Medewerkers
Prof. mr. E.J. Dommering
(Egbert)
Hoogleraar
 
Instituut voor
Informatierecht (IViR)

Bezoekadres
Korte Spinhuissteeg 3
1012 CG Amsterdam

Postadres
Kloveniersburgwal 48
1012 CX Amsterdam
kamer B1.13
tel: 020 - 525 3921
fax: 020 - 525 3033
 


Curriculum Vitae

Prof. mr. Egbert Dommering (1943) is sinds 1988 hoogleraar informatierecht (0,4 fte) aan de Universiteit van Amsterdam. Van 1989 tot 2004 was hij directeur van het Instituut voor Informatierecht. In deze periode bleef hij werkzaam in Den Haag als advocaat bij Buruma & Maris, en in Amsterdam bij Stibbe (vanaf 1995) en bij Brinkhof (vanaf 2005). Als advocaat was hij in deze periode bij vele van de spraakmakende procedures in het onderzoeksgebied van het Instituut betrokken.

Zijn belangrijkste publicaties (met anderen) zijn Verbinding en Ontvlechting in de Communicatie.  Een studie naar toekomstig overheidsbeleid voor de elektronische communicatie (1990), Handboek Telecommunicatierecht (1999), Informatierecht, fundamentele rechten voor de informatiemaatschappij (2000), Coding Regulation (2006), European Media Law (2008) en Gevangen in de waarneming (afscheidsrede 2008). Een selectie uit de talloze artikelen en annotaties die hij over meer dan twintig jaar over deze onderwerpen schreef, is in 2008 verschenen bij Otto Cramwinckel onder de titel De achtervolging op Prometheus.

Na zijn emeritaat zal hij de leerstoel 'Theorie van het Informatierecht' bij het Instituut voor Informatierecht bekleden en verbonden blijven aan het kantoor Brinkhof. Tevens is hij lid van de nationale Adviescommissie Auteursrecht en lid van de Raad van Advies van het College Bescherming Persoonsgegevens.


Publicaties
Prima, al die 'foute' kranten op internet: Met deze zoekinstrumenten kan een ontginning van bronnen plaatsvinden die hiervoor ongekend was, NRC Handelsblad, Opinie, 25 augustus 2010, p. 7.

De onrust over het online plaatsen van 'foute' kranten is onterecht. Want nu kan iedereen toegang krijgen tot het verleden.

01.09.2010


Recht op persoonsgegevens als zelfbeschikkingsrecht, in: J.E.J. Prins (red.) 16 miljoen BN'ers? Bescherming van persoonsgegevens in het Digitale Tijdperk, Leiden: Stichting NJCM-Boekerij (47) 2010, p. 83-99.

Persoonsgegevens zijn het nieuwe geld van het Internet. Het recht op persoonsgegevens kan geconstrueerd worden als een economisch zelfbeschikkingsrecht.

27.07.2010


Polarisatie is eindig, hoorcollege met Afshin Ellian, 28 mei 2010.

Verslag van een op 28 mei 2010 samen met Afshin Ellian in Utrecht in het gebouw van De Munt gehouden hoorcollege (georganiseerd door FORUM) over de rechtstatelijke aspecten van polarisatie. Bespreking van de zaken SGP/Stichting Wichman, Belediging Islam en Wilders.

27.07.2010


Annotatie bij EHRM 5 maart 2009 (Hachette Fillipachi en Société de Conception de Presse / Frankrijk), NJ, 2010-27, nr. 343 en 344, p. 3283-3284.

Opleggen van boetes wegens zichtbare logo's sponsorende sigarettenmerken op tijdschriftfoto's. De toepassing van de Franse tabakswetgeving (Loi Evin) die iedere vorm van tabaksreclame in tijdschriften verbiedt. Geen schending van artikel 10 EVRM, ook niet waar het een satirische fotocollage betreft. Geen ongelijke behandeling tussen print- en elektronische media wegens technische verschillen.

27.07.2010


Annotatie bij EHRM 12 januari 2010 (Gillian en Quinton / Verenigd Koninkrijk), NJ, 2010-26, nr. 325, p. 3030-3031.

Preventief fouilleren zonder redelijk vermoeden van schuld of andere waarborgen van proportionaliteit is in strijd met artikel 8 EVRM.

27.07.2010


Annotatie bij EHRM 1 juli 2008 (Liberty / Verenigd Koninkrijk), NJ, 2010-26, nr. 324, p. 3120-3121.

Onderschepping van telefoon-, e-mail en dataverkeer op basis van trefwoorden gerelateerd aan terreur en geweld. Het Britse rechtssysteem begrenst onvoldoende de reikwijdte en randvoorwaarden voor de afluisterbevoegdheden. De inbreuk op de privacyrechten is niet voorzien bij wet. Schending van art. 8 EVRM.

27.07.2010


Ik surf, dus ik ben (er geweest), bijdrage in Wie is U? Identiteit, privacy en politiek, The Next Ten Years, XS4ALL, Nijgh & Van Ditmar 2010.

10.06.2010


Annotatie bij EHRM 14 april 2009 (Társaság a Szabadságjogokért / Hongarije), NJ, 2010-17, nr. 209, p. 2040-2046.

Een NGO verzoekt tevergeefs om inzage van een bij de overheid berustend document. De functie van een NGO is die van een 'social watchdog', is vergelijkbaar met die van de pers zodat zij een vergelijkbare bescherming geniet. Het ging om een zaak van algemeen belang en de informatie was gereed en beschikbaar. De weigering inzage te geven was willekeurig. Misbruik van een (informatie) monopoliepositie is een door artikel 10 verboden vorm van staatscensuur.

19.05.2010


Annotatie bij EHRM 11 december 2008 (TV Vest As & Rogaland Pensjonistparti / Noorwegen), NJ, 2010-17, nr. 208, p. 2031-2040.

Verbod op tv reclame door politieke partijen. Gerechtvaardigd doel, namelijk bestrijden van te simpele beeldvorming en voorkomen van benadeling van minder draagkrachtige partijen. Verbod kan contraproductief werken voor partijen die weinig bekend zijn; tv-reclame kan voor hen juist een machtig middel zijn om de aandacht op zicht te vestigen. Absoluut verbod is daarom proportioneel.

19.05.2010


Annotatie bij EHRM 6 mei 2003 (Appleby / Verenigd Koninkrijk), NJ, 2010-17, nr. 207, p. 2024-2031.

In een geprivatiseerd winkelcentrum dat tevens de functie van een nieuw stadcentrum vervult, mogen dorpsbewoners geen demonstratie houden tegen lokale bouwplannen. Geen schending door de Staat van een positieve verplichting onder artikel 10 demonstratievrijheid te garanderen omdat er voldoende andere mogelijkheden bestonden om het publiek te bereiken.

19.05.2010


(met N.A.N.M. van Eijk) Convergentie in regulering: Reflecties op elektronische communicatie, publicatie van het Ministerie van Economische Zaken, 's-Gravenhage, maart 2010.

In deze publicatie worden de belangrijkste technische, economische en sociale convergentietrends besproken. Dit gebeurt aan de hand van het lagenmodel waarin onderscheid wordt gemaakt tussen infrastructuur, transport/telediensten en informatiediensten. Vervolgens worden voorbeelden beschreven van convergentievraagstukken binnen het model, waarna kort wordt stilgestaan bij de impact op de digitale economie. Afgesloten wordt met voorstellen om te komen tot een meer geďntegreerde benaderingswijze.

24.03.2010


De rol van een 'journalist' in de democratie, Inleiding voor symposium van 17 maart 2010 door Stichting Media-Ombudsman Nederland (MON).

24.03.2010


Annotatie bij EHRM 10 maart 2009 (Times / Verenigd Koninkrijk), NJ, 2010-10, nr. 109, p. 1075-1077.

Volgens de zogenaamde in het Verenigd Koninkrijk geldende internetregel, geldt bij acties wegens onrechtmatige publicaties, waarvoor een korte verjaringstermijn van een jaar geldt, iedere nieuwe raadpleging op internet als een nieuwe publicatie. Ook na ommekomst van de verjaringstermijn voor een publicatie in de 'real world', kan daarom tegen een herhaalde publicatie op internet worden geageerd. Het EHRM acht dit, in de gegeven omstandigheden van het geval waarin tijdig tegen de publicatie werd geageerd, in overeenstemming met artikel 10. De bescherming van artikel 10 strekt zich ook uit tot krantenarchieven.

16.03.2010


De toekomst van het informatierecht, Ernst & Young Magazine, 2010-1, p. 40-41.

Column

16.03.2010


Plasterk over Brinkman, S&D, 2009-10, p. 4-5.

Beoordeling van de reactie van de minister op het rapport innovatie van de pers.

06.01.2010


Rapper Mo$heb kreeg straf voor 'bam bam, Geert', NRC Next, 24 december 2009.

Opiniedebat met Frank Kuitenbrouwer over de veroordeelde rapper, die Wilders met de dood had bedreigd in een rapsong.

06.01.2010


Gefilterde informatie is gecensureerde informatie, in: M. Verhulst & N. Huijbrechts (red.), Internet voor iedereen, 32 visies op internet, technologie en maatschappij, p. 42-44.

06.01.2010


Nieuws en geheime informatie(bronnen): De Telegraaf tegen de AIVD, Ars Aequi, 2009-12, p. 818-828.

11.12.2009


Privacy als het zelfbeschikkingsrecht van de 21e eeuw, Mediaforum, 2009-11/12, p. 382-384.

02.12.2009


Annotatie bij EHRM 15 januari 2009 (Reklos en Davourlis / Griekenland) en Hof Amsterdam 14 april 2009 (Tirion / Sauerbreij en Elhorst), AMI, 2009-5, nr. 18 en 19, p. 188-198.

Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens heeft in de Rekloszaak beslist dat het portretrecht een van de wezenlijke elementen van het privacyrecht vormt. Ouders kunnen zich met succes verzetten tegen het zonder hun toestemming fotograferen van hun pas geboren kind door het personeel van een geboortekliniek. Het Hof kent hun schadevergoeding toe.

Twee jonge snowboarders werden geconfronteerd met een folder waarin zij zonder hun toestemming zijn afgebeeld. Het Hof oordeelt dat hun privacyrechten niet zijn geschonden omdat zij niet populair genoeg zijn.

02.12.2009


Dommering staat Enait bij: 'Nu zal blijken of de Orde werkelijk openstaat voor andere opvattingen', Advocatenblad, 2009-13, p. 550. Zie ook uitspraak van het Hof van Discipline 11 december 2009 en het debat bij Pauw en Witteman tussen E.J. Dommering en CDA-kamerlid S. van Haersma Buma op 14 december 2009.

02.12.2009


De vorige en de volgende vijfentwintig jaar, Editorial, Computerrecht 2009-3, nr. 81, p. 99.

25.11.2009


Annotatie bij EHRM 14 februari 2008 (Ivanova / Bulgarije) en EHRM 29 juli 2008 (Flux / Moldavië), Nederlandse Jurisprudentie 2009-46, nr. 520 en 521, p. 5151-5162.

Bewijslast en bewijsvoering van en door de pers bij een onrechtmatige publicatie.

24.11.2009


Annotatie bij EHRM 29 april 2009 (Karakó / Hongarije), Nederlandse Jurisprudentie 2009-46, nr. 522, p. 5162-5167.

Schade aan reputatie als gevolg van een perspublicatie moet niet alleen onder artikel 8, maar ook onder artikel 10 EVRM worden beoordeeld.

24.11.2009


Annotatie bij EHRM 15 januari 2009 (Reklos en Davourlis / Griekenland), Nederlandse Jurisprudentie 2009-46, nr. 524, p. 5170-5175.

24.11.2009


Van 'Ja zuster, nee zuster' naar 'Discodans': de lange weg naar commerciële informationele privacy, in: in: D.J.G. Visser (red.), Commercieel portretrecht. 30 jaar 't Schaep met de 5 pooten, Amsterdam: Delex 2009, p. 259-271.

Beschouwing over de betekenis van het portretrecht in het algemeen en het commerciële portretrecht in het bijzonder, in het licht van het privacyrecht van artikel 8 EVRM.

24.11.2009


Annotatie bij EHRM 16 juli 2009 (Féret), Nederlandse Jurisprudentie 2009-40, nr. 412, p. 4055-4058.

Anti-moslim uitlatingen van een rechtse politicus in België door de Belgische rechter als haatzaaien en discriminatie veroordeeld. Geen schending van artikel 10 EVRM, mede vanwege bijzondere verantwoordelijkheid van politicus bij deelname aan het politieke debat.

06.10.2009


Annotatie bij HR 16 juni 2009 (Rita Verdonk Affiche), Nederlandse Jurisprudentie 2009-36/37, nr. 379, p. 3766-3773.

Een satirisch reclame affiche waarin reisbureau Rita als 'adequaat' werd aangeprezen twee weken na de Schipholbrand is niet beledigend, omdat het als politieke satire onderdeel uitmaakt van het publieke debat.

16.09.2009


Annotatie bij EHRM 2 oktober 2008 (Leroy), Nederlandse Jurisprudentie 2009-36/37, nr. 378, p. 3759-3766.

Een cartoon over de neerstortende toren in New York met de verwijzing naar een aanprijzende reclame slogan, wordt terecht verboden, omdat het tijdstip twee dagen na 9/11 te kwetsend was voor de slachtoffers.

16.09.2009


Annotatie bij HR 15 mei 2009 (Vereniging tegen de Kwakzalverij), Nederlandse Jurisprudentie 2009-36/37, nr. 372, p. 3668-3689.

Het gebruik van een dubbelzinnige term, 'kwakzalverij', die zowel een wetenschappelijke als een pejoratieve betekenis heeft, wordt ten onrechte onrechtmatig geacht.

16.09.2009


Annotatie bij EHRM 8 juli 2008 (Vajnai), Nederlandse Jurisprudentie 2009-36/37, nr. 371, p. 3663-3668.

Het dragen van de communistische rode ster bij een politieke manifestatie in Hongarije is ten onrechte veroordeeld. Schending van artikel 10 EVRM.

16.09.2009


Overheid maakt zich schuldig aan censuur; Koninklijk Huis Mediacode verschuift beslissing of iets nieuws is van pers naar overheidsinstantie, NRC Handelsblad, 17 augustus 2009, p. 7 (Opiniepagina).

28.08.2009


Enige beschouwingen over de regulering van informatiestromen, oratie 1989, in: H. Waalwijk en J. Weterings (red.), Spreken is goud, oraties en colleges van hoogleraren... en de archivistiek, Den Haag: Stichting Archiefpublicaties, Jaar boek 2008, p. 263-286.

28.08.2009

'Internetheffing is voorstel uit vorig tijdperk', NRC Handelsblad, 23 juni 2009, p. 7 (Opiniepagina)

26.06.2009


Spinoza en de Openbaarheid, openingsrede manifestatie My name is Spinoza, uitgesproken op 8 mei 2009. Zie tevens dit bericht over de opening van de manifestatie en dit videofragment op YouTube.

21.05.2009


'De Ondergrens van de vrijheid. De vrijheid van wat?, De Groene Amsterdammer, 6 maart 2009, p. 18-21.

10.03.2009


De 'mening' van de overheid, Mediaforum 2009-2, p. 52-56.

Beschouwing naar aanleiding van het boek van A.G. Maris, Grondrechten tegen, jegens en voor de overheid. De vraag is of de overheid ter bescherming van eigen rechtsbelangen een beroep op een grondrecht kan doen, in het bijzonder de artikelen 6, 8 en 10 EVRM. Het artikel concludeert dat dat maar in beperkte mate het geval is.

27.02.2009


'Vervolging werkt louterend', NRC Handelsblad, 28 januari 2009, p. 7 (Opiniepagina). Ook verschenen in: NRC Next, 29 januari 2009.

30.01.2009


Filteren is gewoon censuur, en daarmee basta, Tijdschrift voor Internetrecht 2008-5, p. 124-125. Zie eveneens 'Hoogleraar wil publiek debat internetcensuur' (Nu.nl).

De informele methoden waarmee Justitie en politie de toegang tot bepaalde sites proberen te beletten zijn een vorm van door de Grondwet verboden censuur.

23.12.2008


Annotatie bij EHRM 25 oktober 2007, appl. 38258/03, Nederlandse Jurisprudentie 2008, Aflevering 49, nr. 584, p. 6106-6107 (de zaak van Vondel).

Nasleep van de Commissie van Traa. De clandestiene afluisterpraktijken van een door de Rijksrecherche ‘gerunde’ infiltrant zijn toe te rekenen aan de overheid. De opsporingspraktijk voldoet niet aan artikel 8 EVRM. Nederland heeft artikel 8 EVRM geschonden. Beschouwing over clandestien afluisteren in de privésfeer.

23.12.2008


Annotatie bij EHRM 14 juni 2007, appl. 7111/01, Nederlandse Jurisprudentie 2008, Aflevering 49, nr. 583, p. 6101-6102 (de zaak Hachette Filipacchi).

Publicatie door Paris Match van een grote kleurenfoto van het lijk van de neergeschoten prefect van Corsica , zoals het na de moord op straat lag. De meerderheid van het Hof vindt het terecht dat de Franse rechter dit een inbreuk op de privacy van de erven achtte. Kritische beschouwing over dit arrest naar aanleiding van de dissenting opinions.

23.12.2008


Plasterk dupeert krantensites. Minister geeft omroepen geld voor internet, maar kranten niet, NRC Handelsblad 2 december 2008, p. 7 (Opinie).

03.12.2008

'Een normatief kader voor het het openbare islamdebat', Polarisatie, bedreigend en verrijkend (redactie RMO), Amsterdam: Uitgeverij SWP 2009, p. 206-234.

Het debat rond immigranten uit islamlanden is de laatste jaren in hoog tempo gepolariseerd. Daarbij speelt oplevend nationalisme als reactie op een kosmopolitisch georganiseerde wereld en een historisch bepaalde angst voor de islam een rol. Termen als 'allochtoon' en 'integratie' worden wapens om de vijand buiten de deur te houden. Zij vervuilen het debat dat daardoor kan ontaarden in 'hate speech'. Wat zijn de grenzen voor extremistische anti-islam uitingen en welke rol speelt de overheid in dit conflict? Wat betekent dit voor het al of niet vervolgen van Wilders?

19.11.2008


‘De dader is een vreemde’, in: A.A. Franken, M. de Langen & M. Moerings (red), Constante waarden, Liber amicorum Prof. Mr. C. Kelk, Den Haag: Boom Juridische Uitgevers 2008, p. 607-615.

Het strafproces als een absurd theater waarin de dader een vreemdeling is, zoals in de roman L’Étranger van Albert Camus.

17.11.2008


Annotatie bij HR 30 mei 2008 (de Endstra tapes), Nederlandse Jurisprudentie, 2008-556.

Volgens de Hoge Raad kunnen de door Endstra tegenover de recherche afgelegde verklaringen een auteursrechtelijk beschermd werk vormen. De annotatie analyseert deze beslissing kritisch vanuit verschillende gezichtshoeken. Was dit niet eigenlijk een privacy kwestie? Bestaat er een ondergrens voor het begrip ‘werk’? Wat is volgens de HR eigenlijk een ‘schepping’? Wie is de ‘maker’ van een vraaggesprek?

17.11.2008


(met O. Castendyk & A. Scheuer) European Media Law, Alphen aan den Rijn: Kluwer Law International 2008.

This book supplies the first in-depth commentary on EU media law, with detailed analysis of all important legislation and court decisions. Leading European lawyers with vast knowledge and practical experience of media law provide detailed expert commentary on European media law. The commentary interprets the law whenever possible article by article, section by section, and concept by concept, with reference to relevant case law and legal literature as issues arise. Illustrating their reasoning throughout with practical examples, the authors also take account of anticipated developments and future reforms that are likely to have an impact on the existing legislation.

Dit boek is verkrijgbaar bij Kluwer Law International. Zie hier de recensie verschenen in The Journal of Media Law, 2009-1, p. 129-132.

19.09.2008


Annotatie bij EHRM 22 oktober 2007, appl.36448/02, Nederlandse Jurisprudentie 2008, Aflevering 37, p. 4244-4248 (de zaak Lindon, Grand Chamber).

Bij romans kan verschil worden gemaakt tussen uitlatingen die aan de romanpersonages en die aan de auteur kunnen worden toegerekend Het grootste deel van de voor de Franse politicus LePen beledigende passages kan aan de auteur worden toegerekend. De daarvoor door de Franse rechter gehanteerde maatstaf niet in strijd met artikel 10 EVRM. Dissenting opinion van vier rechters.

19.09.2008


Annotatie bij EHRM 15 februari 2007, appl. Nr 19997/02, Nederlandse Jurisprudentie 2008, Aflevering 36, nr. 434, p. 4148 (de zaak Boldea).

Beschuldiging wegens wetenschappelijk plagiaat op bijeenkomst collega-academici. De beschuldiger is door de Roemeense rechter ten onrechte veroordeeld wegens smaad. De rechter heeft onvoldoende naar de feitelijke merites van de zaak gekeken.

19.09.2008


Annotatie bij EHRM 9 november 2006, appl. 72331/01, Nederlandse Jurisprudentie 2008, Aflevering 36, nr. 433, p. 4142 (de zaak Krone Verlag).

Als een uitgever smadelijke uitlatingen van een derde publiceert in een door hem uitgegeven tijdschrift, kan hij zonder strijd met de vrijheid van meningsuiting aansprakelijk worden gesteld voor de kosten van de smaadprocedure en de schadevergoeding die in verband met de publicatie wordt toegekend.

19.09.2008


De achtervolging van Prometheus, Amsterdam: Otto Cramwinckel Uitgever 2008.

Dit boek brengt twintig jaar informatierecht samen. Het bevat de geschiedenis van het vak, onderzoekt de betekenis van de informatie en communicatietechnologie voor het recht, en bevat vele baanbrekende analyses van de belangrijkste actuele ontwikkelingen in deelgebieden. De lezer vindt hier beschouwingen over vrijheid van meningsuiting, reclame, auteursrecht, privacy en het omroep- en telecommunicatierecht en nog vele andere onderwerpen: de actualiteit in historisch perspectief.

17.09.2008


Gevangen in de waarneming: Hoe de burger de communicatiemiddelen overnam en zelf ook de bewaking ging verzorgen, afscheidsrede Universiteit van Amsterdam, 25 april 2008, Amsterdam: Otto Cramwinckel Uitgever 2008.

07.05.2008


De teddybeer Mohammed, gesluierde homo's en het lawaai van Wilders: Over de stand van de vrijheid van meningsuiting anno 2008, Nederlands Juristenblad, 2008-7, p. 376-382.

De vrijheid van meningsuiting heeft in 2007 geduchte averij opgelopen. Voor een belangrijk deel kunnen we daarvoor de hand in eigen boezem steken. We maken van de vrijheid gebruik met weinig inzicht in de politieke realiteit van de botsing tussen geseculariseerde en niet geseculariseerde samenlevingen, met weinig inzicht in de verspreiding van berichten in nieuwe elektronische media en met weinig gevoel welk publiek we nu eigenlijk met welke boodschap willen bereiken.

15.02.2008


Annotatie bij HR 29 juni 2007 (Dexia) en (HBU), NJ, 2007-51/52, nrs. 638 en 639, p. 6483-6488.

In beide zaken ging het om een verzoek om informatieverstrekking in de zin van artikel 35 Wbp, dat door de Banken Dexia en HBU niet (volledig) was ingewilligd. De Wbp verwijst de belanghebbende in dat geval in artikel 46 naar een verzoekschriftprocedure bij de Rechtbank. De vragen die in deze zaken aan de orde waren en die in de noot worden behandeld zijn de volgende. Is de privacy richtlijn in Nederland juist geďmplementeerd? Wat betekent het verstrekken van een volledig overzicht wanneer een datasubject inzage van het privacydossier vraagt? Behoren opgenomen telefoongesprekken ook tot het 'bestand' van de Wbp waarin inzage moet worden gegeven? Is het verzoek om inzage in verband met de aanhangige schadevergoedingsprocedures tegen de banken misbruik van recht? Wat is een 'persoonsgegeven' in de zin van de Wbp?

17.01.2008


Annotatie bij EHRM 3 april 2007 (Copland / Verenigd Koninkrijk), NJ, 2007-50, nr. 617, p. 6232-6236.

In het Verenigd Koninkrijk wordt het telefoonverkeer en het e-mailverkeer van een werkneemster bij een onderwijsinstelling door haar werkgever gemonitord. E-mailverkeer valt evenals telefoongesprekken onder artikel 8 EVRM. Het opslaan van verkeersgegevens over beide vormen van communicatie valt onder de bescherming van artikel 8 EVRM. Er is ook bescherming van dit aspect van het privéleven op de werkplek. Deze vorm van monitoring is een schending van het privéleven waarvoor in dit geval onvoldoende basis was in de Engelse wettelijke regelingen.

19.12.2007


Nieuwe visies op intellectuele vrijheid, producten van de geest en privacy: Het Instituut voor Informatierecht, in: M. Polak, J. Sevink & S. Noorda (red.), Over de volle breedte: Amsterdams universitair onderzoek na 1970, Amsterdam: Vossiuspers UvA 2007, p. 173-197.

Dit stuk beschrijft de ontstaansgeschiedenis van het Instituut voor Informatierecht en enige hoofdpunten van het onderzoek van de laatste twintig jaar.

11.12.2007


Rechtsherstel na schending door de Nederlandse Staat van het EVRM, Advocatenblad 2007-15, 26 oktober 2007, p. 661.

Het EHRM oordeelde in de zaak van de Nederlandse advocaat Veraart dat het Hof van Discipline van de Nederlandse Advocaten bij het opleggen van een berisping essentiële fouten heeft gemaakt en dat Nederland daardoor artikel 10 EVRM heeft geschonden. In dit stuk wordt betoogd dat het Hof de zaak nu opnieuw moet behandelen.

  • Zie ook Annotatie bij EHRM 30 november 2006 (Veraart / Nederland), NJ, 2007-30, nr. 368, p. 3837-3844.

  • Inmiddels is de therapeut Kieft veroordeeld voor zijn uitlatingen tot schadevergoeding, Rb. Alkmaar 11 juli 2007, LJN BB0201, Familie X / P. Kieft

02.11.2007


Annotatie bij Hoge Raad 23 februari 2007, NJ, 2007-37, nr. 433, p. 4634-4635.

Bij een bevel tot rectificatie is commentaar op de rectificatie ook verboden als de rechter dat niet uitdrukkelijk als nevenvordering heeft toegewezen (hierover bestond discussie in de rechtsliteratuur). De maatstaf om te beoordelen of dit commentaar in strijd komt met het bevel tot rectificatie is dat door het commentaar de rectificatie totaal wordt ontkracht. Een dergelijk commentaarverbod dat uit de strekking van de rectificatie voortvloeit is niet in strijd met artikel 7 Gw en 10 EVRM.

19.09.2007


Mein Kampf en de Koran, Forumpagina De Volkskrant, 6 september 2007.

Naar aanleiding van de publicatie in de Volkskrant van het kamerlid Geert Wilders dat de Koran, evenals Mein Kampf, verboden moet worden, en reacties van historici op die publicatie, wordt in deze onverkorte bijdrage aan de opiniepagina van de Volkskrant uiteengezet dat de Nederlandse overheid geen boeken kan verbieden. Voorts wordt uitgelegd hoe het ook weer zat met het zogenaamde verbod van Mein Kampf.

12.09.2007


Annotatie bij EHRM 30 november 2006 (Veraart / Nederland), NJ, 2007-30, nr. 368, p. 3837-3844.

Vrijheid van meningsuiting van Nederlandse advocaat. Ter behartiging van de belangen van zijn cliënt neemt deze in een radio-interview kritisch stelling tegen het optreden van een gedragstherapeut die, volgens hem, door middel van regressietherapie zijn patiënte valse getuigenissen in de mond had gelegd die schadelijk waren voor de reputatie van zijn cliënt. Het Hof van Discipline, de hoogste Nederlandse tuchtrechter van advocaten, legt hem voor deze openbare uitingen een disciplinaire sanctie op. Het EHRM constateert een schending van artikel 10 EVRM omdat het HvD geen onderzoek had ingesteld naar de professionele competentie van de gedragstherapeut en de feitelijke basis van de beweringen van de advocaat. De noot bespreekt onder 10 ook de uitspraken van het Hof Amsterdam uit mei 2007 in de zaken Kelder/Moszkowicz en De Vereniging tegen Kwakzalverij/Sickesz (manueel therapeute). In de eerste achtte het Hof de uitlating dat een strafrechtadvocaat een 'beroepsleugenaar' is een toelaatbaar negatief waardeoordeel, in de tweede zaak verbood hij als ontoelaatbaar het gebruik van het negatieve waardeoordeel 'kwakzalver' en 'notoire genezer'. De annotator acht beide beslissingen in strijd met de rechtspraak van het EHRM.

02.08.2007


Auteursrecht op parfum: De definitieve verdamping van het werkbegrip, in: D.J.G. Visser & D.W.F. Verkade (red.), Een eigen, oorspronkelijk karakter: opstellen aangeboden aan prof. mr. Jaap H. Spoor, (Spoorbundel), Amsterdam: Uitgeverij DeLex 2007, p. 65-79.

In dit artikel wordt naar aanleiding van het Hoge Raad arrest over het auteursrecht op parfum, het werkbegrip in het auteursrecht bekritiseerd, omdat het geen duidelijke afbakening (meer) geeft ten opzichte van technische vindingen en toepassingen.

05.07.2007


Klachten over mediapublicaties: Een onderzoek naar de mogelijkheden van eenvoudig toegankelijke niet-rechterlijke procedures, Studiecommissie van de Vereniging voor Media- en Communicatierecht (VMC), bijlage bij Mediaforum 2007-5.

12.06.2007


Annotatie bij EHRM 29 maart 2005 (Alinak / Turkije), EHRM 13 september 2005 (İA / Turkije) en EHRM 31 januari 2006 (Giniewski / Frankrijk), NJ, 2007-17, nr. 198-200, p. 1998-2002.

In de eerste zaak ging het om een door de klager geschreven roman die door de Turkse autoriteiten in beslag is genomen, omdat deze zou kunnen aanzetten tot haat en geweld. Omdat het gaat om een roman – een artistieke expressie die slechts een klein publiek zal bereiken- zullen de gevolgen daarvan voor de openbare orde gering zijn. De inbeslagneming wordt niet noodzakelijk geacht in een democratische samenleving. Schending van artikel 10 EVRM. In de tweede zaak wordt een Turkse uitgever beboet wegens het uitgeven van een roman die vemeende beledigende passages over de profeet Mohammed bevat. Het Hof acht de boete noodzakelijk en proportioneel gezien de aanval op de profeet Mohammed, die beledigend wordt geacht, en de geringe hoogte van de boete. Geen schending van artikel 10 EVRM. In de derde zaak wordt in een in Frankrijk gepubliceerd artikel een verband gesuggereerd tussen de Holocaust en het beweerdelijke anti-judaďsme van het Christendom, in het bijzonder sommige passages in de bijbel. Het artikel trachtte vanuit historisch-journalistieke invalshoek een bijdrage te leveren aan een onderzoek naar de oorzaken van de Holocaust. Geen opzettelijke belediging en daarom schending van artikel 10 EVRM.
In de noot wordt de 'Turkse jurisprudentie' van het Hof over scheiding van kerk en staat, politieke expressie in Turkije en conflicten tussen godsdienst en meningsuiting op een rij gezet. Voorts geeft de noot een kritische analyse van de jurisprudentie van het Hof over artistieke expressie in relatie tot godsdienst, moraal en politiek. Het bepleit een andere aanpak dan die het Hof op basis van de Handyside jurisprudentie nog steeds volgt.

11.05.2007


Annotatie bij EHRM 25 april 2006 (Dammann / Zwitserland) en EHRM 25 april 2006 (Stoll / Zwitserland), NJ, 2007-11, nr. 126 en 127, p. 1262-1263.

Schending van ambtsgeheim door journalisten. In deze zaken gaat het om strafrechtelijke veroordeling van een journalist wegens het gebruik van vertrouwelijke informatie. In de zaak Dammann wordt de journalist veroordeeld, omdat hij komt te beschikken over geheime informatie uit een strafrechtelijk dossier als gevolg van een aan de overheid toe te rekenen fout. Het Hof acht de veroordeling een schending van artikel 10 EVRM. In de zaak Stoll publiceert een journalist vertrouwelijke diplomatieke informatie over de opstelling die de Zwitserse regering moet innemen in het dossier van de aan Zwitserland toegevallen banktegoeden van Holocaust slachtoffers. De meerderheid van de kamer uit het Hof acht de veroordeling in strijd met artikel 10 EVRM.

20.03.2007


Annotatie bij HR 17 oktober 2006, NJ, 2007-3, nr. 25, p. 249-259.

In dit arrest van de strafkamer van de Hoge Raad gaat het over een veroordeling wegens smaad omdat de schrijver in een opiniërend artikel in een in Nederland verschijnend Turks tijdschrift (in de Nederlandse taal) had beweerd dat de verkrachting van vier Nederlandse vrouwen en moord op één van hen, aan deze vrouwen zelf was te wijten door uitdagend gedrag. De schrijver wordt veroordeeld, omdat hij de feiten voor het schrijven van het artikel op geen enkele manier had geverifieerd. In de noot wordt ook ingegaan op de vraag of de columnist meer vrijheid heeft en geen feiten behoeft te onderzoeken. Deze vraag is door het vonnis van de voorzieningenrechter in de Moszkowicz-zaak weer actueel geworden, omdat de rechter meende dat Kelder 'maffiamaatje' als columnist mocht zeggen en zich niet strikt op feiten behoefde te baseren.

21.02.2007


Veilig Internet, presentatie gehouden op 5 februari 2007 tijdens een debat georganiseerd door De Balie en XS4ALL over filteren op Internet.

Zie ook een videoverslag van het hele debat op de website van De Balie.

16.02.2007


Boerkaverbod is juridisch onwerkbaar
Een bekorte versie van dit artikel is verschenen in NRC Handelsblad op 21 november 2006.

Het artikel stelt dat de aangekondigde wetgeving ter uitvoering van de motie Wilders, die het dragen van de boerka in het openbaar beoogt te verbieden, technisch onuitvoerbaar is, een fundamenteel beginsel van anonimiteit van de burger tegenover de (staats)macht schendt en boerka dragende vrouwen verder in de verdrukking zal brengen.

23.11.2006


Regulating technology: Code is not law, in: E.J. Dommering & L.F. Asscher (red.), Coding Regulation: Essays on the Normative Role of Information Technology, The Hague: T.M.C. Asser Press 2006, p. 1-17.

Een analyse van de rol van technologie in de samenleving en de regulering van de risico's van technologie.

23.11.2006


(met L.F. Asscher, red.) Coding Regulation: Essays on the Normative Role of Information Technology, Information Technology & Law Series 12, The Hague: T.M.C. Asser Press, 2006.

The collected essays in this book concern the intriguing matter of the interaction between law and technology and the normative role of information technology. More precisely, they focus on the way information and communication technologies regulate human behaviour. Can information technology be an alternative to legal regulation and, if so, what are the risks? 
The issues raised in this book were discussed during a conference entitled Code as Code, held in Amsterdam. The report of the debate between leading experts who attended the conference forms the round-up in the book, as do the proposals for a future agenda for research.

09.11.2006


De extreem afwijkende mening, Mediaforum, 2006-6, p. 162-172.

Boekbespreking van A.L.J. Janssen & A.J. Nieuwenhuis, Uitingsdelicten, Deventer: Kluwer 2005; Quoc Loc Hong, The legal inclusion of extremist speech, Nijmegen: Wolff Legal Publishers 2005; T. Wolff, Multiculturalisme & neutraliteit, Amsterdam: De Vossiuspers 2005

23.06.2006


Annotatie bij EHRM 15 juli 2003 (Ernst e.a. / België) en Hoge Raad 2 september 2005 (Ravage), NJ, 2006-22, nr. 290 en 291, p. 2795-2797.

Schending van artikel 10 door ongerichte huiszoekingen in de redactielokalen en auto's van journalisten, waarbij ook materiaal in beslag is genomen waardoor de vertrouwelijkheid van bronnen van journalisten in gevaar komt. De Hoge Raad neemt de criteria van het EHRM over. 

08.06.2006


Boekbespreking van Digitale Diversiteit, Computerrecht, 2006-2, nr. 67, p. 137-140.

Bespreking van het proefschrift van P. Valcke. De probleemstelling van het proefschrift is, of er buiten het mededingingsrecht nog andere juridische instrumenten nodig zijn om het pluralisme in de samenleving te beschermen. In deze bespreking wordt een analyse gegeven van het begrip pluralisme. 

08.06.2006


Margarita en De Roy van Zuydewijn weer in gevecht, NOVA, 30 maart 2006.

Reportage over de rechtszaak tussen prinses Margarita en Edwin de Roy van Zuydewijn over opnames en transcripties van een gesprek met koningin Beatrix. Met reactie van E.J. Dommering over de vraag of je een gesprek mag opnemen en de inhoud ervan mag publiceren.

04.04.2006


De Deense beeldenstorm, NJB, 2006-11, p. 634-638.

Inmiddels is er in de media heel wat afgepraat en geschreven over vrijheid van meningsuiting, waarbij wij in Nederland ongeveer weer op het niveau van de "geitenneuker" discussie em "het recht om te beledigen" zijn uitgekomen. Het misverstand dat vrijheid van meningsuiting hetzelfde is als ongecontroleerde vrijheid van individuele expressie lijkt zich opnieuw vast te zetten.

17.03.2006


Opspraak in De Avonden, VPRO, 9 februari 2006.

Anton de Goede in gesprek met E.J. Dommering over de om zich heen grijpende beperking van de vrijheid van meningsuiting, ook op internet, waarbij wordt ingegaan op de kwestie van Google in China.

04.04.2006


Een moderne godsdienstoorlog, NRC Handelsblad, 3 februari 2006, p. 6.
Ook verschenen in Netkwesties, 2006-139, 3 februari 2006.

Inleiding over censuur en internet op het Weerwoordfestival dat van 26 tot 29 januari 2006 plaatsvond in de Leidseplein theaters in Amsterdam. 

03.02.2006


Annotatie bij EHRM 15 februari 2005 (Steel & Morris / Verenigd Koninkrijk), NJ, 2006-39, p. 339-350.

Noodzaak van processuele bijstand in een ingewikkelde perszaak in het Verenigd Koninkrijk. Hoogte van de schadevergoeding in relatie tot de zwakke vermogenspositie van een actiegroep.

03.02.2006


Annotatie bij EHRM 17 juli 2003 (Perry / Verenigd Koninkrijk), NJ, 2006-40, p. 350-357.

Schending van artikel 8 EVRM in verband met een zogenaamde Oslo-confrontatie (identificatie van een verdachte door getuigen temidden van op hem of haar gelijkende personen) door middel van videobeelden zonder toestemming van de verdachte en zonder processuale waarborgen.

03.02.2006


Blogged in, tuned out, of: de toekomst van de kranten, Netkwesties, 2006-138, 6 januari 2006.

Kranten en omroep verliezen steeds meer jonge lezers en kijkers. Het antwoord daarop is niet popularisering, maar bewaking van de kwaliteit van het medium.

03.02.2006


Bestaan er in de toekomst nog gereguleerde publieke elektronische media? in: W.A. Dolfsma & R. Nahuis (red.), Media & Economie, Markten in Beweging en een overheid die stuurt zonder kompas, Preadviezen voor de Koninklijke Vereniging voor Staathuishoudkunde 2005, Bank Nederlandse Gemeenten, p. 76-89.

In dit hoofdstuk worden de legitimaties van de overheid om met financiële en reguleringsinstrumenten in te grijpen in de markt van elektronische openbare media onderzocht. Van oudsher was dat de omroep in het bijzonder de door de overheid gefinancierde “publieke omroep”. De omwenteling die zich in de technologie heeft voltrokken (met name door het Internet) heeft tot fundamentele andere aanbod- en gebruiksvormen van informatie in elektronische presentatievorm geleid. De vraag is of de overheid elektronisch informatie aanbod nog wel op dezelfde wijze kan financieren en reguleren. Volgens de schrijver is dat niet het geval. Het is echter niet eenvoudig om de beleidssporen die in de afgelopen eeuw in het Nederlandse en Europese mediabeleid zijn getrokken fundamenteel te wijzigen.

08.12.2005


Strafbare verheerlijking, Nederlands Juristenblad, 2005-32, p. 1693-1696.

Een kritische beschouwing over het voorontwerp van wet dat beoogt de verheerlijking en vergoeilijking van daden van terrorisme strafbaar te stellen.

29.09.2005


Annotatie bij EHRM 18 mei 2004 (Plon / Frankrijk), NJ, 2005-401, p. 3575-3586.

De Franse rechter had tot in drie instanties de verspreiding verboden van het boek van de lijfarts van Mitterand, waarin uit de doeken werd gedaan dat de president al bij zijn ambtsaanvaarding aan prostaatkanker leed. Vervolgens werd de arts veroordeeld wegens schending van zijn beroepsgeheim. Het EHRM acht een verspreidingsverbod na een jaar niet langer gerechtvaardigd, mede omdat de inhoud van het boek op Internet stond.

29.09.2005


Annotatie bij EHRM (Grand Chamber) 17 december 2004 Pedersen en Baadsgaard / Denemarken), NJ, 2005-369, p. 3317-3331.

In een Deens Peter R. de Vries programma wordt kritiek geleverd op het functioneren van de politie in een moordonderzoek. De beschuldiging luidt dat er bewijsmateriaal is achtergehouden, welke beschuldiging ongegrond blijkt te zijn. De veroordeling is niet in strijd met artikel 10 EVRM. Criteria voor de bewijslast van de pers.

29.09.2005


Annotatie bij EHRM (Grand Chamber) 17 december 2004 (Cumpana en Mazare / Roemenië), NJ, 2005-368, p. 3307-3317.

In een krantenartikel wordt een cartoon geplaatst bij een artikel waarin personen in een overheidsfunctie worden beschuldigd van omkoping. De feitelijke grondslag voor de beschuldiging was onvoldoende, zodat de veroordeling wegens belediging op zich zelf gerechtvaardigd was. De opgelegde straf echter disproportioneel, zodat er toch een schending is van artikel 10 EVRM.

29.09.2005


Annotatie bij EHRM 16 november 2004 (Moreno Gomez / Spanje), NJ, 2005-344, p. 3107-3113.

De klaagster ondervindt sinds lange tijd geluidsoverlast. Nu deze geluidsoverlast het gevolg is van falend beleid van de gemeenteraad van Valencia, heeft de Spaanse overheid niet voldaan aan de uit artikel 8 EVRM voortvloeiende positieve verplichting om het privacyrecht van klaagster te beschermen. Evaluatie van de Hatton jurisprudentie van het Hof.

29.09.2005


Hilversum volstaat niet meer’, De Volkskrant, 11 juni 2005.

14.06.2005


De Apologie van het terrorisme’, Netkwesties, 2005-126, 6 mei 2005.

In Straatsburg is een verdrag tegen het aanzetten tot terrorisme in de maak (apologie van het terrorisme). Wat zou er gebeuren als we de Apologie van Willem van Oranje uit 1581 op het net zouden zetten?

10-05-2005


Annotatie bij EHRM 10 juli 2003 (Murphy), NJ, 2005-177, p. 1622-1633.

Een Iers overheidsorgaan verbiedt de uitzending van een religieuze reclamespot op een plaatselijk Iers commercieel station. Geen schending van artikel 10 EVRM.

10-05-2005


Annotatie bij EHRM 4 december 2003 (Gündüz), NJ, 2005-176, p. 1613-1622.

Veroordeling tot gevangenisstraf en een boete wegens haatzaaiende uitlatingen gedaan in een televisieprogramma in Turkije door een fundamentalist die voor opheffing van de scheiding van kerk en staat is. Schending van artikel 10 EVRM.

10-05-2005


Gebruik Koran niet in emancipatiestrijd’, bijdrage Opiniepagina NRC Handelsblad 31 maart 2005.

Reactie op een opiniestuk van de hoogleraar filosofie aan de Universiteit van Utrecht, Herman Philipse, waarin deze kritiek uit op het vonnis van de Haagse Voorzieningenrechter van 15 maart 2005, omdat deze het algemeen gebruik van de term pedofiel voor Mohammed in de toekomst onrechtmatig acht. In dit stuk wordt onder meer uiteengezet wat de termen 'to shock, offend and disturb' en 'chilling effect' die het EHRM bij meningsuitingen bezigt, precies betekenen.

12-04-2005


De toekomst van de publieke omroep’, Mediaforum, 2005-2, p. 44-52.

In dit artikel worden de rapporten van de Commissie Rinnooy Kan en de WRR (Focus op functies) geanalyseerd. In het bijzonder wordt ingegaan op de vraag welke legitimaties er voor het bestaan van de publieke omroep bestaan. Achtereenvolgens passeren de revue: wat is de taak van de publieke omroep, wie vertegenwoordigen de Nederlandse omroepverenigingen en heeft het begrip omroep nog bestaansrecht.

02-03-2005


Annotatie bij EHRM 24 juni 2004 (Caroline von Hannover / Duitsland), NJ, 2005-22, p. 149-163.

02-03-2005


Publieke Omroep tussen Overheid en Markt’, in: N.S.J. Koeman, A. ten Veen & J.R. van Angeren (red.), Overheid en markt, Deventer: Kluwer 2004, p. 159-177.

Een analyse van de positie van de publieke omroep in de steeds commerciëlere omgeving van de markt, de falende organisatiestructuur van de publieke omroep en de Europeesrechtelijke aspecten van de overheidsfinanciering (staatssteun).

09.12.2004


Pim Fortuyn, de grootste Nederlander? of: het verraad der intellectuelen’, Netkwesties, 2004-114.

19.11.2004
Annotatie bij EHRM 28 oktober 2003 (Steur / Nederland) en EHMR 21 maart 2002 (Nikula / Finland), NJ, 2004, nr. 554 en 555, p. 4491-4493.

De eerste zaak betreft een Nederlandse advocaat die in een verhaalsprocedure een ambtenaar van de sociale dienst beschuldigt van manipulatie. De tweede zaak betreft een Finse strafrechtadvocaat die zich fel uitlaat over het optreden van de Officier van Justitie bij de verdediging van een verdachte in een strafzaak. In de eerste zaak volgt een tuchtrechtelijke veroordeling door het Nederlandse Hof van Discipline en in de tweede zaak volgt een strafrechtelijke sanctie tegen de advocaat. In beide zaken acht het EHRM de uitingsvrijheid van de advocaat bij de gerechtvaardigde verdediging van de belangen van zijn cliënt geschonden.

02.11.2004


Lessen uit de geschiedenis van het Auteursrecht’, AMI, 2004-5, p. 157-167.

Naar aanleiding van drie studies over de geschiedenis van het auteursrecht, die in dit artikel worden besproken, worden enige lijnen naar het heden doorgetrokken. Betoogd wordt dat het drukkersprivilege geen pre-auteursrecht was, maar een vorm van eigendomsbescherming die nog steeds voortleeft. Auteursrecht is een eigendomsbescherming die in bepaalde omstandigheden werkt, maar in andere niet. Auteurs blijven in elk systeem de zwakke partij.

28.09.2004


Verslag van een bijeenkomst georganiseerd door het Architectuur Instituut Rotterdam (AIR) over het fotograferen van de Erasmusbrug, gehouden op 21 september in Rotterdam. Het verslag werd gemaakt door Archined.

Zijn de gebouwen die vanaf de openbare ruimte te zien zijn van ‘ons’ of van ‘de architect’? Mag je ze fotograferen en moet je daarvoor dan auteursrechtvergoeding betalen aan de architect? Over deze en vele andere vragen werd gediscussieerd in café Prachtig onder de Erasmusbrug in Rotterdam.

28.09.04


De grenzen van de vrijheid van meningsuiting’, Utrechts Dagblad, 21 juli 2004, BN/De Stem, 22 juli 2004, Limburgs Dagblad, 24 juli 2004, Het Parool, 31 juli 2004.

Naar aanleiding van de uitlatingen van rappers, Dijkstal en Pronk geeft deze bijdrage een analyse van de verslechtering van het klimaat van meningsuiting in Nederland.

04.08.2004


Annotatie bij EHRM 7 mei 2002 (McVicar / Verenigd Koninkrijk) en EHRM 13 november 2003 (Scharsach / Oostenrijk), NJ, 2004, nr. 337 en 338.

Het EHRM verduidelijkt het onderscheid tussen feitelijke en waarde oordelen.

13.07.2004


KPN vraagt toegang tot de kabel’, Netkwesties, 2004-100, 14 juni 2004.

Naar aanleiding van het verzoek van KPN aan de kabelexploitanten om toegang tot de kabel te krijgen om een eigen pakket televisieprogramma's aan te bieden, roept dit artikel de vraag op of KPN dan niet ook de breedbandtoegang tot haar eigen net geheel ontbundeld (dus zonder koppelverkoop met eigen toegangsdiensten) moet openstellen.

22.06.2004


De Telecommunicatiemarkt na 2004: Een nieuw reguleringsconcept voor de mededinging’, Het Financieele Dagblad, Telecommunicatiebijlage, 5 april 2004.

Een analyse van de nieuwe telecomregels die in april in Nederland in werking treden.

06.04.2004


Annotatie bij Hoge Raad 2 mei 2003 (Breekijzer-arrest), NJ, 2004, nr. 80.

Annotatie bij het arrest van de Hoge Raad dat de volgende vragen behandeld: verbod televisieuitzending in strijd met artikel 7 Gw? Strijd met artikel 10 EVRM? Portretbescherming ex. artikel 21 Aw in verband met een televisieuitzending. Wat is het effect van afblokken van een portret voor de privacybescherming?

 18.02.2004


Privacy en het openbaar debat na de Oudkerk-Van Royen affaire’, Netkwesties, 2004-80, 29 januari 2004.

04.02.2004


(met Andrew Nicol) Report on the case of Rzeczpospolita, commissioned by the World Association of Newspapers (WAN), december 2003.

Zie ook: Legal Opinion of Professor Egbert Dommering concerning the Freedom of the Press in relation to the numerous conflicts in and around the Company Presspublica between the government and the other shareholder, the management and the editors, presented in Warsaw, May 9, 2002.

04.02.2004


(met N.A.N.M. van Eijk, A.T. Ottow en O.L. van Daalen), Zes jaar bestuur en rechtspraak in de telecommunicatiemarkt, Amsterdam: Otto Cramwinckel (2003).

27.01.04
Tolerantie, de vrijheid van meningsuiting en de Islam’, in: A.W. Hins & A.J. Nieuwenhuis (red.), Van ontvanger naar zender: Opstellen aangeboden aan prof. mr. J.M. de Meij, Amsterdam: Otto Cramwinckel (2003), p. 89-109.

04.12.2003


Noot bij P.G. en J.H./ VK (EHRM 25 september 2001), NJ 2003, afl. 48, nr. 670.

04.12.2003


Telecommunicatie in de jaren negentig: Van de Big bang naar een geordend heelal of een nieuw zwart gat?’, in: H. Franken e.a., Zeven essays over informatie-technologie & recht, ITeR nr. 63, Den Haag: SDU, p. 171-226.

17.11.2003


De Thetanen van Scientology en de Übermenschen van Mein Kampf’, Netkwesties 2003-71.

23.10.2003


Annotatie bij arrest EHRM 16 april 2002 (zaak Colas Est), NJ 2003, 452.

10.09.2003


Annotatie bij arrest EHRM 2 oktober 2001 (zaak Hatton), NJ 2003, 454.

10.09.2003


Omtrent Deedee en het cameratoezicht’, Computerrecht, 2003-4, p.230.

02.09.2003


Grensoverschrijdende censuur: het EHRM en oude en nieuwe media’, te verschijnen in: Censures/Censuur, Larcier België, 16 mei 2003 (260 p.).

Artikel over censuur t.b.v. bundel n.a.v. congres Censures/Censuur, 16 mei 2003, Universitaire Stichting Brussel (inlichtingen: clotilde.legreve@larcier.be).

28.03.2003


Kritiek op cassatie in spamzaak is onzinnig’, Netkwesties 26 september 2002.

Alberdingk Thijm vindt dat de cassatie in de spamzaak onnodig, onzinnig, onwenselijk en onverstandig is. Zijn kritiek laat zich met een bijvoegelijk naamwoord afdoen: onzinnig.

30.09.2002


Een nieuw maatpak voor netwerkmarkten’, in: Informatie & Informatiebeleid (i&i) 2002-4, p. 24-33.

Analyse van de gemeenschappelijke kenmerken van netwerken (vervoer, energie, telecommunicatie) en de bijzondere kenmerken van de telecommunicatiemarkt. Dit vergt een eigen aanpak in dit soort markten als het gaat om mededingingstoezicht. Complicaties in de convergerende telecommunicatiemarkt waar de overheid nauwelijks raad mee weet.

17.09.2002


Noot bij de zaak Ekin, EHRM 17 juli 2001, NJ 2002, 444.

De verspreiding van een boek over de Baskische vrijheidsbeweging wordt in Frankrijk verboden. De Franse wetgeving was zodanig vaag, mede door de jurisprudentie van de Conseil d’État die pas in deze zaak werd verduidelijkt dat deze wetgeving een proportionele bedreiging van de uitingsvrijheid vormde. Toetsing van de verbodsnorm rechtstreeks aan het materiële criterium van ‘noodzakelijk in een democratische samenleving’.

17.09.2002


Fortuyn, de LPF en het Vrije woord’, in: Ars Aequi 51 (2002), p. 615-617

Juridische analyse van de ongegrondheid van de strafklacht tegen politici en media, ingediend door Spong en Hammerstein. Potentiële bedreigende effecten daarvan op de vrijheid van het openbare debat in Nederland.

17.09.2002


Strafklacht knevelt pers en politici’, opiniepagina NRC Handelsblad 15 mei 2002.

18.05.2002


Legal Opinion of Professor Egbert Dommering  concerning the Freedom of the Press in relation to the numerous conflicts in and around the Company Presspublica between the government and the other shareholder, the management and the editors, presented in Warsaw, May 9, 2002.

18.05.2002


Internet op z'n Spaans’, Netkwesties 2 mei 2002.

18.05.2002


Annotatie bij de zaak Tammer, EHRM 6 februari 2001, NJ 2002, nr. 158

Veroordeling van een Estlandse journalist wegens het gebruik van negatieve waarde-oordelen ten opzichte van de echtgenote van een politicus die te vergaan, omdat de betrokken echtgenote geen publieke figuur vormde, en ook niet voorwerp was van een openbaar debat. Geen strijd met artikel 10 EVRM.

18.05.2002


Annotatie bij de zaak Thoma, EHRM 29 maart 2001, NJ 2002, 159

Overneming van een met naam en toenaam aangeduid citaat uit een krant in een radio-uitzending waarin een negatief oordeel over de Luxemburgse over de ambtenarij wordt geveld ten onrechte door de Luxemburgse rechters onrechtmatig geacht. Strijd met artikel 10 EVRM.

18.05.2002


Annotatie bij de zaak Verein gegen Tierfabriken/ Zwitserland, EHRM 28 juni 2001, NJ 2002, 181

Het weigeren van een politieke reclameboodschap door de reclame-onderneming die het monopolie op uitzenden van reclameboodschappen voor landelijke televisiereclame in Zwitserland heeft, is in de gegeven omstandigheden in strijd met artikel 10 EVRM. Het feit dat de politieke boodschap zich aandient in de vorm van een reclamespot verhindert niet dat het Hof de beslissing van de nationale autoriteiten integraal toetst.

18.05.2002


(met P.B. Hugenholtz & J.J.C. Kabel) De overheid en het publiek domein van informatie voor wetenschappelijk onderzoek’, in: H. Dijstelbloem en C.J.M. Schuijt (red.), De publieke dimensie van kennis, Voorstudies en achtergronden (V110), Wetenschappelijke Raad voor het regeringsbeleid, Den Haag: SDU Uitgevers, 2002, p. 249-308.

07.05.2002


(Non)Editorial statements van ISP-ers’, Netkwesties, 24 januari 2002.

27.01.2002


(met S.J.R. Bostyn, J.K.M. Gevers & B.M. Vroom-Cramer) Moderne Biotechnologie en Recht (2e druk), serie Recht en Praktijk nr. 85, Kluwer.

(beschrijving: zie B.M. Vroom-Cramer)

29.06.2001


Een Tiroolse politieman of een Tiroolse privé detective? Over het internet en het mediarecht’, te verschijnen in: Internet en Recht, Brussel: Vrije Universiteit Brussel (2001).

Hoe langer hoe meer komt in Europa op de agenda van de mediawetgevers hoe zij het Internet zullen reguleren. Er bestaat de natuurlijke neiging het als elektronisch medium bij de omroep in te lijven. Dit artikel betoogt dat dat een fundamenteel verkeerde benadering is.

25.06.2001


(met N.A.N.M. van Eijk & N. Sitompoel) 'Toezicht en regulering in de telecommunicatiemarkt', Mediaforum 2001-6, p. 186-190.

Onlangs is het rapport Toezicht en regulering in de telecommunicatiemarkt’  verschenen, een studie naar de verschillende aspecten van algemeen en sectorspecifiek mededingingstoezicht (en regulering) in de telecom-sector. Een aantal van de betrokkenen bij het rapport vat hier de belangrijkste onderdelen samen en gaat tevens in op het recente concept-kabinetsstandpunt over de toekomstige inrichting van het telecommunicatietoezicht in Nederland.

15.06.2001


(met N.A.N.M. van Eijk, J.J.M. Theeuwes & F.O.W. Vogelaar) Toezicht en regulering in de telecommunicatiemarkt. Een analyse van sectorspecifiek en algemeen mededingingstoezicht.

Een in opdracht van OPTA uitgevoerde studie waarin de verschillende aspecten van sectorspecifiek en algemeen mededingingstoezicht in de telecommunicatie centraal staan. De studie bevat achtereenvolgens een economische analyse van sectorspecifiek en algemeen mededingingstoezicht, een vergelijking tussen beide vormen van toezicht, een overzicht van internationale ontwikkelingen en een analyse van de knelpunten bij sectorspecifiek toezicht.

10.05.2001


'Hoe lang laat ik mij op internet verlinken?', ESB 3 mei 2001, 86e jaargang, nr. 4307 (Dossier Informatiegoederen en marktwerking).

10.05.2001


'Nieuw auteursrecht voor de eenentwintigste eeuw?', Computerrecht 2001-3.

10.05.2001


De Nieuwe Brusselse Telecommunicatierichtlijnen’, Computerrecht februari 2001.

27.01.2001


De nieuwe Nederlandse Constitutie en de informatietechnologie’, Computerrecht 2000-4, p. 177-185.

30.06.2000


De consument mag nog steeds niet kiezen op de kabel’, NRC Handelsblad, mei 2000.

30.06.2000


E.J. Dommering (red.), met bijdragen van Lodewijk Asscher, Egbert Dommering, Nico van Eijk, Jan Kabel, Aernout Nieuwenhuis en Gerard Schuijt, Nirmala Sitompoel (eindredactie), Informatierecht. Fundamentele rechten voor de informatiemaatschappij, Amsterdam: Cramwinckel.

Hoofdstuk 1 van het boek is beschikbaar.

Wordt de informatiesamenleving gecontroleerd door dominante partijen of door onafhankelijke burgers? Dit boek behandelt die vraag vanuit de drie kernrechten van informatie: uitingsvrijheid, privacy en auteursrecht. Deze worden voor het eerst in hun onderlinge en historische samenhang vanaf de drukpers tot het Internet geanalyseerd. De informatiebetrekkingen tussen de burgers kunnen niet bestaan zonder elektronische en printmedia. Het boek gaat daarom ook over de pers, de omroep, de post, de telecommunicatie, het Internet en databanken. Het afsluitend deel bevat een analyse van de samenhang tussen deze regels met de informatietechnologie, de cultuur en economie.
Het boek laat zich niet alleen lezen als een spannend historisch verhaal, maar het nodigt ook uit tot nadenken over theoretische grondslagen. Het is daarom geschikt voor onderwijs en wetenschap. Het bevat bondige inleidingen op o.a. het Europees Verdrag voor de Rechen van de Mens, de relevante delen van het EG recht, de Mediawet, de Wet bescherming persoonsgegevens, de Postwet en de Telecommunicatiewet, die nooit eerder in deze samenhang werden getoond. Dat maakt dit boek ook zeer geschikt voor de rechtspraktijk.

24.01.2000


Commentaar op het vonnis in kort geding: Huibregtsen vs. De Volkskrant.

07.09.1999


Manipulatie van nieuwsfoto's: wie weg is was niet gezien’, Mediaforum 1998 (6), p. 172-176.

Over geschiedsvervalsing met foto’s in het Stalinistische tijdperk. De analyse van de verschillende vormen van vervalsing wordt doorgetrokken naar de digitale fotografie en gedemonstreerd aan de hand van een recent voorbeeld van manipulatie in de Paris Match van april 1998. De vraag moet worden gesteld of er niet strikte beroepsregels moeten komen voor de bewaking van authenticiteit in een tijdperk waarin het verschil tussen origineel en negatief wegvalt.

03.07.1998


'De Grondwet in de Informatiemaatschappij. Bestaan er techniek-onafhankelijke informatiegrondrechten?', in: Grondwet in beeld, 1998.

04.07.2000


The Dutch System of Financing of Public Broadcasting’, in: Rüdiger Pethig en Sofia Blind (ed.), Fernsehfinanzierung. Ökonomische, Rechtliche und Ästhetische Pesppektiven, Westdeutscher Verlag: Opladen/ Wiesbaden 1998, p. 248-255.

Het artikel analyseert het financieringssysteem van de publieke Nederlandse omroep en behandelt de drie argumenten die gewoonlijk ter rechtvaardiging van de omroepbijdrage worden aangevoerd: het dienstverleningsargument, het belastingargument en het culturele argument. De conclusie is dat geen van de drie rechtvaardigingsgronden nog geldig is.

03.08.1998


Advertising and Sponsorship Law - Problems of Regulating Partly Liberalised Markets’, in: Europäisches Medienrecht - Fernsehen und seine gemeinschaftsrechtliche Regelung, Band 18 Schriftenreihe des Instituts für Europäisches Medienrecht, Saarbrücken Verlaggruppe Jehle Rehm: München/Berlin 1998, p. 49-60.

Het artikel analyseert de jurisprudentie van het HvJEG over de uitleg van de TV richtlijn, waar het gaat om de regels voor grensoverschrijdende reclame en sponsoring.

03.08.1998


Een grondrecht op vertrouwelijke communicatie’, gepubliceerd onder de titel ‘Geen telefoongeheim op de elektronische snelweg’, Mediaforum (9), 1997-10, p.142-147.

In 1997 werd er een voorstel tot wijziging van artikel 13 van de Grondwet aan de Tweede Kamer aangeboden. Dat artikel zegt in zijn huidige versie dat het briefgeheim en het telegraaf- en telefoongeheim onschendbaar zijn. De grondwetgever vindt echter dat het recht niet aan de techniek moet worden gebonden, reden waarom er wordt voorgesteld er een recht op vertrouwelijke communicatie van te maken. De koppeling van de bescherming aan het begrip 'vertrouwelijk' levert echter een aanzienlijke beperking van de grondwettelijke bescherming op. Dit artikel analyseert de consequenties. Tevens wordt stilgestaan bij de effecten van de privatisering op de grondwettelijke bescherming van brief- en telefoongeheim. Maar eerst wordt de vraag gesteld om wat voor soort grondrecht het nu eigenlijk gaat.

06.04.1998


De Nederlandse kabel; rolwisseling of rolconflict’, Computerrecht 1997-3, p.95-101.

De kabel (draadomroepinrichting) heeft zich in Nederland van een omroeptransportmedium ontwikkeld tot een alternatieve infrastructuur voor een gevarieerd dienstenaanbod. Toch is de kabel een hybride gebleven tussen telecommunicatie en omroep, tussen verantwoordelijkheid voor transport en verantwoordelijkheid voor inhoud van de informatie. In dit artikel worden de juridische en politieke verwikkelingen waar dit toe heeft geleid en nog leidt in het kort geanalyseerd. De laatste politieke verwikkeling: Het basispakket dat de kabelexploitant volgens de wetgever verplicht moet aanbieden, wordt in strijd geacht met het Europese recht. Het artikel behandelt de media- en telecommunicatierechtelijke aspecten. Soortgelijke vragen zouden ook voor het auteursrecht kunnen worden gesteld, maar dat gaat het bestek van dit artikel te buiten. Tot slot worden enige constitutionele vragen gesteld en een vergelijking getrokken met de Verenigde Staten.

06.04.1998


Het auteursrecht spoelt weg door het elektronisch vergiet. Enige gedachten over de naderende crisis van het auteursrecht’, Computerrecht 1994-3, p. 109-113 (tevens gereviseerde Engelstalige versie beschikbaar).

Auteursrechtelijke werken worden opgeslagen in elektronisch toegankelijke databanken. Dat schept geheel nieuwe vragen voor de exploitatie van deze werken. Men heeft het over elektrokopieën van pagina's uit boeken. In dit artikel wordt de elektrokopie behandeld als een spook uit het papieren tijdperk. Wij zullen naar geheel nieuwe concepten toe moeten voor de exploitatie van informatie die over elektronische snelwegen zoeft, en multimediaal aan de gebruiker wordt aangeboden.

06.04.1998


Op de site van het NRC Handelsblad: E.J. Dommering, ‘Op de elektronische snelweg ontbreekt het briefgeheim’.

13.01.1998


'The Dutch Audiovisual Landscape: An Interesting European Case', in: Santiago Munoz Machado (ed.), Derecho Europeo del Audiovisual, Tomo I, 521-534, Madrid: 1997.

Dit artikel analyseert het Nederlandse omroepbestel in het licht van het Europees recht.

06.04.1998


De Nederlandse publieke discussie en de politionele akties in Indonesië’, NJB 1994, p. 277.

Op 17 november 1993 gelastte het Gerechtshof te Leeuwarden naar aanleiding van een klacht van een oud-militair die na WO II in Indonesië in het Nederlandse leger heeft gevochten een strafvervolging wegens smaad van Graa Boomsma, schrijver van de roman "de Laatste Tyfoon" die de politionele akties tot onderwerp heeft. Dit moet volgens het Hof gebeuren omdat de schrijver in een interview van 6 maart 1992 in het Nieuwsblad van het Noorden onder meer over Nederlandse militairen in die politionele akties heeft gezegd " Ze waren geen SS-ers, nee, ook al konden ze door de dingen die ze deden er wel degelijk mee worden vergeleken".

Hoe moet zo'n uitlating worden beoordeeld in het licht van de de Nederlandse dekolonisatiegeschiedenis en het vrije openbare debat daarover? Een onderzoek naar "verboden" metaforen en de vrijheid van meningsuiting.

18.05.2002


Bijgewerkt 26.06.2009