangsrecht.
Geplaatst 30.11.1999
|
Madeleine
de Cock Buning, ‘Recente
auteursrechtverdragen met onderhandelingsruimte’, Informatie
Professional 1997-2, p. 20-22.
Het WIPO
auteursrechtverdrag dat in Genève op 20 decem-ber 1996
werden aangenomen beperkt de mogelijkheden die de
digitalisering van informatie biedt minder dan
aanvankelijk verwacht. Browsen op Internet is niet zonder
meer afhankelijk van toestemming van de rechthebbende
uitgever zoals aanvankelijk voorgesteld. De positie van
uitgevers aan de ene kant en van gebruikersgroepen, zoals
bibliotheken, aan de andere kant, zal nog wel nader moeten
worden ingevuld. Daarbij zal veel afhangen van het
rechterlijk oordeel, maar ook van de onderhandelingen
tussen belanghebbenden.
Geplaatst 06.04.1998
|
P.B.
Hugenholtz,
‘De
Databankrichtlijn eindelijk aanvaard. Een zeer kritisch
commentaar’, Computerrecht 1996-4, p. 131-138.
Kritische analyse van de
Europese Databankrichtlijn. De Richtlijn biedt de
producenten van databanken veel bescherming, maar houdt
nauwelijks rekening met de belangen van concurrenten,
intermediairs en eindgebruikers. Voor Nederland betekent
het sui generis extractierecht, dat de kern van de
Richtlijn vormt, waarschijnlijk het einde van de aloude
geschriftenbescherming.
Geplaatst 07.09.1999
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Copyright
and multimedia. Licensing in the digital era’, Congreso
Europeo Derecho Sobre Audiovisual, Sevilla, 23-26 oktober
1996.
In this article a number
of the most relevant legal issues for the emerging
multimedia industry will be identified. The main focus
will be on the complicated licensing problems involved in
producing and publishing multimedia programmes.
Geplaatst 30.10.1996
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Adapting
copyright to the information superhighway’, in: P.B.
Hugenholtz (red.), The future of copyright in a digital
environment. Proceedings of the Royal Academy Colloquium
organised by the Royal Netherlands Academy of Sciences
(KNAW) and the Institute for Information Law (Amsterdam 6-7
July 1995), Den Haag: Kluwer Law International 1996, p.
81-102.
Geplaatst 07.09.1999
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Chronicle
of The Netherlands. Dutch copyright law 1990-1995’, Revue
Internationale du Droit d'Auteur (169) juli 1996, p.
128-195.
Geplaatst 07.09.1999
|
G.J.H.M.
Mom,
'Portretmerken',
IER 1996-5, p. 169-175 (
illustraties).
Artikel over de vraag of,
en zo ja onder welke omstandigheden en voorwaarden, de in
de Auteurswet voorziene portretrechtelijke bescherming
versterkt, aangevuld of soms zelfs vervangen zou kunnen
worden door een merkenrechtelijke bescherming. Kan een
portret een 'merk' zijn in de zin van de Benelux
Merkenwet? Welke praktische en juridische haken en ogen
zijn verbonden aan het deponeren respectievelijk gebruiken
van iemands portret als teken ter onderscheiding van een
produkt of dienst?
Geplaatst 31.03.1998
|
Herman
Cohen Jehoram, ‘International
exhaustion versus importation right: a murky area of
intellectual property law’, GRUR International
1996-4, p. 280-284.
Beschouwing over het
beginsel van de zgn. (nationale / internationale /
communautaire) uitputting van intellectuele
eigendomsrechten.
Geplaatst 31.03.1998
|
G.J.H.M.
Mom,
'Collectieve
auteursrechtenbureaus', in: Dossier: Ondernemingszaken,
deel 23, Onderneming en Intellectuele Eigendom, Den
Haag: Delwel/Advies 1996, p. 62-69 en 131-132.
Bijdrage over (het nut
van) collectieve auteursrechtenbureaus in het algemeen,
met nadere informatie over een aantal afzonderlijke in
Nederland werkzame collectieve (beheers- en
incasso-)organisaties op het gebied van het auteursrecht
en de daaraan verwante rechten (zoals Buma/Stemra, Sena,
Burafo, Beeldrecht, Thuiskopie, Reprorecht en Leenrecht).
Geplaatst 31.03.1998
|
J.I. Krikke, ‘Auteursrecht
in de maat, Informatierecht/AMI 1995-6, p.
103-110.
Het rigide stelsel van de
Auteurswet dreigt de ondergang van het auteursrecht te
worden. Daarom wordt wel reikhalzend uitgekeken naar het
Amerikaanse ‘fair use’-beginsel,
en door sommigen een drastische herziening van de
Auteurswet naar Amerikaans model voorgestaan. Voor we
daaraan beginnen is het echter nuttig eens te bezien of
ons eigen rechtsstelsel nog correctiemogelijkheden biedt.
Het auteursrecht is afgedwaald van het privaatrecht,
waardoor privaatrechtelijke correctiemechanismen zijn
verwaarloosd. Als we daaraan meer aandacht besteden, kan
meer ruimte worden geschapen voor gerechtvaardigde
belangen van anderen, zoals de informatievrijheid. Een
flexibeler systeem zal misschien ook kunnen voorkomen dat
het auteursrecht uit zijn voegen barst.
Geplaatst 12.01.1999
|
G.J.H.M.
Mom,
'Goede zeden en
openbare orde in het intellectuele eigendomsrecht', IER
1995-3, p. 93-102 (
illustraties).
In dit artikel wordt de
vraag aan de orde gesteld of en zo ja, in hoeverre
strijdigheid met de goede zeden en/of de openbare orde van
invloed is op bepaalde intellectuele eigendomsrechten. Zou
bedoelde strijdigheid aanleiding kunnen zijn werken van
letterkunde of kunst buiten de bescherming van het
auteursrecht te plaatsen? En hoe is de situatie met
betrekking tot `onzedelijke' of met de openbare orde
strijdige uitvindingen, merken en modellen? Valt daaraan
i.e.-bescherming te onthouden?
Geplaatst 31.03.1998
|
E.J.
Dommering,
‘Het
auteursrecht spoelt weg door het elektronisch vergiet. Enige
gedachten over de naderende crisis van het auteursrecht’,
Computerrecht 1994-3, p. 109-113 (tevens gereviseerde
Engelstalige versie beschikbaar).
Auteursrechtelijke werken
worden opgeslagen in elektronisch toegankelijke
databanken. Dat schept geheel nieuwe vragen voor de
exploitatie van deze werken. Men heeft het over
elektrokopieën van pagina's uit boeken. In dit artikel
wordt de elektrokopie behandeld als een spook uit het
papieren tijdperk. Wij zullen naar geheel nieuwe concepten
toe moeten voor de exploitatie van informatie die over
elektronische snelwegen zoeft, en multimediaal aan de
gebruiker wordt aangeboden.
Geplaatst 06.04.1998
|
P.B.
Hugenholtz,
‘Copyright
and electronic document delivery services’, Interlending
& Document supply, 1994-3, p. 8-14.
Geplaatst 07.09.1999
|
J.J.C.
Kabel, ‘Auteursrechtelijke
grenzen aan de vrijheid van de beeldende kunstenaar’,
in: T. Pronk, G.A.I. Schuijt, (red.); Hoe vrij is kunst?,
Otto Cramwinckel Uitgever, Amsterdam 1992, pp. 68-86.
Auteurs-recht is toch
bovenal kunst-recht? Die laatste stelling is niet juist.
Natuurlijk beschermt het auteursrecht ook de rechten van
kunstenaars, maar in de praktijk heeft het vooral
betekenis voor werk dat op grote schaal reproduceerbaar
is. Daarin is al een eerste auteursrechtelijke grens
gelegen die inhoudt dat de maker van unieke werken het
niet in de eerste plaats van zijn auteursrecht hebben
moet. Maar ook de exploitatie van het auteursrecht zelf,
is aan beperkingen onderhevig en één van de
belangrijkste op het terrein van de moderne beeldende
kunst vloeit voort uit de omschrijving van het te
beschermen object, het werk in de zin van artikel 1
Auteurswet. De kunstenaar die kiest voor kunst-uitingen
die buiten dat werkbegrip vallen, verliest de mogelijkheid
zijn werk auteursrechtelijk te exploiteren. Wanneer de
kunstenaar ervoor kiest werk van anderen te gebruiken
zoals dat in de zgn. appropriation art (ontleningskunst)
het geval is, wordt zijn vrijheid, althans in theorie,
door rechten van anderen beperkt. Ik zeg met opzet: in
theorie, want de praktijk wijst uit dat de kunstenaar daar
nauwelijks last van heeft. De vraag is hoe dat
auteursrechtelijk is te verklaren. Veel moderne kunst is
niet voor de eeuwig-heid gemaakt. Hoeveel eerbied moeten
anderen betrachten tegenover vluchtige kunstuitingen? Is
er een recht evenredig verband tussen de mate van
vluchtigheid van het werk en het te betrachten respect?.
Geplaatst 12.08.2001
|
|
Bijgewerkt 03.07.2012
|
|
|
|