| Medewerkers |
 |
| F.J.
Borgesius |
| (Frederik) |
| onderzoeker |
| |
Instituut
voor
Informatierecht (IViR)
Bezoekadres
Korte Spinhuissteeg 3
1012 CG Amsterdam
Postadres
Kloveniersburgwal 48
1012 CX Amsterdam
|
| kamer
B2.07 |
|
tel: 020 -
525 33 21
fax: 020 - 525 30 33
email:
F.J.ZuiderveenBorgesius@uva.nl |
| |

|
|
|
|
|
Curriculum Vitae
|
|
Frederik Borgesius is
bij het IViR bezig met de onderzoeksmaster
Informatierecht. Hij combineert zijn studie met een
parttime baan bij SOLV Advocaten. Daarnaast werkt
Frederik al jaren in de muziekindustrie, als producer,
DJ, labeleigenaar en uitgever, en heeft hierdoor
dagelijks met auteursrecht te maken. Naast het runnen
van zijn eigen bedrijf heeft hij in de avonduren rechten
gestudeerd en zijn bachelor behaald aan de Open
Universiteit.
|
Publicaties
|
De nieuwe cookieregels: alwetende bedrijven en onwetende
internetgebruikers? Privacy & Informatie, 2011-1,
p. 2-11.
Om het
zoek- en klikgedrag van een internetgebruikers te
monitoren plaatsen bedrijven vaak een cookie op de
computer van die gebruiker. Volgens de geamendeerde
e-Privacyrichtlijn mogen cookies die niet noodzakelijk
zijn voor communicatie of om een aangevraagde dienste te
leveren voortaan slechts worden geplaatst nadat de
internetgebruiker zijn geïnformeerde toestemming heeft
gegeven. Volgens de Nederlandse wetgever kan deze
toestemming onder meer blijken uit de instellingen van
de browser. In dit artikel wordt nagegaan in hoeverre
toestemming middels browserinstellingen in de praktijk
zal voldoen aan de eisen die de Dataprotectierichtlijn
stelt aan 'toestemming': een vrije, specifieke, op
informatie berustende wilsuiting. Geconcludeerd wordt
dat 'browsertoestemming' in de praktijk waarschijnlijk
niet aan deze eisen zal voldoen.
22.03.2011
|
VMC Studiemiddag, Mediaforum, 2010-10, p.
323-326.
De Vereniging voor
Media- en Communicatierecht en de Vereniging voor
Reclamerecht organiseerden op 25 juni 2010 een
gezamenlijke studiemiddag over het onderwerp
'behavorial targeting'. Onder dit begrip valt onder
meer het vastleggen van surfgedrag op het internet
(bijvoorbeeld middels cookies) en het gebruik van
deze gegevens om gericht te adverteren. Vanwege het
steeds frequenter wordende gebruik van behavioral
targeting en het feit dat er nieuwe Europese regels
zijn opgesteld, is het debat over behavioral
targeting weer opgelaaid.
22.12.2010
|
(met B. van der Sloot)
De amendementen van de Richtlijn Burgerrechten op de
e-Privacyrichtlijn, Privacy & Informatie, 2010-4, p.
162-172.
De e-Privacyrichtlijn,
betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de
bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector
elektronische communicatie, is onlangs gewijzigd door de
Richtlijn Burgerrechten. De wijzigingen worden in dit
artikel benoemd en becommentarieerd. Enkele van de
belangrijkste wijzigingen zijn de introductie van een
opt-in-regel voor cookies, een meldplicht voor datalekken,
de mogelijkheid voor providers om spammers in rechte aan te
spreken en een artikel betreffende de implementatie en
publiekrechtelijke handhaving van de e-Privactrichtlijn.
15.10.2010
|
(met
D.A. Korteweg),
E-mail na de dood: juridische bescherming van
privacybelangen, Privacy & Informatie, 2009-5, p.
212-224.
Aanbieders van online
e-maildiensten zoals Gmail, Hotmail en Yahoo!,
bieden een steeds grotere opslagcapaciteit aan hun
abonnees, hetgeen de feitelijke beschikkingsmacht
van deze aanbieders over de bij hun opgeslagen
communicatie vergroot. De honger naar informatie van
de aanbieders van dergelijke online
communicatiediensten die vaak afhankelijk zijn van
advertentie-inkomsten, wordt ruimschoots gevoed door
de consument die gretig gebruik maakt van de veelal
gratis aangeboden en haast ongelimiteerde
opslagcapaciteit die hen in staat stelt om al hun
communicatie vanaf iedere gewenste plek te
raadplegen. Nu de generatie abonnees die via e-mail
communiceert langzamerhand ouder begint te worden,
rijst de vraag wat er zal gebeuren met de
e-mailcommunicatie die staat opgeslagen bij de
aanbieder na overlijden van de abonnee. De centrale
vraag van dit artikel luidt dan ook: in hoeverre
wordt het privacybelang van de abonnee van een
online e-maildienst en diens communicatiepartners
beschermd en kunnen zij dit belang beschermen als de
abonnee komt te overlijden? Uit onze inventarisatie
van de relevante wetgeving, jurisprudentie en
literatuur blijkt dat de bescherming van de
privacybelangen van de overleden abonnee en zijn
communicatiepartners onduidelijk en zelfs gebrekkig
is.
17.11.2009
|
|
|
Bijgewerkt
16.08.2011
|
|
|
|