Medewerkers
prof. dr. N.A.N.M. van Eijk
(Nico)
Hoogleraar
 
Instituut voor
Informatierecht (IViR)

Bezoekadres
Korte Spinhuissteeg 3
1012 CG Amsterdam

Postadres
Kloveniersburgwal 48
1012 CX Amsterdam
kamer B2.05
tel: 020 - 525 3931
fax: 020 - 525 3033
 


Curriculum Vitae

Nico van Eijk is hoogleraar Informatierecht, in het bijzonder het Media- en Telecommunicatierecht, aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam, en directeur van het Instituut voor Informatierecht (IViR). Hij studeerde Rechten aan de Universiteit van Tilburg en promoveerde in 1992 op het onderwerp "overheidsbemoeienis met omroepprogramma's" aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is tevens werkzaam als zelfstandig adviseur. Verder is hij onder meer voorzitter van de Vereniging voor Media- en Communicatierecht (VMC), lid van de Raad van Toezicht van de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) en voorzitter van twee commissies van de Sociaal Economische Raad (SER).


Publicaties
Kroniek Telecommunicatierecht, KwartaalSignaal 126 Ars Aequi, 2013-1, p. 7167-7169.

23.04.2013


Ut ken net?, Column in BTG-Magazine, 2013-1, p. 31.

23.04.2013


Net Neutrality and Audiovisual Services? in: Routledge Handbook of Media Law (eds. M Price, S. Verhulst & L. Morgan), Routledge 2012, p. 523-538.
ISBN 978-0-415-68316-6.

22.01.2013


Toegang tot de kabel revisited: artikel 6.14a Media, Opinie, Mediaforum, 2012-9, p. 269.

08.01.2013


(met J.V.J. van Hoboken, A.M. Arnbak en met medewerking van N.P.H. Kruijsen) Cloud Computing in Higher Education and Research Institutions and the USA Patriot Act, Engelse versie van rapport in opdracht van SURF, november 2012.

Institutions have started to move their data and ICT operations into the cloud. It is becoming clear that this is leading to a decrease of overview and control over government access to data for law enforcement and national security purposes. This report looks at the possibilities for the U.S. government to obtain access to information in the cloud from Dutch institutions on the basis of U.S. law and on the basis of Dutch law and international co-operation. It concludes that the U.S. legal state of affairs implies that the transition towards the cloud has important negative consequences for the possibility to manage information confidentiality, information security and the privacy of European end users in relation to foreign governments.
The Patriot Act from 2001 has started to play a symbolic role in the public debate. It is one important element in a larger, complex and dynamic legal framework for access to data for law enforcement and national security purposes. In particular, the FISA Amendments Act provision for access to data of non-U.S. persons outside the U.S. enacted in 2008 deserves attention. The report describes this and other legal powers for the U.S. government to obtain data of non-U.S. persons located outside of the U.S. from cloud providers that fall under its jurisdiction. Such jurisdiction applies widely, namely to cloud services that conduct systematic business in the United States and is not dependent on the location where the data are stored, as is often assumed. For non-U.S. persons located outside of the U.S., constitutional protection is not applicable and the statutory safeguards are minimal.
In the Netherlands and across the EU, government agencies have legal powers to obtain access to cloud data as well. These provisions can also be be used to assist the U.S. government, when it does not have jurisdiction for instance, but they must stay within the constitutional safeguards set by national constitutions, the European Convention on Human Rights and the EU Charter.

This is the English translation of a report that was released in September 2012 in The Netherlands. It was covered extensively in Dutch newspapers, on Radio1 and the 8 PM news bulletin of public broadcaster NOS. Politicians across the spectrum reacted on the report, both directly in the media and through Parliamentary questions. Meanwhile, the State Secretary of Security and Justice has responded to the Parliamentary questions on 15 October 2012. References can be found on the Institute for Information Law website. The report is also available on SSRN.

See also: Patriot Act can "obtain" data in Europe, researchers say, CBS News, 4 December 2012.

29.11.2012


Duties of Care on the Internet?, in: Cyber Safety: an introduction, R. Leukfeldt & W. Stol (ed.), The Hague: Eleven International Publishing 2012, p. 267-279.
ISBN 9789490947750.

15.11.2012


(met W. Benedek & J. Liddicoat) Comments relating to freedom of expression and freedom of association with regard to new generic top level domains, Comments submitted to the Governmental Advisory Committee (GAC) of the Internet Corporation for Assigned Names and Numbers, DG-I (2012) 4, 12 oktober 2012.

01.11.2012


(met J.V.J. van Hoboken, A.M. Arnbak en met medewerking van N.P.H. Kruijsen) Cloud diensten in hoger onderwijs en onderzoek en de USA Patriot Act, rapport in opdracht van SURF, september 2012.

Instellingen en gebruikers gaan massaal over op de cloud, en daardoor vermindert de controle en het overzicht over de toegang tot onze gegevens door overheden. Dit heeft belangrijke consequenties voor de privacy en andere fundamentele belangen bij de vertrouwelijkheid van informatie. Er is de laatste tijd veel geroepen over de Patriot Act, maar niemand heeft goed zicht op de Amerikaanse wetgeving die de VS de mogelijkheid van toegang geeft tot gegevens in de cloud. Dit rapport van het IViR in opdracht van SURFdirect geeft antwoord op deze belangrijke vragen.
De Amerikaanse Grondwet en de specifieke wetten beschermen buitenlanders in mindere mate dan Amerikanen. Cloudgegevens van niet-Amerikanen in het buitenland kunnen daarom sneller en makkelijker worden opgevraagd dan van Amerikanen, en dat zonder juridische waarborgen als transparantie over het aantal opvragingen en rechtsbescherming van het individu. Daarnaast wordt het maatschappelijke debat gedomineerd door hardnekkige misvattingen en een te grote focus op de Patriot Act. Er is sprake van een veel groter geheel aan wetgeving. Voor opvraging door Amerikaanse autoriteiten maakt het niet uit op welke plek in de wereld cloudgegevens zijn opgeslagen. Het hoeft ook geen Amerikaanse cloudprovider te zijn. Als een Nederlandse cloudaanbieder structureel zaken doet in de VS, dan geeft VS wet- en regelgeving in beginsel al de mogelijkheid voor VS autoriteiten om gegevens op te vragen vanuit Nederland. Voor afnemers van clouddiensten zullen zulke relaties in de praktijk moeilijk te achterhalen zijn en door overnames in de sector kan de situatie opeens veranderen.

Zie ook:

12.09.2012


(met B. van der Sloot), Must-carry Regulation: A Must or a Burden?, IRIS plus, 2012-5, p. 7-23.

The first must-carry rules date back to 1990, the time when space on analogue broadcasting networks was limited and when supply grew quickly due to the introduction of private broadcasters. To ensure that channels of general interest would still be transmitted, countries introduced rules to regulate the scarcely available cable capacity. The major reason for introducing these must-carry rules was to guarantee access to public service broadcasting and ensure a diverse choice of programmes. The option in the European regulatory framework of reserving distribution capacity for selected channels, is characterised by its technology-neutral formulation. A distinctive feature of these European rules is that must-carry obligations can only be imposed if the respective networks are the principal means of receiving radio and television channels for a significant number of end-users of these networks. In a market where users increasingly opt for using one provider for all their communication services, the question is justified if - apart from technical restrictions - must-carry obligations should be linked to a quantitative criterion. In this article, insight is provided into the choices made by various European countries with respect to regulation must-carry obligations and how the general European framework is applicable to national regulations. A brief comparison is made with the situation in the United States, some conclusions are drawn and thoughts are provided on the future of must-carry obligations in Europe.

09.10.2012


(met P. Nooren & A. Leurdijk) Net neutrality and the value chain for video, info, 2012-6, p. 45-58.

Video distribution over the Internet leads to heated net-neutrality related debates between network operators and Over-the-Top application providers. The purpose of this paper is to analyze this debate from a new perspective that takes into account all of the assets that companies try to exploit in the so-called battle for eyeballs in video distribution.

05.10.2012


(met M. Kerste, J. Weda, N. Rosenboom, T. Smits & J. Poort) Waarde verlenging mobiele vergunningen. Update: uitkomst veiling en verlengingsprijzen. SEO Economisch Onderzoek / IViR, Amsterdam, SEO-rapport nr. 2013-06.
ISBN: 9789067336864.

Op 14 december 2012 is de veiling van frequenties voor mobiele communicatie (multibandveiling) afgerond. Onder het te verdelen spectrum bevonden zich de huidige vergunningen in de 900 MHz en 1800 MHz band. Deze vergunningen lopen af op 25 februari 2013. Omdat de mobile network operators, afhankelijk van de uitkomst van de veiling, tijd nodig zouden kunnen hebben om de transitie te maken naar de nieuwe vergunningen, heeft de minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie in 2012 besloten dat de huidige 900 MHz- en 1800 MHz-vergunningen op aanvraag zouden kunnen worden verlengd.
Op grond van het geldende reguleringskader is de vergunninghouder bij verlenging van een vergunning een vergoeding aan de Staat verschuldigd. Dit rapport onderzoekt de wijze waarop de waarde van verlenging binnen de beleidsmatige en procedurele randvoorwaarden te bepalen is en stelt vervolgens de verlengingsprijzen vast. De uitkomst van de multibandveiling neemt daarbij een centrale rol in. De ontwikkelde methodiek heeft als basis gediend voor de ministeriële regeling waarin het eenmalig bedrag voor verlenging is geregeld.
Uitgaande van 21 maanden verlenging, bedragen de verlengingsprijzen voor de huidige vergunninghouders in de 900 MHz en 1800 MHz band gecumuleerd € 387,847,454.
Gegeven de veilinguitkomst, die een relatief beperkte (technische) transitie impliceert, hebben de vergunninghouders ondertussen een convenant gesloten waardoor een verlenging voor de transitie niet nodig is. Agentschap Telecom heeft hierbij een faciliterende rol gespeeld.

Het rapport is samen met het bijbehorende beleidsvoornemen ook te vinden op: www.rijksoverheid.nl/ministeries/eleni/documenten-en-publicaties/notas/2012/10/01/beleidsvoornemen-berekeningsmethode-eenmalig-bedrag-verlenging-gsm-vergunningen-2013.html

04.10.2012


(met A.M. Arnbak) Certificate Authority Collapse: Regulating Systemic Vulnerabilities in the HTTPS Value Chain, Telecommunications Policy Research Conference, augustus 2012.

Paper ook beschikbaar via SSRN.

Recent breaches and malpractices at several Certificate Authorities (CA’s) have led to a global collapse of trust in these central mediators of Hypertext Transfer Protocol Secure (HTTPS) communications. Given our dependence on secure web browsing, the security of HTTPS has become a top priority in telecommunications policy. In June 2012, the European Commission proposed a new Regulation on eSignatures. As the HTTPS ecosystem is by and large unregulated across the world, the proposal presents a paradigm shift in the governance of HTTPS. This paper examines if, and if so, how the European regulatory framework should legitimately address the systemic vulnerabilities of the HTTPS ecosystem. To this end, the HTTPS authentication model is conceptualised using actor-based value chain analysis and the systemic vulnerabilities of the HTTPs ecosystem are described through the lens of several landmark breaches. The paper explores the rationales for regulatory intervention, discusses the proposed EU eSignatures Regulation and ultimately develops a conceptual framework for HTTPS governance. It apprises the incentive structure of the entire HTTPS authentication value chain, untangles the concept of information security and connects its balancing of public and private interests to underlying values, in particular constitutional rights such as privacy, communications secrecy and freedom of expression. On the short term, specific regulatory measures to be considered throughout the value chain includes proportional liability provisions, meaningful security breach notifications and internal security requirements, but both legitimacy and effectiveness will depend on the exact wording of the regulatory provisions. The EU eSignatures proposal falls short on many of these aspects. In the long term, a robust technical and policy overhaul is needed to address the systemic weaknesses of HTTPS, as each CA is a single point of failure for the security of the entire ecosystem.

Zie ook:

07.09.2012


(met M. Keste en J. Poort) Valuing commercial radio licences, European Journal of Law and Economics, 2012.

Within the EU regulatory framework, licensees for commercial radio broadcasting may be charged a fee to ensure optimal allocation of scarce resources but not to maximize public revenues. While radio licence renewal occurs in many EU countries, an objective, model-based approach for setting licence fees has not been used so far. In this paper, it is described how such a fee can be determined for the purpose of licence renewal or extension. National and regional Dutch FM licences were valued, taking into account that simulcast broadcasting of digital and analogue radio is obligatory upon extension. Licences are valued using discounted cash flow methodology, whereby the cash flows of an averagely efficient entrant are taken as the benchmark for valuation of each individual licence. Cash flows during the licence period 2011–2017 are forecast based on generalized least squares regressions, using financial variables of Dutch radio stations for the years 2004–2008. Separately, bottom-up cost and investment models are used to calculate analogue and digital distribution costs. This results in a value per licence, based on objective licence characteristics, which can be used to set licence fees if administrative renewal or extension is opted for instead of a new auction or beauty contest.

Voor onderzoekers en studenten is toegang tot het artikel mogelijk via de eigen universiteitsbibliotheek naar de Springer databank.

14.08.2012


(met N. Helberger, L. Kool, A. van der Plas en B. van der Sloot) Online tracking: questioning the power of informed consent, info, 2012-5, p. 57-73.

The paper aims to report the main findings of a study for the Dutch Regulatory Authority for the Telecommunications sector OPTA to explore how the new European "cookie rules" in the ePrivacy Directive impact on behavioral advertising practices via the storing and reading of cookies. The paper identifies the main dilemmas with the implementation of the new European rules. The Dutch case provides a valuable reality check also outside The Netherlands. Even before the amendment of the directive, The Netherlands already had an opt-in system in place. From the Dutch experience important lessons can be learned also for other European countries.

10.08.2012


DigiNotar: Lessons to be learnt, Ars Aequi, 2012-2, p. 80-82.

14.02.2012


(met J. Poort) Universal service and disabled people, Telecommunications Policy, 2012-36, p. 85-95.

The EU regulatory framework enacted 25 May 2011 has the objective to provide functionally equal access to telecommunications services for disabled persons. What are the rules, who are the target groups, and what obstacles do they face when using various telecommunication services? And what arrangements do exist in a selected group of six EU Member States to remove these obstacles? Recommendations include the introduction of a more market-oriented approach, independent of specific networks.

27.01.2012


Netneutraliteit & 'eyeballs', bijdrage in Het glazen muiltje van XS4ALL, 29 visies op internet, technologie en maatschappij, p. 107-110.

13.01.2012


Kritische infrastructuur kritisch bekeken?, BTG-magazine, 2011-76, p. 20.

13.01.2012


Netneutraliteit in Nederland, BTG-magazine, 2011-75, p. 18.

13.01.2012


ACM onafhankelijk?, Opinie, Nederlands Juristenblad, 2011-44/45, p. 2252.

03.01.2012


BlackBerry blackout, Opinie, Mediaforum, 2011-11/12, p. 321.

13.12.2011


(met A. Leurdijk, O. Nieuwenhuis, T. Bachet, P. Nooren en B. van der Sloot) Audiovisuele mediadistributie, bottlenecks en beleid: Agenderende studie naar potentiële bottlenecks voor distributie van televisie en audiovisuele content en beleidsopties, TNO-rapport in opdracht van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2 december 2011.

06.12.2011


Net Neutrality and Audiovisual Services, IRIS Plus, 2011-5, p. 7-19.

This article is part of IRIS Plus 2011-5 "Why Discuss Network Neutrality?".
Artikel ook beschikbaar in het
Frans en in het Duits.

06.12.2011


(met J. Poort, I. Akker, B. van der Sloot & P. Rutten) Digitaal gebonden: Onderzoek naar de functionaliteit van een vaste prijs voor het e-boek, Onderzoek in opdracht van het Ministerie van OC&W, in samenwerking met SEO Economisch Onderzoek, Amsterdam, oktober 2011.

29.11.2011


(met N. Helberger, L. Kool, A. van der Plas & B. van der Sloot)   Online tracking: Questioning the power of informed consent, Paper prepared for ITS, 22nd European Regional ITS Conference Budapest, Hungary (18-21 September 2011).

18.10.2011
(met B. van der Sloot) How Television went digital in the Netherlands, Mapping Digital Media: reference series no. 11, september 2011.

11.10.2011


(met A.W. Hins) Verdeling van radiofrequenties, in: F.J. van Ommeren, W. den Ouden en C.J. Wolswinkel (red.), Schaarse publieke rechten, Den Haag: BJu 2011, p. 45-69.

04.06.2011


Beter goed gejat, dan slecht verzonnen?, BTG Magazine, 2010-74, p. 22.

19.05.2011


File Sharing, notitie geschreven op verzoek van het Europees Parlement, Committee on Legal Affairs, 2011.

26.04.2011


(met L. Kool, A. van der Plas, N. Helberger & B. van der Sloot) A bite too big: Dilemma's bij de implementatie van de Cookiewet in Nederland, TNO-rapport nr. 35473, in opdracht van OPTA, 28 februari 2011.

Door een aanscherping van de Europese e-Privacyrichtlijn is bij het plaatsen van cookies, die bijvoorbeeld worden gebruikt om het surfgedrag van internetgebruikers te volgen, vooraf toestemming van de gebruiker nodig (en die dient gebaseerd te zijn op een geïnformeerde keuze). Deze aanscherping op Europees niveau (Nederland kent al een bepaling op grond waarvan cookies kunnen worden geweigerd) heeft geleid tot een brede discussie over de uitvoerbaarheid en de wijze van toezicht op de regelgeving omtrent cookies. Eind mei moet de richtlijn in nationale wetgeving zijn geïmplementeerd. Een wetsvoorstel daartoe ligt nu bij de Tweede Kamer. Ter voorbereiding heeft OPTA aan TNO en IViR gevraagd te onderzoeken wat de nieuwe juridische situatie in de praktijk betekent.

Zie ook het persbericht en de Management Summary (in het Engels).
Zie ook de reactie van TNO/IViR aan de leden van de Commissie Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, op de branchereactie van 18 maart 2011.

17.03.2011


Annotatie bij Hof van Justitie 18 maart 2010 (Alassini / Telecom Italia), Tijdschrift voor Consumentenrecht en handelspraktijken, 2011-1, p. 21-25.

10.03.2011


About Network Neutrality 1.0, 2.0, 3.0 and 4.0, Computers & Law Magazine, 2011-6.

Nico van Eijk puts network neutrality in context, predicts the future flow of debate on the topic and makes a series of telling observations on network neutrality dilemmas.

Dit artikel is voor onderzoeksdoeleinden in het Russisch vertaald: О СЕТЕВОМ НЕЙТРАЛИТЕТЕ 1.0, 2.0, 3.0 И 4.0.

04.03.2011


(met T.M. van Engers (Leibniz Center for Law), C. Wiersma, C.A. Jasserand en W. Abel) Op weg naar evenwicht: een onderzoek naar zorgplichten op het internet, WODC / Universiteit van Amsterdam, 2010, 140 p.

In opdracht van het WODC (Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum) is onderzoek verricht naar zorgplichten op het internet, meer in het bijzonder vanuit het perspectief van internetserviceproviders. De situatie in vier landen - Nederland, Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Frankrijk - is onderzocht. De (zelf)regulering met betrekking tot een vijftal thema's is in kaart gebracht (internetveiligheid, kinderporno, auteursrechten, identiteitsfraude en de handel in gestolen goederen via internetplatforms). Daarnaast is een groot aantal interviews gehouden met betrokken partijen.

09.11.2010


Déjà vu, BTG Magazine, 2010-71, p. 18.

25.10.2010


Waarde commerciële radiovergunningen, SEO Economisch Onderzoek (J. Poort e.a.), IViR, TNO (B. van den Ende e.a.) en Universiteit Leiden/TNO (P. Rutten), april 2010, Kamerstukken II, 2009/10, 24095, nr. 257 (bijlage).

Het Ministerie van Economische Zaken heeft op 23 juni 2009 in een brief aan de Tweede Kamer laten weten digitale etherradio een impuls te willen geven. Dit gebeurt onder andere door de bestaande licenties voor FM- en middengolfomroep, die in september 2011 aflopen, onder bepaalde condities te verlengen. Het Ministerie heeft een consortium bestaande uit SEO Economisch Onderzoek, het Instituut voor Informatierecht (IViR) en TNO Informatie- en Communicatietechnologie gevraagd onderzoek te doen naar de economische waarde die verlenging van de vergunningen vertegenwoordigt.

20.05.2010


De mythe van onbelemmerde toegang tot internet, BTG Magazine, 2010-70, p. 28.

20.05.2010


Zelfregulering: denken in alternatieven, Editorial, Computerrecht, 2010-2, p. 52.

29.04.2010


(met J. Poort en P. Rutten) Legal, Economic and Cultural Aspects of File Sharing, Communications & Strategies, 2010-77, p. 35-54.

This contribution seeks to identify the short and long-term economic and cultural effects of file sharing on music, films and games, while taking into account the legal context and policy developments. The short-term implications examined concern direct costs and benefits to society, whereas the long-term impact concerns changes in the industry's business models as well as in cultural diversity and the accessibility of content. It observes that the proliferation of digital distribution networks combined with the availability of digital technology among consumers has broken the entertainment industries' control over the access to their products. Only part of the decline in music sales can be attributed to file sharing. Despite the losses for the music industry, the increased accessibility of culture renders the overall welfare effects of file sharing robustly positive. As a consequence the entertainment industries, particularly the music industry, have to explore new models to sustain their business.

16.04.2010


(met E.J. Dommering) Convergentie in regulering: Reflecties op elektronische communicatie, publicatie van het Ministerie van Economische Zaken, 's-Gravenhage, maart 2010.

In deze publicatie worden de belangrijkste technische, economische en sociale convergentietrends besproken. Dit gebeurt aan de hand van het lagenmodel waarin onderscheid wordt gemaakt tussen infrastructuur, transport/telediensten en informatiediensten. Vervolgens worden voorbeelden beschreven van convergentievraagstukken binnen het model, waarna kort wordt stilgestaan bij de impact op de digitale economie. Afgesloten wordt met voorstellen om te komen tot een meer geïntegreerde benaderingswijze.

24.03.2010


BEREC: op naar Europees toezicht, BTG Magazine, 2010-69, p. 14.

24.03.2010


(met I. Akker, K. Janssen en J. Poort) Toegang tot telecom: Onderzoek naar de invulling van het nieuwe Europese kader voor de toegankelijkheid van telecommunicatiediensten voor gehandicapten, SEO Economisch Onderzoek, 2009.

Sinds 2002 maakt de toegankelijkheid van telecommunicatie voor mensen met een beperking deel uit van de Europese Universeledienstenrichtlijn (UD-richtlijn). De Nederlandse Telecommunicatiewet reguleert de toegankelijkheid van een aantal diensten met het UD-instrument. De Nederlandse Telecommunicatiewet bevat echter nog geen specifieke regelgeving gericht op mensen met een beperking. Wel worden er in Nederland diensten aangeboden voor mensen met een beperking en voorziet de Zorgverzekeringswet in de vergoeding van sommige randapparatuur. Een herziening van de Europese richtlijn uit 2002, die naar verwachting in oktober 2009 zal worden vastgesteld, kent de verplichting om mensen met een beperking functioneel gelijkwaardige toegang te bieden tot telecommunicatiediensten. Dit onderzoeksrapport dient ter voorbereiding van de nationale implementatie van de verwachte herziene richtlijn.

16.02.2010


Twee is al veel, Editorial, Computerrecht 2009-3, nr. 104, p. 124.

25.11.2009


(met N. Helberger, L. Guibault, E.H. Janssen, C.J. Angelopoulos, J.V.J. van Hoboken, E. Swart, et al.) User-Created-Content: Supporting a participative Information Society, Final Report, studie in opdracht van de Europese Commissie, uitgevoerd door IDATE, TNO en IViR, 2008.

28.10.2009


Search Engines, the New bottleneck for Content Access, in: B. Preissl, J. Haucap & P. Curwen (red.), Telecommunication Markets, Drivers and Impediments, London: Springer, 2009, p. 141-157.

The core function of a search engine is to make content and sources of information easily accessible (although the search results themselves may actually include parts of the underlying information). In an environment with unlimited amounts of information available on open platforms such as the internet, the availability or accessibility of content is no longer a major issue. The real question is how to find the information. Search engines are becoming the most important gateway used to find content: research shows that the average user considers them to be the most important intermediary in their search for content. They also believe that search engines are reliable. The high social impact of search engines is now evident. This contribution discusses the functionality of search engines and their underlying business model - which is changing to include the aggregation of content as well as access to it, hence making search engines a new player on the content market. The biased structure of and manipulation by search engines is also explored. The regulatory environment is assessed - at present, search engines largely fall outside the scope of (tele)communications regulation - and possible remedies are proposed.

24.06.2009


Artikel 7 Grondwet en de richtlijn Audiovisuele mediadiensten, Mediaforum, 2009-3, p. 77.

01.04.2009


A Converged Regulatory Model for Search Engines?, Magazine of the Society for Computers and Law, 2009-6, p. 1-3.

18.03.2009


Technologieneutraliteit: 'Dit is geen frequentie', BTG Magazine, 2009-68, p. 14.

03.03.2010


De bewaarplicht: politieke opportuniteit!, BTG Magazine, 2009-67, p. 23.

03.03.2010


Scrappy's Electronics: niet goed, geld terug, BTG Magazine, 2009-66, p. 14.

03.03.2010


File sharing, dat doen we toch allemaal?, BTG Magazine, 2009-65, p. 14.

18.03.2009


(met A. Huygen, N. Helberger et al.) Ups and downs. Economic and cultural effects of file sharing on music, film and games (authorised translation), onderzoek door een consortium van TNO Informatie- en Communicatietechnologie, SEO Economisch Onderzoek en het Instituut Voor Informatierecht, in opdracht van de ministeries van OCW, EZ en Justitie, februari 2009.

27.02.2009


(met A. Huygen, N. Helberber et al.) Ups and downs. Economische en culturele gevolgen van file sharing voor muziek, film en games, onderzoek door een consortium van TNO Informatie- en Communicatietechnologie, SEO Economisch Onderzoek en het Instituut Voor Informatierecht, in opdracht van de ministeries van OCW, EZ en Justitie, januari 2009.

20.01.2009


De betekenis van zoekmachines in de informatiesamenleving, in: Commissariaat voor de Media, Mediamonitor 2007, p. 71-82.

16.11.2008


Audiovisuele mediadiensten en het internet, Ars Aequi, 2008-07/08, p. 549-555.

30.08.2008


(met P.B. Hugenholtz) Voorwoord en inhoud, in: N.A.N.M. van Eijk & P.B. Hugenholtz (red.) Dommering-bundel: Opstellen over informatierecht aangeboden aan prof. mr. E.J. Dommering, Amsterdam: Otto Cramwinckel Uitgever 2008.

15.05.2008


Van 'overheid op afstand' naar bumperkleven, Mediaforum, 2008-4, p. 162-163.

De nieuwe Multimediawet (MMw) luidt min of meer een derde reguleringsfase in. De nieuwe wet werd voorafgegaan door twintig jaar Omroepwet en twintig jaar Mediawet (Mw). Vooralsnog is het nog een voorstel en dus een mooi moment voor enige reflectie, waarbij ik mij beperk tot de (landelijke) publieke omroep.

15.04.2008


Zoekmachines: verloren in het recht?, Computerrecht 2008-1, p. 10-14.

Zoekmachines zijn een betrekkelijk nieuw fenomeen en daarmee doet zich de vraag voor waar zoekmachines binnen het recht zijn te positioneren. Deze bijdrage richt zich in het bijzonder op de sectorspecifieke positionering van zoekmachines. Daarbij wordt eerst bezien hoe de zoekmachine past in een traditioneel analytisch kader en waar zoekmachines moeten worden gepositioneerd vanuit het perspectief van de uitingsvrijheid. Vervolgens wordt bezien in welke mate nationale en Europese kaders met betrekking tot de regulering van de informatiesector van toepassing zijn op zoekmachines. Ten slotte worden de contouren geschetst van een mogelijke inbedding van zoekmachines in sectorspecifieke regulering.

26.03.2008


Over oude tijden die herleven en het konijn uit de hoge hoed, Opinie, Mediaforum 2007-10, p. 297.

01.11.2007


Search Engines, the new bottleneck for content acccess, Paper gepresenteerd op de International Telecommunications Society 19th European Regional Conference, 2-5 september 2007, Istanbul, Turkije.

01.11.2007


The modernisation of the European Television without Frontiers Directive: unnecessary regulation and the introduction of internet governance, (draft) paper gepresenteerd op de International Telecommunications Society 19th European Regional Conference, 2-5 september 2007, Istanbul, Turkije.

Kritische analyse van de voorgestelde Audiovisuele Media Diensten Richtlijn.

01.11.2007


(met K. Maniadaki) Institutional Aspects of Internet Governance, in: C. Moeller & A. Amouroux (red.), Governing the Internet - Freedom and Regulation in the OSCE Region, Vienna: OSCE Representative on Freedom of the Media, 2007, p. 67-87.

08.08.2007


Annotatie bij Rb. 's-Gravenhage 21 februari 2007 (XS4ALL / Staat der Nederlanden), LJN: AZ9109, Computerrecht, 2007-3, p. 161-165.

04.07.2007


De samenstelling van het programma-aanbod: Kabel en consument, april 2007.

Inventariserend onderzoek in opdracht van de Stichting Landelijk Steunpunt Programmaraden, naar de wijze waarop in een aantal geselecteerde landen consumenten betrokken zijn bij de samenstelling van het programma-aanbod op de kabel.

22.05.2007


Naar een juridische inkadering van de domeinnaamuitgifte, Computerrecht, 2007-2, p. 64.

22.05.2007


(met S. de Munck, L. Kool, M. Poel en P. Rutten) Verkenning van omroepmarkten in Nederland: Marktontwikkelingen en beleidsinstrumenten, TNO-rapport 34276, in opdracht van OPTA, februari 2007.

Dit rapport is een verkenning naar de omroepmarkten in Nederland, waarbij wordt gekeken naar de economische en juridische maatregelen voor concurrentiebevordering op deze markten. Dit is onderzoek is niet beperkt tot de traditionele telecommunicatie regulering, maar neemt ook mediarechtelijke- en consumentenbeschermingsregulering mee, zoals de recente wijziging van de Telecommunicatiewet waarbij aan OPTA ook bevoegdheden worden toegekend ten aanzien van programmadiensten. Het onderzoek beoogt primair het formuleren van praktische adviezen en aanbevelingen voor de toekomstige activiteitenagenda van OPTA. Het gaat om een verkenning van wetgeving en 'regulatory package' enerzijds en markt, technologie en instrumentenmix anderzijds.

22.03.2007


Consumentenbescherming in de elektronische communicatiesector, Mediaforum, 2006-11/12, p. 338-345.

De positie van de consument in de elektronische communicatiesector heeft een frisse impuls gekregen met de komst van het herziene richtlijnenkader. In dit artikel wordt allereerst nagegaan hoe relevante bepalingen in nationale regelgeving zijn geïmplementeerd. Daarbij valt op dat in Nederland evenals in een aantal onderzochte landen de regels van de richtlijnen voornamelijk één op één zijn omgezet, maar ook dat er zich op onderdelen interessante variaties voordoen. Vervolgens wordt aangegeven wat in Nederland de ontwikkelingen zijn sinds de implementatie van het richtlijnenkader. Geconcludeerd kan worden dat er meer en meer accent op consumentenbescherming is komen te liggen, waarbij het richtlijnenkader als een ondergrens is gehanteerd, maar met regelmaat verdergaande en aanvullende bescherming wordt geboden.

07.12.2006


Commentaar op het voorstel tot herdelegatie van de Nederlandse ENUM domeinnaamzone, 9 oktober 2006.

Zie de website van het Ministerie van Economische Zaken voor meer informatie over ENUM.

Zie ook de column Het kan ook anders met de e-mail/telefoonnummers op Netkwesties.

11.10.2006


Consumentenregulering in de telecommunicatiesector, Instituut voor Informatierecht, mei 2006.

Dit rapport omvat een inventariserend onderzoek naar de wijze waarop in een aantal geselecteerde Europese landen bepaalde consumenten aspecten in de telecommunicatieregulering zijn ingekaderd. In een afzonderlijke bijlage zijn een conversietabel Telecommunicatiewet-Richtlijnenkader en de besproken bepalingen uit de nationale regelgeving opgenomen.
Het onderzoek is verricht in opdracht van het ministerie van Economische Zaken (Directoraat-Generaal voor Energie en Telecom, DGET) en uitgevoerd door Prof. dr. N.A.N.M. van Eijk, met medewerking van mr. A. Franken van Bloemendaal, R. Hamming en mr. ir. M.J. Konert.

06.07.2006


Google geheimen, ZEMBLA, 30 maart 2006.

Google is wereldwijd de populairste zoekmachine. Het begon als idealistische uitvinding van twee briljante studenten. Maar hoe idealistisch is Google nog? In 2004 ging het naar de beurs en inmiddels is Google al meer waard dan Time Warner. Maar de hoge winstverwachtingen moeten worden waargemaakt. De vraag is of en hoe Google de privacygevoelige databestanden daarvoor gaat gebruiken. ZEMBLA onderwerpt de zoekgigant aan een kritische blik en belicht de commerciële keerzijde van het succes.

04.04.2006


Het nieuwe frequentiebeleid, Mediaforum, 2006-2, p. 35-40.

Onlangs verscheen de 'Nota Frequentiebeleid 2005'. Hierin worden de contouren van het komende beleid op het gebied van frequenties geschetst. Flexibilisering en het terugdringen van de rol van de overheid nemen daarbij een belangrijke plaats in. Dit artikel biedt een overzicht van de belangrijkste voorstellen en voorziet deze van een kritisch commentaar. Waar er stappen in de goede richting worden gezet, had wat meer daadkracht en visie niet misstaan.

07.03.2006


Search engines: Seek and ye shall find? The position of search engines in law’, IRIS plus (Supplement van IRIS - Legal observations of the European Audiovisual Observatory), 2006-2.

15.02.2006


(samen met A.L. van der Stoel, D. Hoogland, E. van Noorduyn en M. Wermuth) Wijzer kijken: Schadelijkheid, geschiktheid en kennisbevordering bij het gebruik van audiovisuele producten door jeugdigen, Advies Commissie Jeugd, Geweld en Media, november 2005.

Ouders en verzorgers hebben onvoldoende mogelijkheden om te beoordelen of een film, tv-programma, computerspel of internetdienst geschikt is voor hun kinderen. De huidige Kijkwijzer biedt een goede basis, maar geeft alleen aan voor welke leeftijdscategorie en waarom een product mogelijk schadelijk is. Die schadelijkheidsaanduiding wordt vaak verward met geschiktheid. Aanvullende informatie over geschiktheid is nodig, naast een nieuwe leeftijdscategorie van 9 jaar.

16.12.2005


Public Service Broadcasting and State Aid’, presentatie gehouden tijdens EPRA-congres (European Platform of Regulatory Authorities), 19-21 oktober 2005, Boedapest.

Zie ook de slides van deze presentatie.

10.11.05


Onafhankelijkheid Google is ver te zoeken’, Automatisering Gids, 2 september 2005, p. 17.

De zoekresultaten van zoekmachines worden gemanipuleerd. Zij zijn te koop. Om excessen tegen te gaan, constateert Nico van Eijk, moeten zoekmachines transparanter worden. Bovendien moeten er meer onafhankelijke zoekmachines komen.

03.11.05


Zoekmachines: Zoekt en gij zult vinden? Over de plaats van zoekmachines in het recht’, Rede in verkorte vorm uitgesproken bij de aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar in het Media- en Telecommunicatierecht aan de Universiteit van Amsterdam op 17 juni 2005, Amsterdam: Otto Cramwinckel (2005).

20.06.2005


Kroniek Telecommunicatierecht’, Tijdschrift voor Consumentenrecht, 2005-2, p. 41-45.

02.05.2005


(samen met L.F. Asscher, N. Helberger, J.J.C. Kabel), De regulering van media in internationaal perspectief
Achtergrondstudie voor het WRR-rapport 'Focus op functies : uitdagingen voor een toekomstbestendig mediabeleid'. Deze publicatie is ook als boek te bestellen bij Amsterdam University Press (AUP).

04.02.2005


(samen met A.T. Ottow, M.J. Konert & B.J. Schueler), De Telecommunicatiewet en handhaving, Amsterdam: Instituut voor Informatierecht (2004).

Dit rapport omvat een onderzoek naar de handhaving door OPTA op grond van de Telecommunicatiewet. Het onderzoek is verricht in opdracht van de Associatie van Competitieve Telecom operators (ACT), uitgevoerd door mr. A.T. Ottow, met medewerking van mr. ir. M.J. Konert, Prof. Dr. N.A.N.M. van Eijk, (allen verbonden aan het Instituut voor Informatierecht, IViR, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit van Amsterdam) en Prof. mr. B.J. Schueler (Hoogleraar Staats- en Bestuursrecht, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit van Amsterdam).

11.01.2005


(samen met L. Dragstra, A.W. Hins & M.J. Konert), Publieke Omroep in de Regio: Onafhankelijkheid en verantwoordelijkheid bij provinciale financiering, Amsterdam: Instituut voor Informatierecht (2004).

Deze studie is door het Instituut voor Informatierecht (IViR) verricht in opdracht van ROOS (Stichting Regionale Omroep Overleg en Samenwerking). Aanleiding vormt het wetsvoorstel tot aanpassing van het financieringsregime van de regionale omroep (Kamerstukken 28 856). Ondezocht is hoe de voorgestelde wijzigingen van de Mediawet zich verhouden tot algemene en bijzondere uitgangspunten met betrekking tot de programmatische verantwoordelijkheid en de financiering van regionale publieke omroep.

NB: zie ook het voorwerk en de bijlagen van deze studie.

06.10.2004


Universal Service, a new look at an old concept: broadbandaccess as a universal service. Paper, gepresenteerd op de 15th Biennial Conference van de International Telecommunication Society/ Berlijn, 5-7 September 2004

14.09.04
Regulating old values in the Digital Age' Bijdrage aan de OSCE-conferentie 'Guaranteeing Media Freedom in the Internet', 27/28 Augustus 2004, Amsterdam.

31.08.04
(met E.J. Dommering, A.T. Ottow en O.L. van Daalen), Zes jaar bestuur en rechtspraak in de telecommunicatiemarkt, Amsterdam: Otto Cramwinckel (2003).

27.01.04
De universele dienst in het telecommunicatierecht’, in: A.W. Hins & A.J. Nieuwenhuis (red.), Van ontvanger naar zender: Opstellen aangeboden aan prof. mr. J.M. de Meij, Amsterdam: Otto Cramwinckel (2003), p. 127-142.

In het telecommunicatierecht komt al lange tijd bijzondere betekenis toe aan de ‘universele dienst’. Met de universele dienst  wordt in beginsel voor een ieder zeker gesteld dat elektronische communicatie kan plaats vinden en toegang tot informatie wordt verkregen. De accentverlegging naar marktwerking in de telecommunicatiesector heeft de universele dienst meer op de achtergrond geplaatst. In deze bijdrage wordt in vogelvlucht nagegaan hoe het universele dienst-begrip zich binnen het recente Europese en Nederlandse telecommunicatierecht heeft ontwikkeld (of juist niet). Is uitbreiding mogelijk en verdient de universele dienst hernieuwde aandacht?

24.12.2003


Geen frequenties voor onruststokers, Mediaforum 2002-11/12, p. 352-354.

20.11.2002


Delen van UMTS-netwerken, te verschijnen in M&M 2002-2.

In een gezamenlijke notitie van de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA), de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) en het ministerie van Verkeer en Waterstaat (V&W) wordt toegestaan dat de aanbieders van mobiele telecommunicatienetwerken in bepaalde gevallen netwerkonderdelen gezamenlijk mogen aanleggen en gebruiken. In dit artikel worden de achtergronden geschetst en wordt de notitie besproken en geanalyseerd. Er blijkt een zekere spanning tussen de relevante telecommunicatieregulering en het mededingingsrecht. Zo wordt onder meer geconstateerd dat bepaalde vormen van samenwerking tussen de mobiele operators zijn uitgesloten op grond van de Telecommunicatiewet, terwijl zich mededingingsrechtelijk geen probleem hoeft voor te doen.

07.05.2002


Study on the use of conditional access systems for reasons other than the protection of remuneration, to examine the legal and the economic implications within the Internal Market and the need of introducing specific legal protection, Report presented to the European Commission by N. Helberger, N.A.N.M. van Eijk & P.B. Hugenholtz.

The study offers an analysis of the use of conditional access systems for other reasons than the protection of remuneration interests. The report also examines the need to provide for additional legal protection by means of a Community initiative, such as a possible extension of the Conditional Access Directive. The report will give a legal and economic analysis of the most important non-remuneration reasons to use conditional access (CA), examine whether services based on conditional access for these reasons are endangered by piracy activities, to what extent existing legislation in the Member States provides for sufficient protection, and what the possible impact of the use of conditional access is on the Internal Market. Furthermore, the study analysis the specific legislation outside the European Union, notably in Australia, Canada, Japan and the US, as well as the relevant international rules at the level of the EC, WIPO and the Council of Europe.

06.08.2001


(met E.J. Dommering & N. Sitompoel) 'Toezicht en regulering in de telecommunicatiemarkt', Mediaforum 2001-6, p. 186-190.

Onlangs is het rapport Toezicht en regulering in de telecommunicatiemarkt’  verschenen, een studie naar de verschillende aspecten van algemeen en sectorspecifiek mededingingstoezicht (en regulering) in de telecom-sector. Een aantal van de betrokkenen bij het rapport vat hier de belangrijkste onderdelen samen en gaat tevens in op het recente concept-kabinetsstandpunt over de toekomstige inrichting van het telecommunicatietoezicht in Nederland.

15.06.2001


(met E.J. Dommering, J.J.M. Theeuwes & F.O.W. Vogelaar) Toezicht en regulering in de telecommunicatiemarkt. Een analyse van sectorspecifiek en algemeen mededingingstoezicht.

Een in opdracht van OPTA uitgevoerde studie waarin de verschillende aspecten van sectorspecifiek en algemeen mededingingstoezicht in de telecommunicatie centraal staan. De studie bevat achtereenvolgens een economische analyse van sectorspecifiek en algemeen mededingingstoezicht, een vergelijking tussen beide vormen van toezicht, een overzicht van internationale ontwikkelingen en een analyse van de knelpunten bij sectorspecifiek toezicht.

10.05.2001


(met Maartje Verberne) Verdeelinstrument voor frequenties: Veiling krijgt belangrijke status’, I&I 2000-2.

De veiling is in korte tijd een geliefd verdeelinstrument geworden voor frequenties. Werd in het verleden meestal verdeeld op basis van een ‘beauty contest’ tussen kandidaten, bij een veiling worden vergunningen toegekend aan de hoogst biedende partij. Zo werden onlangs in Engeland UMTS-frequenties geveild. Opbrengst: ruim 2 miljard pond. Met spanning wordt dan ook uitgekeken naar de komende veiling van vijf UMTS-vergunningen in Nederland. En andere veilingen zullen volgen.

17.05.2000


'Concessiewet: no guts, go glory', Mediaforum 1999-10, p. 272-275.

Een kritische analyse van de voorgestelde wijziging van de Mediawet toegezonden ‘in verband met de invoering van een vernieuwd concessiestelsel voor de landelijke omroep’ (‘Concessiewet’).

26.01.2000


'Broadband Services and Local Loop Unbundling in the Netherlands', IEEE Communications Magazine oktober 1999, p. 2-5.

The article describes the availability of broadband services in the Netherlands. This particularly concerns broadband services for the consumer/end user such as access to internet.

26.01.2000


'ONP voor de kabel', Mediaforum 1998-9

De recente conflicten in Amsterdam over het verdwijnen van programma's als MTV en CNN, geven aan dat de toegang tot de kabel nog steeds een geliefd discussie-onderwerp is. In de aflopen jaren stond het hoog op de politieke agenda en zijn er de nodige juridische geschillen uitgevochten. Bij de inwerkingtreding van de nieuwe Telecommunicatiewet zal de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA) bevoegd worden om toezicht uit te oefenen op de 'toegang tot de kabel'. Mogelijk zal OPTA daarbij uitgangspunten gaan hanteren die vergelijkbaar zijn met de Open Network Provision (ONP)-regels die gelden voor andere delen van de telecommunicatie-sector. In dit artikel worden enkele aspecten van een dergelijke toepassing van ONP voor kabeltelevisienetten besproken.

16.09.1998


'De Telecommunicatiewet: een tweede analyse'.

Deze tekst is een eerste bewerking van het artikel 'De Telecommunicatiewet: een eerste observatie', dat werd gepubliceerd in Computerrecht, 1997-5, p. 200-213. In de tekst wordt uitgegaan van het wetsvoorstel zoals dat door de Tweede Kamer is vastgesteld en momenteel ter besluitvorming voorligt bij de Eerste Kamer.

29.09.1997


'(G)een recht op vertrouwelijke communicatie', NJB (72), 1997-33, p. 1554-1555.

In het wetsvoorstel om de huidige grondwettelijke bescherming van het brief, telefoon- en telegraafgeheim (artikel 13 Grondwet) te vervangen door een recht op 'vertrouwelijke communicatie' worden de fax en het email-bericht worden niet beschermd. Van vertrouwelijke communicatie is volgens het voorstel uitsluitend sprake wanneer het gaat om het verzenden van gegevensdragers in versloten verpakking, het verzenden van beveiligde computerberichten over een datanetwerk of het verzenden van gesloten faxen (sealfax). Buiten de boot vallen 'gewone' faxen, niet-versleutelde computerberichten die via computernetwerken worden getransporteerd en communicatievormen die zonder of met een geringe inspanning voor derden toegankelijk zijn. Dit betekent dat 'gewone' emailberichten en faxen, die als moderne communicatiemiddelen de brief in toenemende mate vervangen, geen aanspraak kunnen maken op de bescherming zoals die nu bestaat voor brieven.

03.08.1997


'Cable television networks in Europe', in: Santiago Muñoz Machado/Rafael de Lorenzo (red.), Derecho Europea del audiovisual, actas del congreso organizado por la asociación europea de derecho del audiovisual, Madrid/Sevilla: 1997, p. 1073-1079.

The European Commission adopted in October 1995 a directive to allow the carriage of all liberalised telecommunications services on cable TV networks as from 1 January 1996. By adopting this directive, the European Commission aims to foster competition and new initiatives in the telecommunications field. This article refers to the enforcement and content of the Commission's directive.

08.04.1998


Bijgewerkt 23.04.2013